Hoe de Tour van '96 werd bedreigd door de eikenprocessierups: 'Het had heel anders kunnen aflopen'

DEN BOSCH - Op 29 juni 1996 ging de Ronde van Frankrijk van start in Den Bosch. In datzelfde jaar was de eikenprocessierups nadrukkelijker aanwezig dan ooit tevoren. De Fransen overwogen zelfs de start van de Tour uit te stellen: "Het had toen heel anders kunnen aflopen."
LEES OOK: Eikenprocessierups blaast 25 kaarsjes uit en waarom we er nooit meer vanaf komen

De mooiste wagen kreeg hij, alles was mogelijk. Toenmalig GGD-arts Henk Jans had één opdracht: zorg dat het parcours van de wereldberoemde Ronde van Frankrijk vrij blijft van eikenprocessierupsen, anders gaat het hele feest niet door.

'Ze kropen over straat'
Zo gemakkelijk was dat nog niet. Jans: "Ze kropen echt over de straat heen toen, heel Zuidoost-Brabant zat vol." Volgens het CBS zijn er in 1996 ongeveer tweehonderd meldingen gedaan van nesten met eikenprocessierupsen. Dit tegen minder dan honderd meldingen in 1995.

Al jaren werd er gelobbyd om de Tour binnen te halen en in 1996 was het moment dan eindelijk daar. De stad Den Bosch had er miljoenen voor uitgetrokken. De mogelijkheid om de Tourstart om een rups te verliezen, zorgde voor zenuwen onder de organisatoren.

Zorgen om toeschouwers
"In eerste instantie wist men niet zo goed hoe ermee om te gaan. Er waren vooral zorgen over de toeschouwers. Het idee later geconfronteerd te worden met mensen die ziek waren geworden, zorgde voor paniek." Jans vervolgt: "We wisten dat toen niet, maar als we gezegd hadden dat het wegdek vol brandharen had gelegen, was er misschien wel helemaal niet gestart."

Die 29 juni verliep uiteindelijk zo goed als vlekkeloos. Pas bij de grensovergang bij Poppel kregen renners last van jeuk, herinnert Jans zich. Maar toen had de Ronde van Frankrijk Brabant al bijna verlaten.