Astmaklachten bij omwonenden van nertsenfokkerijen

DEN HAAG - Bij omwonenden van nertsenfokkerijen wordt relatief vaker astma geconstateerd dan elders in het land. Ook astmapatiënten die vlakbij grote veehouderijen wonen, hebben meer last van infecties aan luchtwegen.

Deze conclusies komen van medewerkers van de Universiteit Utrecht en van twee instituten die zich bezig houden met de gezondheidszorg. Ze hebben een lang verwacht onderzoek in Brabant en Limburg afgerond. Ondanks de vaststellingen is het nog niet mogelijk een directe relatie te leggen tussen de gezondheid van omwonenden en de aanwezigheid van intensieve veehouderijen.

Advies Gezondheidsraad
Verder onderzoek is vereist. Minister Edith Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft hiermee al ingestemd. De Gezondheidsraad is om advies gevraagd en dat wordt binnen zes maanden verwacht.

De Tweede Kamer houdt donderdagavond met de betrokken bewindslieden een spoeddebat over het onderzoek. Dit gebeurt op verzoek van Henk van Gerven, het Tweede-Kamerlid voor de SP uit Oss.

Conclusies Tussenrapport
Eerder dit jaar kwam een tussenrapport naar buiten, waarin vergelijkbare, algemene conclusies werden getrokken. Het definitieve onderzoek werd in 2009 in gang gezet en is opgesteld door de Universiteit Utrecht, het Rijks Instituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en het NIVEL, het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg.

Directe aanleiding voor de studie was de maatschappelijke bezorgdheid over de gevolgen van de schaalvergroting in de veehouderij op de volksgezondheid. Vooral in Oost-Brabant bestaat hierover al lang ongerustheid.

Advies klankbordgroep
De resultaten zijn vorige week al gepresenteerd aan een maatschappelijke klankbordgroep. Haar is om advies en commentaar gevraagd. De groep bestaat uit vertegenwoordigers van gemeenten, provincies, waterschappen, GGD’en, de Zuidelijke Land- en Tuinbouw Organisatie en milieuorganisaties. Ook zitten er huisartsen in. De meeste leden komen uit Brabant. Ook Limburg, Gelderland en Zeeland worden vertegenwoordigd.

Hoge concentratie fijnstof
Uit de onderzoeksresultaten halen ze onder meer dat wordt aangetoond dat mensen in de directe omgeving van veehouderijen via de buitenlucht worden blootgesteld aan hogere concentraties fijnstof en dat effecten op de luchtwegen niet uit kunnen blijven. Verder blijkt dat kinderen die in de buurt van veehouderijen wonen, vaker eczeem hebben en dat omwonenden van nertsenbedrijven een nertsenallergie hebben ontwikkeld.

Het was al langer bekend dat er een verband bestaat tussen de verspreiding van de Q-koortsbacterie en geitenhouderijen. In de buurt van geiten- en pluimveebedrijven komt ook longontsteking vaker voor.

Te weinig lokaties onderzoek
De klankbordgroep vindt dat ‘dit eerste verkennende onderzoek een belangrijke bijdrage kan leveren aan de discussie die nu gaande is over intensieve veehouderij.’ De groep meent echter ook dat er op te weinig lokaties studie is verricht. Ook hebben de onderzoekers zich volgens haar op te weinig verschillende veehouderijen gericht. Verder hadden meer specifieke activiteiten in de veesector onder de loep moeten geworden.

De klankbordgroep sluit zich aan bij de aanbeveling van de onderzoekers om de studie uit te gaan diepen. Ze vindt ook dat er criteria moeten komen op grond waarvan bij mensen die in de buurt van veehouderijen wonen gezondheidseffecten kunnen worden vastgesteld door de uitstoot van fijnstof.

Minister negeert aanbeveling
Overigens legt minister Edith Schippers de aanbeveling van de onderzoekers naast zich neer om een onderzoek in te stellen naar de relatie tussen astma en hooikoorts bij omwonenden van nertsenfokkerijen. Dit heeft te maken met de discussie in de Eerste Kamer over een verbod op de pelsdierhouderij.

LTO, de belangenorganisatie van boeren en tuinders, kan zich vinden in de uitkomsten van het onderzoek. Volgens haar mag worden gesteld dat mensen in de buurt van veehouderijbedrijven even gezond zijn als mensen elders op het platteland. Dit houdt in dat er geen relatie is tussen veehouderijen en gezondheidsrisico’s voor omwonenden, aldus de Astense LTO-bestuurder Toon van Hoof. "Uit een oogpunt van volksgezondheid zijn er dus geen argumenten om bedrijfsontwikkeling in de intensieve veehouderij af te remmen of te blokkeren", zo voegt hij er aan toe. Ook zegt Van Hoof dat veehouders weten dat zij via management of huisvestingssysteem nog meer kunnen doen aan het terugdringen van uit te stoten stoffen.

print corrigeer
Publicatie: dinsdag 21 juni 2011 - 11:28
Auteur: Hans Janssen