Meervalkwekers willen schadevergoeding van provincie

DEN BOSCH - Na drie jaar is Coen Coumans uit het Midden-Limburgse Ospel nog steeds strijdvaardig. De voormalige meervalkweker eist namens een aantal collega's uit onder meer Landhorst en Venhorst een schadevergoeding van de provincie.
Zij zeggen dat ze het slachtoffer zijn geworden van een in hun ogen verkeerd uitgepakte subsidieregeling van de provincie Noord-Brabant. De werkgroep vindt dat viskwekers uit onder meer Helmond zijn bevoordeeld. In het provinciehuis in Den Bosch zou hierover maandagmiddag een hoorzitting worden gehouden. Door ziekte van een van de advocaten gaat die niet door.

Terecht subsidie aan stichting?
De discussie begon in 2008 en draait om de vraag of de provincie vier jaar daarvoor terecht subsidie verstrekte aan de Stichting Aquacultuur Zuid-Oost Nederland. Hieronder vallen de firma Van Rijsingen in Helmond en andere kwekers van de tilapia en claresse, familie van de meerval.

De overheid wilde met het geld noodlijdende varkenshouders in Zuidoost-Brabant helpen een nieuwe weg in te slaan. Meer bedrijven wilden hiervan profiteren.

Oneerlijke concurrentie
Het grootste deel van het geld is volgens de meervalwerkgroep echter naar bedrijven gegaan, die ondertussen waren overgestapt op het kweken van een andere vissoort. Bovendien leidde dit in haar ogen tot oneerlijke concurrentie wat diverse bedrijven de kop heeft gekost. 

Vorig jaar bepaalde de Europese Commissie dat een deel van de subsidie die het rijk en de provincie Noord-Brabant hadden gegeven, moet worden terugbetaald. De provincie wil niets weten van nadeelcompensatie. De subsidie was al in 2004 verstrekt en de nadelige gevolgen hiervan werden pas in 2008 opgemerkt. Ze spreekt verder van bedrijfsrisico en vindt ook dat de bezwaren onvoldoende met cijfers zijn gestaafd.