'Brabantse Blitzkrieg' dreigde zeventig jaar geleden na de bevrijding

GEERTRUIDENBERG - Het is deze week precies zeventig jaar geleden dat er groot alarm werd geslagen in bevrijd Brabant. Vanuit het bezette noorden dreigde, net voor Kerstmis, een massale Duitse aanval. Tienduizenden Duitsers stonden klaar om het rivierengebied over te steken tussen Dinteloord, Geertruidenberg en Heusden.

Duitse parachutisten bereidden zich voor op luchtlandingen in en rond Tilburg. Maar de geallieerden roken onraad en sloegen alarm. Ze bewapenden zelfs de soldaten ver achter het front. Tankeenheden werden naar strategische plekken gemanoeuvreerd om klaar te zijn voor de verrassingsaanval die het Ardennen-offensief moest ondersteunen. Maar de Duitsers kwamen niet....

De bedenker van deze terugkeer naar Brabant was parachutisten-generaal Kurt Student. Hij vond het vreemd dat de legerleiding alleen via de Ardennen naar Antwerpen oprukte. Dat Ardennen-offensief was op 16 december losgebarsten. Student wees er op dat de opmars naar Antwerpen via Brabant veel korter en dus sneller was. Student kreeg vanuit Berljjn groen licht op 17 december 1944.


Geheim bevel voor verrassingsaanval via Breda
Op een geheime Duitse legerorder is te lezen dat het een verrassingsaanval moet worden: door het Land van Heusden en Altena, over Oosterhout en Breda naar Antwerpen. Militair-historicus Johan van Doorn vond de geheime order, die gedateerd is op 21 december 1944, in het Bundesarchiv in Duitsland. Deze dreigende 'Brabantse blitzkrieg' is een vrij onbekend hoofdstuk uit de Tweede Wereldoorlog in ons land.  

De Duitse plannen staan zwart op wit en vermelden exact waar de Duitse troepen zich moesten formeren voor de grote aanval. Ook de doelwitten waren zorgvuldig uitgekozen. Parachutisten moesten bijvoorbeeld het Canadese hoofdkwartier aan de Goirleseweg in Tilburg uitschakelen net als de geallieerde kanonnen bij Kaatsheuvel.

Voor de overtocht met de Duitse tanks over de rivieren waren speciale boten gemaakt. Opvallend is ook dat de Duitsers er op gokten dat het slecht weer zou worden, zodat de geallieerden geen luchtaanvallen konden uitvoeren.

Bruggen opgeblazen, mijnenvelden aangelegd en bakkers kregen geweer
Volgens Van Doorn, die zich al jaren verdiept in de gebeurtenissen toen, hadden de geallieerden tijdig lucht gekregen van de dreiging. Vanuit het verzet in bezet Nederland kwamen berichten dat er iets stond te gebeuren aan de frontlijn.

De reactie was veelzeggend. Van Bergen op Zoom tot achter Den Bosch werden pas aangelegde bruggen voorzien van springstoffen en zelfs (opnieuw) opgeblazen. Er kwamen ook mijnenvelden. De zorgen waren groot omdat net het grote Duits offensief was begonnen in de Ardennen. Daar gingen veel militairen naar toe en Brabant was minder goed verdedigd.

Rustig kerst vieren zat er niet in, in ieder geval niet voor de Canadezen. Zelfs de Britse broodbakkers in Roosendaal moesten permanent hun geweer dragen als ze aan het werk waren.

'Christmas-Alarm'
Pas later bleek dat de Duitsers wel wilden komen maar niet konden, onder meer door zoiets simpels als een tekort aan benzine voor de tanks. Bovendien stokte het Ardennen-offensief rond de kerstdagen. Al snel kwamen de eerste berichten dat Duitsers zich terugtrokken in het gebied van de grote rivieren en toen kon dit 'Christmas-Alarm' worden opgeheven, zoals de Canadezen het noemen.

Pas in de eerste dagen van1945 werd duidelijk dat de Duitsers niet meer in staat waren om deze geplande legeroperatie uit te voeren. Anders zouden de geschiedenisboekjes misschien hebben gesproken over het Ardennen-offensief én het 'Brabant-offensief.'

print corrigeer
Publicatie: zondag 21 december 2014 - 14:18