Analyse mobieltjes: vooral Rotterdammers en Amsterdammers vieren carnaval in Breda en Den Bosch

EINDHOVEN - Carnaval, een prachtfeest voor en door Brabanders. Wel jammer van al dat volk van boven de rivieren. Dat onderbuikgevoel leidde tot de feestgedruisanalyse van onderzoeksbedrijf DAT.Mobility. Wat blijkt: van alle 'buitenstaanders' die carnaval komen vieren in Breda, komt driekwart van boven de rivieren.
"Ik ben trots op mijn stad Kielegat, maar er wordt ook nog wel eens geklaagd over het grote aantal niet-Brabanders die bij ons carnaval vieren", aldus Bredanaar Bart Heijnen van adviesbureau Goudappel waar DAT.Mobility onder valt. "Mijn collega's bleken in staat dat gevoel objectief in kaart te brengen."

Gevoel blijkt te kloppen
Daarvoor analyseerde DAT.Mobility de geanonimiseerde gegevens van mobiele telefoons van Vodafone-klanten in zestien steden, waarvan tien in Brabant. Er werden zo'n 382.000 toeristen geteld. Conclusie: het gevoel van Heijnen blijkt te kloppen. Liefst 75 procent van de carnavalstoeristen in Kielegat tijdens carnaval kwam van boven de rivieren.

Om nog maar een vooroordeel in te koppen: daarvan kwam meer dan de helft uit Rotterdam, Amsterdam, Dordrecht en Den Haag. Verder kwamen de carnavalsvierders uit Haarlem, Leiden en Nijmegen.

Breda onbetwiste koploper
Breda is daarmee de onbetwiste koploper op het lijstje van Brabantse steden en alleen Oeteldonk kan aanhaken. In Den Bosch heeft 71 procent van de incidentele bezoekers een harde g.

Van alle leuttoeristen in Bergen op Zoom  komt 54 procent van boven de rivieren. In Tilburg komt 47 procent van de bezoekers als vreemde van boven en de topvijf wordt afgesloten door Roosendaal (45 procent).

Alleen Brabanders in Waalwijk
Wordt dan heel Brabant overspoeld door publiek van boven de Maas en Waal? Dat niet. Eén plaats biedt hardnekkig weerstand tegen de invasie. In Waalwijk weten ze namelijk blijkbaar heel goed hoe carnaval wordt gevierd onder elkaar.

Daar moet slechts vier (vier!) procent van de bezoekers aan Schoenlapperslaand de zachte g nog aanleren. In Waalwijk blijven ze dus ook écht bij hun leest.