Brabantse boeren blijven bij hun leest

EINDHOVEN - Brabantse boerenbedrijven blijven als geen ander bij hun leest, al is in onze provincie nog steeds ongeveer een kwart van de boeren aangewezen op nevenactiviteiten. Dat is nog altijd veel minder dan in andere provincies waar tot soms wel zestig procent van de boerenbedrijven er iets naast moet doen, zoals in de provincie Utrecht.
Dat blijkt uit maandag vrijgegeven nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het meest kiezen Brabantse boeren tegenwoordig voor verkoop van hun producten aan huis, iets dat de laatste jaren weer sterk terug aan het komen is. In 2009 waren er in Brabant 414 boerderijen waar je kaas, melk of bijvoorbeeld ambachtelijk brood kon kopen. In 2011 waren dat er al meer dan de helft meer: 628; overigens nog steeds niet meer dan vijf procent van de boerenbedrijven in Brabant.

Dat is trouwens nog altijd minder dan vroeger. In 1998, toch nog niet zo heel lang geleden, rinkelde nog bij ruim achthonderd Brabantse boerenbedrijven regelmatig de kassa.

Bijbeunen
Het starten van een winkeltje is bij boeren in heel Nederland in opkomst. In Limburg maak je de meeste kans iets te kunnen kopen als je als wandelaar bij de boerderij binnenwandelt en ook in Zeeland is deze bijverdienste erg populair.

Naast het starten van een winkeltje kiezen veel Brabantse boeren er voor om stalling van andermans dieren of spullen, zoals caravans bijvoorbeeld, toe te staan (4,6%) of om zelf elders als loonwerker aan de slag te gaan (4%).

Bijbeunen
Het feit dat in Brabant relatief weinig bijgebeund hoeft te worden, heeft volgens een woordvoerder van het CBS onder andere te maken met de grootschaligheid van de agrarische sector in onze provincie. De glastuinbouw in het westen is relatief vaak grootschalig van aard met veel personeel, waar de boer eerder een manager is.

Toch is het verschil met bijvoorbeeld Zuid-Holland, met in het Westland vele kilometers vol glastuinbouw, opmerkelijk: daar is toch een kleine veertig procent van de boerenbedrijven aangewezen op een nevenactiviteit om het hoofd boven water te houden.

Agrarische bedrijven met nevenactiviteiten
Utrecht 60,94%
Friesland 51,96%
Noord-Holland 49,54%
Zeeland 47,51%
Groningen 46,38%
Zuid-Holland 39,23%
Flevoland 33,24%
Gelderland 32,48%
Limburg 32,43%
Drenthe 28,86%
Overijssel 25,61%
Brabant 24,02%

Totaal Nederland 36,00%

Nevenactiviteiten Brabantse boeren
Verkoop aan huis 5,02%
Stalling van goederen en dieren 4,58%
Loonwerk voor derden 4,04%
Agrarisch natuur en landschapsbeheer 3,67%
Agrotoerisme 3,19%
Zorglandbouw 1,21%
Verwerking landbouw producten 1,15%
Boerderij educatie 0,91%
Agrarische kinderopvang 0,21%
Aquacultuur 0,04%
Meer over dit onderwerp:
boerenbedrijven cbs nevenactiviteiten