Bultrug Johanna in Son verwerkt tot motorolie en stroom
Bultrug Johanna, die vorig jaar aanspoelde bij Texel, is in Son verwerkt tot motorolie en stroom. Het skelet van de walvis ging voor onderzoek naar Naturalis in Leiden.
De overige 16.000 kilo aan walvisvlees is naar destructiebedrijf Rendac in Son gegaan. Daar zijn de resten van Johanna verwerkt tot 1600 liter vet en 4000 kilo diermeel.
Kleine vierkante blokjesEen woordvoerder van Rendac laat weten dat er drie volle containers met de resten van de walvis naar Son zijn vervoerd. Dat gebeurde al vrij snel na het overlijden van het dier. In de fabriek is het kadaver verwerkt. "We malen de ingewanden en het vlees eerst in kleine vierkante blokjes, daarna pasteuriseren we de vleesbrij en wordt het geheel onder hoge druk gesteriliseerd", legt de woordvoerder uit.
Het meel werd opgekocht door een energiebedrijf als brandstof en het vet verkocht Rendac aan de petrochemische industrie.
Genoeg stroom voor vijf gezinnenDe walvis levert daarmee na haar dood een jaar lang stroom voor vijf gezinnen. Toen de bultrug strandde, kreeg hij de koosnaam Johannes. Pas bij het onderzoek na het overlijden van het dier bleek het om een vrouwtje te gaan. Haar naam werd toen veranderd in Johanna.
