‘Vermoorde Tamara Plehn (30) uit Berghem werkte als spion voor politie’

BERGHEM - De 30-jarige Tamara Plehn, die vorig jaar in Berghem werd doodgeschoten, is vermoord omdat ze als informant voor de politie werkte. Dat zegt advocaat Arthur van der Biezen zaterdag in de Telegraaf.
Volgens de advocaat werkte Plehn mee aan een geheim opsporingstraject van de politie, maar kreeg ze onvoldoende bescherming.

Moord
Plehn werd in maart 2013 doodgeschoten bij de ingang van het appartementencomplex waar ze woonde. Bronnen in de omgeving dachten toen dat haar ex het had gedaan. Hij zou in de gevangenis hebben gezeten en toentertijd sinds kort met verlof zijn. Volgens advocaat Van der Biezen heeft hij een alibi. Eerder werden twee mannen gearresteerd, maar zij werden later weer vrijgelaten.

De advocaat heeft tegen de krant verteld dat Plehn een tijd nauw heeft samengewerkt met de politie. Ze speelde informatie door over haar ex en anderen, die volgens justitie lid zijn van een criminele organisatie.

'Politie misbruikte Plehn’
Plehn zou voor de politie gespioneerd hebben, omdat ze ten einde raad was en wilde voorkomen dat haar ex een omgangsregeling met hun kind zou krijgen. Volgens de krant liet ze haar telefoon uitlezen, nam ze gesprekken op en ging ze op verzoek posten bij zijn huis.

In ruil daarvoor zou de politie beloofd hebben dat Plehns ex hun dochter niet te zien kreeg. Volgens Van der Biezen heeft de politie misbruik gemaakt van Plehns situatie en heeft ze niet genoeg bescherming gehad.

Justitie: 'geen infiltrant'
Justitie heeft tegen de Telegraaf gezegd dat is onderzocht of Plehn 'uit wraak' is vermoord, maar dat dat onderzoek nog geen resultaten heeft opgeleverd. Volgens justitie is het rechercheteam dat de moord onderzocht nooit aanwijzingen tegengekomen dat Plehn als infiltrant werkte.