Aanpak overlast veehouderij: de ene gemeente luistert wel, de andere niet

DEN BOSCH - Mensen die op het Brabantse platteland wonen en last hebben van veebedrijven vinden bij de ene gemeente veel meer gehoor dan bij de andere. Dat blijkt uit een overzicht van de deelname van gemeenten aan de 'urgentiegebieden-aanpak' van de provincie.

De provincie wil daarmee oplossingen zoeken voor plaatsen in Brabant waar mensen veel last hebben van fijnstof en stank, maar is afhankelijk van de medewerking van gemeenten. Volgens Marco van der Wel van de Partij voor de Dieren leidt dit tot grote ongelijkheid tussen bewoners van de ene en de andere gemeente.

Andere aanpak
Uit het overzicht blijkt dat bijvoorbeeld de gemeente Someren, dat in een veedicht gebied ligt geen urgentiegebieden wil aanwijzen. Ook kiezen veel gemeenten voor een andere aanpak dan de provincie wil. Boxmeer heeft het bijvoorbeeld niet over urgentiegebieden maar over 'aandachtsbedrijven'. Cuijk gebruikt de term 'knelpuntsituaties'. Oirschot is één van de gemeenten die de aanpak van de provincie wel volgt.

Geen machtsmiddelen
Provinciebestuurder Anne-Marie Spierings zoekt een methode om de achterblijvende gemeenten tot actie aan te zetten. Maar ze heeft daarvoor geen machtsmiddelen. Ze riep daarom de politieke partijen in Provinciale Staten op om gemeenten via de gemeenteraad tot een actievere houding op te roepen.

Deel dit artikel: