‘Schade bij overstroming kan oplopen tot 14 miljard', minister bezoekt stroomgebied Maas

MEGEN - 140 miljoen euro is er volgens de provincie en Waterschap Aa en Maas nodig voor het plan om bewoners in het stroomgebied van de Maas tussen Lith en Ravenstein veilig te houden. De hoop is dat Den Haag de helft van dat bedrag wil ophoesten. En dus werd maandagmiddag bij een bezoek van minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat de rode loper uitgerold.

Door klimaatverandering zijn extreme regenbuien én langere periodes van droogte een steeds grotere bedreiging voor inwoners in het stroomgebied van de rivier in zowel Brabant als Limburg. “De extremen nemen steeds meer toe”, zegt dijkgraaf van Aa en Maas Lambert Verheijen. “Of het water staat heel hoog waardoor overstroming dreigt, of de rivier heeft nauwelijks water waardoor het scheepvaartverkeer in de problemen komt.”

Enorme schade
Hoewel het water niet direct tot aan de lippen staat, is de schade als het fout gaat nauwelijks te overzien. “Het is echt heel belangrijk om de veiligheid nu op orde te krijgen”, benadrukt Verheijen. “Er wonen 270.000 mensen die geraakt kunnen worden door een overstroming, de schade kan oplopen tot 14 miljard euro.”

LEES OOK: 400 miljoen euro voor droge voeten langs de Maas in Brabant en Limburg

Een belangrijk onderdeel van het plan dat maandag aan de minister werd voorgelegd, is om de Maas weer deels in zijn ‘natuurlijke staat’ te herstellen. Dat betekent dat delen van de uiterwaarden worden uitgegraven zodat het water meer ruimte krijgt. “Als we dat niet doen, dan zouden we de dijken een meter moeten verhogen. Met dit plan is dat 50 centimeter", zegt Verheijen. 

400 miljoen euro
De overheid maakte in 2016 al bekend 400 miljoen euro beschikbaar te stellen voor de aanpak van de problemen, maar het is nog onduidelijk hoe dat geld verdeeld gaat worden. Daar gaf Van Nieuwenhuizen maandag ook nog geen uitsluitsel over. Wel zegt ze de problemen goed te kennen: “De heftige buien die een tijd geleden waren voorspeld voor 2050, zijn er nu al. We moeten dus ook nu al maatregelen nemen en zorgen dat we er klaar voor zijn.” Toch wil de minister nog geen concrete toezeggingen doen: “Ik wil eerst weten wat voor plannen er allemaal liggen. Dan weet ik pas hoe ik het beschikbare geld op een goede manier kan inzetten.”  

print corrigeer
Publicatie: maandag 11 juni 2018 - 17:04
Gewijzigd: dinsdag 12 juni 2018 - 08:46
Auteur: der Valk Tobias van