'Veel fouten Defensie bij dood sergeant Boy van Geffen op oefenterrein bij Budel-Dorplein'

BUDEL-DORPLEIN - Bij de dood van de 20-jarige sergeant Boy van Geffen zou Defensie tientallen fouten hebben gemaakt. Dat meldt het tv-programma Dossier EenVandaag woensdag. Het programma zegt te beschikken over een vertrouwelijk onderzoeksrapport van Defensie. Van Geffen stierf in 2011 na een training bij de Luchtmobiele Brigade bij Budel-Dorplein.

In het rapport in het bezit van EenVandaag staat dat er onvoldoende instructeurs waren om toe te zien op de fatale oefening. Bovendien werd er geen arts ingeschakeld toen Van Geffen de eerste klachten kreeg. Daarnaast was het onduidelijk wie welke taken en verantwoordelijkheden had.

Een bijkomend probleem is de cultuur binnen het leger. Die laat 'de ruimte tot het nemen van onvoldoende doordachte en daardoor onnodige risico's', staat in het rapport. Volgens een woordvoerder gaat het waarschijnlijk inderdaad om een authentiek rapport van Defensie.

Overleden na oefening
Van Geffen deed in juni 2011 mee aan een zelfverdedigingsoefening van de Luchtmobiele Brigade. Ongeveer 1,5 uur na de oefening werd hij onwel. Hij is toen eerst naar het ziekenhuis in Weert en later naar het ziekenhuis in Maastricht gebracht.

Bijna een week na de oefening bezweek de militair. Mogelijk is Van Geffen overleden door klappen die hij kreeg tijdens de oefening.

'Doodsoorzaak niet duidelijk'
Defensie zegt in een reactie dat de dood van Van Geffen weliswaar is veroorzaakt tijdens een militaire training, maar achteraf valt niet precies te achterhalen wat de doodsoorzaak nou is. "We zijn echter aansprakelijk en verantwoordelijk, dat hebben we erkend. We betreuren wat er is gebeurd en leven mee met de familie.''

De woordvoerder voegt er aan toe dat er maatregelen zijn genomen na de dood van de sergeant. "Zo krijgen de begeleiders aanvullende training over hoe ze moeten reageren op vermeend letsel. De sportinstructeurs zijn bijgeschoold.''

print corrigeer
Publicatie: woensdag 9 april 2014 - 18:29
Auteur: Bert van Doorn