Drie Siberische tijgertjes geboren in Beekse Bergen, dierenverzorgers zijn dolgelukkig

HILVARENBEEK - In de Beekse Bergen zijn donderdag drie Siberische tijgertjes geboren. Ze zijn gezond, zo vertelt hoofd dierenverzorging Kris Jansen. "Dit is echt heel bijzonder. Het is tien jaar geleden dat hier de laatste Siberische tijgertjes geworpen werden."

De moeder is Angara, de vader is Yarko. Beiden kwamen in 2017 naar het dierenpark in Hilvarenbeek. "Ze zijn nu allebei vier jaar oud, dat is meestal de leeftijd dat tijgers de eerste jongen krijgen", vertelt Jansen.

Met uitsterven bedreigd
"Beide ouders zijn onderdeel van een Europees fokprogramma. De Siberische tijger dreigt namelijk uit te sterven. Wereldwijd leven er slechts vijfhonderd in het wild, over een enorm gebied van Noord-Korea tot Rusland," aldus de dierenverzorger.

Door houtkap wordt het leefgebied steeds kleiner en ook door stroperij sterven er Siberische tijgers. "Als je ze zonder fokprogramma in stand wil houden, heb je vijfduizend tijgers nodig. Maar ook het fokken gaat niet snel, in gevangenschap worden er ook niet veel jongen geboren. Daarom zijn we nu zo blij."

Geslacht nog niet bekend
De drie jonge tijgertjes heten Aïda, Radames en Amneris. Ze zijn vernoemd naar de hoofdpersonages uit de musical Aïda. Of het om jongens of meisjes gaat, is nog niet bekend, zegt Jansen. "Over drie weken volgt de eerste ontworming. Moeder Angara gaat dan even naar een ander hok en de dierenarts gaat naar binnen. We kijken dan ook naar het geslacht."

Blind
De tijgerwelpjes zijn de eerste weken na de geboorte nog blind. Moeder Angara houdt ze nauwlettend in de gaten. Ze laat haar jongen enkel alleen als ze op zoek gaat naar voedsel voor zichzelf.

Na twee weken breken bij de welpjes de tanden door en gaan de oogjes open. Na twee maanden drinken de jongen al minder melk bij de moeder en beginnen ze met het eten van vlees. Na ongeveer een half jaar kunnen de jongen al jagen, en na een jaar zijn ze zelfstandig.

De welpjes kunnen nu nog niet op eigen benen staan. Ze worden de komende drie weken dan ook afgezonderd van het publiek. Ze blijven in hun binnenverblijf tot ze zelfstandig naar buiten kunnen lopen.