Vier jaar cel geëist voor schieten op politie op A16 bij Prinsenbeek
Tegen twee mannen die verdacht worden van het beschieten van de politie op de A16 bij Prinsenbeek in 2011 is vier jaar cel geëist. Een derde verdachte hoorde maandag een jaar cel tegen zich eisen.
De verdachten schoten wilde achtervolging op 19 juli 2011 op de A16 bij Prinsenbeek vanuit een gestolen bestelbus op twee agenten van de verkeerspolitie. Daarbij raakte niemand gewond. Eén van de verdachten komt uit Breda, een andere uit Bergeijk. De andere twee komen uit Amsterdam en Heerhugowaard.
Poging tot doodslagJustitie beschuldigt de verdachten van poging tot doodslag in vereniging, wapenbezit en handel en vervoer van hennep. In het busje werden acht tassen met honderd kilo verse hennep en drie vuurwapens gevonden. "Het was meer geluk dan wijsheid dat er niemand geraakt is door de schoten", zei de Officier van Justitie.
De vier mannen, van wie één uit Breda komt, werden in september 2011 aangehouden, dankzij DNA-sporen op peuken, werkhandschoenen en de knipperlichthendel van het busje. Ze verklaarden niet te weten hoe hun DNA daar terecht was gekomen.
De drie advocaten eisten vrijspraak. Advocaat Keizer legt uit dat zijn cliënt ondanks de DNA-sporen niets te maken heeft met de zaak. "Hij heeft de bus gebruikt voor een verhuizing. Hij heeft de pech gehad dat hij op een eerder moment gebruik heeft gemaakt van de bus."
ZwijgrechtTijdens de behandeling van de zaak maandag was de verdachte uit Breda niet aanwezig. Zijn zaak wordt later behandeld. Eén verdachte beriep zich op zijn zwijgrecht.
De rechter doet uitspraak op 1 april.