Minder bakkers en slagers in Brabant, toename horeca
Zo is in Budel-Schoot de groenteboer, de videotheek, de slager en de fietsenhandelaar gestopt. Volgens Carry van Rooij van Stichting Sterk Schoot is de oorzaak dat veel mensen winkelen buiten het dorp. “Daardoor zien ze niet meer wat er in het dorp is. Ook de opvolging in een bedrijf is binnen een dorp moeilijk te regelen”, zegt hij. De winkelpanden komen leeg te staan, waardoor een verlaten sfeer ontstaat en het dorp een vervallen indruk maakt.
Ziel uit het dorp verdwenen“Omdat alles wegtrekt uit het dorp is de ziel uit het dorp verdwenen”, zegt Van Rooij. “Ik ben blij dat we een plan hebben opgesteld waardoor we meer leefbaarheid in het dorp gaan krijgen. De straat dwars door het dorp wordt vernieuwd, er komen huizen bij. Maar het belangrijkste is dat we zelf hier blijven winkelen en dat er geen leegloop is.”
Wim van Lith van de Vereniging Kleine Kernen schaart zich achter die conclusie. “Het moet voor ondernemers wel rendabel blijven om daar te zitten. Dan ligt een groot deel van de verantwoordelijkheid bij de inwoners. Die moeten dan wel boodschappen doen bij de lokale ondernemer. Het probleem wordt met meer ouderen die minder mobiel zijn groot. Daarom is het van belang dat die winkels in dorpen blijven.”
Boer in horecaVolgens Van Lith is de stijging in horecazaken vooral toe te schrijven aan boeren. Die beginnen steeds vaker een winkel, ijsboerderij of restaurant naast hun boerderij. Gertjan Lavrijssen uit Reusel deed dat ook en richtte afgelopen zomer een pannenkoekenrestaurant op. “Wij waren varkensboeren, maar hebben de varkens weggedaan. Mijn moeder is een 'bed and breakfast' begonnen, mijn zus een kinderopvang en -boerderij en ik vind het leuk om voor mensen te zorgen en dit kwam er zo bij”, zegt hij.
