Jongeren willen kansen in de Brabantse landbouwsector
Jongeren moeten als nieuwe ondernemer meer kansen krijgen in het tamelijk gesloten landbouwbastion. Dat zeggen ze in een pamflet dat woensdag werd overhandigd aan commissaris van de Koning Wim van de Donk.
Via hem roepen de jongeren het nieuwe college van Provinciale Staten op om de overgang naar een duurzame en breed geaccepteerde landbouw en veehouderij te versnellen, te beginnen in de belangrijkste agrofoodprovincie van ons land.
Jonge toetreders zonder een boerenachtergrond kunnen de Nederlandse agrarische sector de extra impulsen geven die de sector nodig heeft voor een sterker economisch en sociaal toekomstperspectief. Dat is de belangrijkste conclusie uit ‘Voor de landbouw van Later’, waarin vertegenwoordigers van zeven landelijke en Brabantse jongerenorganisaties hun toekomstbeeld voor de Nederlandse agrofood schetsen.
"Dezelfde mensen""Echte veranderingen in deze sector komen maar mondjesmaat voor”, stelt Iris Bouwers (CDJA). Een belangrijke oorzaak is dat al decennia lang dezelfde mensen, aan dezelfde tafels, met dezelfde petten dezelfde discussies voeren."
En ondertussen stijgt de gemiddelde leeftijd van de Nederlandse agrarische ondernemers, wat het innovatievermogen van de sector bepaald niet bevordert. "En de kloof tussen boer en burger is nog altijd te groot", aldus Iris Bouwers.
'Nieuwe ogen nodig'"Daarom zijn nieuwe ogen nodig, want het zijn vooral de jongeren van nu die de landbouw voor later dichterbij kunnen brengen”, stellen de ondertekenaars van het pamflet. Dat zijn vertegenwoordigers van het CDJA (Jong CDA), DWARS (Jong GroenLinks), PINK! (Jong Partij voor de Dieren), de Jonge Democraten (Jong D66), Youth Food Movement Brabant en de BAJK (Brabants Agrarisch Jongeren Kontakt).
Een belangrijke belemmering voor ‘nieuwe boeren’ is dat de oudere agrarisch ondernemer zonder bedrijfsopvolger volledig gericht is op een zo hoog mogelijke prijs voor zijn bedrijf en grond. Die opbrengst bepaalt zijn pensioen, maar daardoor wordt een overname door een jonge toetreder vaak financieel onhaalbaar.
“Het zou mooi zijn als de sector, banken en beleidsmakers hiervoor gezamenlijk een oplossing weten te vinden”, zegt Bouwers.
