'Huisartsen moeten meer interesse tonen voor dierziekten'
Huisartsen in plaatsen waar het Schmallenbergvirus is opgedoken, moeten meer openstaan voor de rol die ze kunnen spelen bij het bestrijden van dierziekten. Huisarts Alfons Olde Loohuis uit Herpen pleit hiervoor op medischcontact.nl.
Het virus is al in ruim tweehonderd schapen- en runderbedrijven in ons land geconstateerd.
Virus leidt tot misvormingen
Het Schmallenbergvirus wordt zo goed als zeker verspreid door knutten en leidt tot misvormingen bij lammeren, geitjes en kalveren. Het is "zeer onwaarschijnlijk" dat mensen er ziek van kunnen worden, zo meldt het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.
Olde Loohuis geeft als lid van het Brabants Kennisnetwerk Zoönosen cursussen over dierziektes. Zijn kennis werd geregeld geraadpleegd tijdens de Q-koortsepidemie van de afgelopen jaren.
Oude Loohuis: "Als je als huisarts weet dat het virus in je gemeente heerst, zoek dan contact met de lokale dierenartsen en overleg met elkaar." Volgens hem zijn huisartsen weinig geïnteresseerd in zijn cursussen. "Ik snap dat wel hoor", zo staat op medischcontact.nl. "We hebben al zoveel te doen en het lijkt ver weg. Maar het kan ineens dichtbij zijn. En Q-koorts was geen eenmalige toevalstreffer. Zoönosen zullen er altijd zijn. Het is belangrijk dat artsen op dat gebied samen optrekken met dierenartsen", aldus de huisarts.
Advies voor zwangere vrouwen
Oude Loohuis zegt verder dat huisartsen er goed aan doen zwangere vrouwen te adviseren om stallen te mijden. Het ministerie laat dit ook weten op zijn site.
