Graven van moordslachtoffers onder de loep: meestal niet ver van de moordplek

DEN BOSCH - Moordenaars begraven hun slachtoffers vaak niet verder dan vijf kilometer van de plek waar ze om het leven zijn gebracht. Dat blijkt uit onderzoek van criminologe Lieke Dix uit Den Bosch.
Voor haar afstuderen onderzocht Dix 88 graven van moordslachtoffers die sinds 1960 zijn ontdekt in Nederland.

Criminelen rijden verder om lichamen te dumpen
Voornaamste conclusie is dat bijna de helft van de slachtoffers binnen een straal van vijf kilometer werd gevonden. Zestig procent wordt binnen een straal van tien kilometer begraven. Verder dan twintig kilometer worden lichamen zelden gedumpt.

Er zijn natuurlijk uitzonderingen. Voornamelijk daders in het criminele circuit leggen grotere afstanden af om zich van hun slachtoffers te ontdoen. Het onderzoek van Dix staat uitgebreid in de laatste editie van politievakblad Blauw.

Als we de conclusies van het onderzoek naast een aantal geruchtmakende moordzaken in Brabant leggen, blijken de resultaten aardig te kloppen.

Overzicht Brabantse lijkdumpingen:
Grenslijk
Zo werd in 2007 in Baarle-Nassau het lichaam Katrina Khaniak gevonden. Haar lichaam lag in de slaapkamer van haar dochter. De zaak staat bekend als die van het 'grenslijk'. De vrouw werd vermoord door haar vriend en verstopt in een kist.

Nicole van den Hurk
Actueel is de rechtszaak rond de vermoorde Nicole van den Hurk uit Eindhoven. Ze verdween in 1995 spoorloos toen ze op weg was naar haar werk. Haar lichaam werd destijds zo'n tien kilometer verderop gevonden in de bossen bij Lierop.

Elsa Tisseur
Elsa Tisseur werd in 2010 slachtoffer van haar vriend. Ze woonden in Veghel. Het lichaam van de vrouw werd zo'n vijf kilometer verderop gevonden in een bos bij Wijbosch.

De Brabantse criminologe Dix is inmiddels afgestudeerd en werkt bij haar oude stageplek het Nederlands Forensisch Instituut.