Statenfractie boos op gedeputeerde na uitspraak over scheepswerf
De statenfractie van de PvdA in Provinciale Staten in Brabant eist dat gedeputeerde Johan van den Hout zich verantwoordt voor zijn uitlatingen over de scheepswerf in Grave. Vooral de opmerking dat 'iedereen weet hoe het gaat met vergunningen en gedogen: dat komt wel goed', in De Gelderlander is de statenfractie in het verkeerde keelgat geschoten.
De Scheepswerf in Grave vroeg dinsdag uitstel van betaling aan, omdat het in de tussenoplossing van de gemeente geen werkbare oplossing zag. De gemeente wilde de bouw van een 135 meter lang schip gedogen, omdat het volgens het bestemmingsplan niet is toegestaan.
NuanceGedeputeerde Van de Hout reageert met enige nuance op het bericht. "Je kunt als ondernemig zelf om een gedoogconstructie vragen. De gemeente beslist dan binnen een week of er verder mee wordt gegaan. Als dat gebeurt, dan heeft het college een jaar de tijd om het formele proces af te werken. En in de meeste gevallen komt dat dus wel goed."
Volgens Van den Hout zal het in dit geval ook wel goed komen omdat er weinig tegenstand is vanuit de gemeenschap. De werf zorgt voor werkgelegenheid en is een belangrijke onderneming voor de omgeving. Het maakt volgens de gedeputeerde ook milieutechnisch niets uit of er grotere schepen gebouwd worden.
SchijnoplossingDe bouw van het schip zou de werf er financieel bovenop kunnen helpen. De directeur vond de gedoogconstructie van de gemeente echter geen structurele oplossing en sprak van een 'schijnoplossing'. De zestig werknemers van de Scheepswerf moeten op zoek naar ander werk.
Statenlid Henk Leenders is vooral verbolgen over het beeld dat wordt geschetst door de opmerking rond het aanvragen van een vergunning. "Wat ons verbaasd is de suggestie dat het niet uitmaakt op welke wijze een bedrijf functioneert in relatie tot haar omgeving en de overlast die men wellicht veroorzaakt, men krijgt toch wel een vergunning na een gedoogsituatie", schrijft Leenders in een brief.