380kV: Waar komt die 'muur van 60 meter hoog en 65 kilometer lang'?

DEN BOSCH - Een muur van 60 meter hoog en 65 kilometer lang, dwars door West-Brabant. Dat was het beeld dat een van de tegenstanders van de nieuwe hoogspanningslijn van Rilland naar Tilburg vrijdagmorgen tijdens een hoorzitting van Provinciale Staten schetste. Die 'muur' komt er, de vraag is alleen waar.

TenneT, de organisatie die verantwoordelijk is voor de aanleg, heeft 30 maart het rapport klaar waarin alle tracé’s met hun voors en tegens staan. Vervolgens zal de minister in juni 2017 uit deze alternatieven een nieuw voorgenomen voorkeursalternatief van Rilland tot Tilburg bepalen.

Initiatief GroenLinks
Provinciale Staten (PS) van Brabant hebben in deze kwestie geen beslisrecht over de 380 kilovolt-lijn. Maar ze kunnen wel, via een orgaan waarin de provincies Brabant en Zeeland en alle betrokken gemeenten zijn vertegenwoordigd, hun mening geven. Daarom werden vrijdagmorgen op initiatief van GroenLinks alle betrokkenen gehoord in het provinciehuis in Den Bosch.



Bonte stoet
Uit West-Brabant was een bonte stoet naar de hoofdstad getrokken. Achter vertegenwoordigers van het Rijk, Tennet, het RIVM, de Brabantse Milieufederatie (BMF), zaten veel actievoerders uit de Westbrabantse steden en dorpen in de statenbankjes. En naar al die actievoerders moet je dan volgens een inspreker die Den Hout vertegenwoordigde dan weer niet luisteren. Die actievoerders hebben het alleen over natuur en niet over mensen. Natuur kun je compenseren, mensen niet, zei hij. Zelfs actievoerders zijn het niet eens.



Dat die lijn er moet komen staat voor TenneT vast. De 150kV lijn die nu vanuit de elektriciteitscentrale in Borssele komt, zit vol. Als je daar onderhoud aan moet plegen, moet de stroom er af en dan branden in grote delen van onze provincie de lampen niet meer.

Noord of zuid?
Er zijn verschillende manieren om die 65 kilometer lange hoogspanningsleiding (waar 380 kilovolt doorheen kan) van Rilland naar Tilburg aan te leggen. De twee belangrijkste zijn het noordelijke- en het zuidelijke tracé. Het noordelijke gaat ten westen van Roosendaal, tussen Oud-Gastel en Oudenbosch, ten noorden van Zevenbergen, onder Raamsdonksveer en Geertruidenberg door en via ’s-Gravenmoer naar Tilburg. Het zuidelijke tracé buigt door het noorden van Roosendaal af en gaat ten noorden van Etten-Leur en Breda, ten zuiden van Oosterhout en Dongen naar Tilburg.



Not in my backyard
Tot 2014 maakte het noordelijke tracé de grootste kans. In dat jaar keerde het tij en leek het zuidelijke tracé de voorkeur te krijgen. Daar kwam veel verzet tegen. In elk gehucht is wel een actiegroep opgericht wat een statenlid deed opmerken: het is een hoog not in my backyard-gehalte. Maar al die actiegroepen vertegenwoordigen tezamen duizenden inwoners van West-Brabant.

Tijdens de bijeenkomst in het provinciehuis was een lichte voorkeur voor het noordelijke tracé. Tenminste, als het dan toch moet. Kon dat in 2014 niet volgens TenneT, nu zou wel kunnen. Dan zou er een nieuwe lijn op afstand, maar wel ten dele parallel aan de bestaande hoogspanningslijn lopen. 

Doomscenario vogels
Waar alle actiegroepen vooral mensen vertegenwoordigen, maakte de BMF een rapport waarin de gevolgen van elk tracé voor de natuur staan beschreven. Vooral vogels wacht een doemscenario als de hoogspanningslijn wordt aangelegd. Dat riep bij veel mensen de vraag op waarom de hoogspanningsdraden niet ondergronds kunnen. TenneT is daar helder in. Als je een draadbreuk hebt, dan is die bovengronds binnen een paar uur wel gerepareerd. Ondergronds kan het wel dagen duren voordat die überhaupt is gevonden. Niemand wil een week zonder stroom zitten, aldus TenneT. Waarschijnlijk is dat wat iedereen in de statenzaal gemeen had.

print corrigeer
Publicatie: vrijdag 24 maart 2017 - 13:52
Auteur: Jan de Vries