Stuifmail zondag 7 juli: oorcicade, zandbijen, hardoen, de rups van de pauwoogpijlstaart en een haft

OISTERWIJK - Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur op de radio. Luisteraars kunnen vragen insturen via stuifmail@omroepbrabant.nl. Deze zondag besteedt Frans onder meer aandacht aan een oorcicade, zandbijen, een hardoen, de rups van de pauwoogpijlstaart en een haft.

Oorcicade
Op de foto die ik kreeg van Mariëlle zie je een bruin insect met een rare vergroeiing aan de zijkant van de kop. Ik zie dan meteen dat dit een cicade is. Maar welke? Opzoeken in mijn boeken lukte niet, dus heb ik er een deskundige bij gehaald. Deze cicade is een oorcicade. Die is inderdaad te herkennen aan de oorvormige uitgroeisels aan weerszijden van het halsschild en de afgeplatte kop. De deskundige meldde mij ook nog dat dit diertje niet vaak wordt waargenomen vanwege zijn perfecte camouflage. Deze oorcicade komt het meest voor in bossen en parken, vooral op eikenbomen. Het volwassen diertje is meestal te zien tussen juni en oktober. Er leven overigens veel soorten cicaden in de wereld, momenteel zo’n 40.000. Ook in Nederland komen cicades voor, maar ze worden bijna niet opgemerkt omdat veel soorten kleiner zijn dan één centimeter. Cicaden kunnen goed vliegen en springen. Ze zuigen plantensappen uit bladeren, stengels en bloemknoppen. Veel nimfen - jonkies - leven onder de grond of verstoppen zich in een schuimklodder, zoals de schuimcicaden die ook wel spuugbeestjes worden genoemd.

Zandbijen (Foto: Lucy Bex)

Zandbijen
Op de foto van Lucy Bex zie je bijen liggen met veel stuifmeel aan de poten. Lucy vraagt zich af wat ze hier tegen kan doen. Deze bijen maken gaatjes in de oprit en ze heeft al mieren en zandbijen. Met zandbijen doelt ze waarschijnlijk op de grijze zandbij, want ook de gevangen exemplaren behoren tot de zandbijen. Helaas kan ik niet goed zien om welke soort het hier precies gaat, maar ook deze soort maakt een nestje in de grond en legt daar de eitjes in. Het stuifmeel wordt gemengd met wat nectar en dat papje vormt dan weer voedsel voor de larf die uit het eitje komt. Lucy vraagt zich zoals gezegd af wat ze hier tegen kan doen. Mijn antwoord is: niets. Gewoon lekker laten zitten en de natuur beleven. Het is toch prachtig dat dit soort diertjes een weg heeft gevonden op de oprit. Het is zelfs heel goed dat ze daar kunnen blijven, want het gaat in het algemeen juist slecht met de wilde bijen. Bij haar hebben ze toch een plekje gevonden. Daarbij berokkenen ze totaal geen schade. Na het leggen van de eitjes maken ze de gaatjes weer dicht en verdwijnen de hoopjes zand ook weer.

Een hardoen. (Foto: Adeline Besselink)

Hardoen
Op de foto die Adeline Besselink me stuurde, zie je een bruinachtig reptiel met een korte staart. Volgens mij hebben we hier te maken met een hardoen. De hardoen is een hagedis die - als een van de weinige soorten van de familie van de agamen - voorkomt in Europa. De agamenfamilie behoort tot de hagedissen die sterk verwant zijn aan de leguanen. Dit kun je aan dit exemplaar wel zien. Hardoenen leven in droge tot zeer droge gebieden op een ondergrond die altijd rotsachtig is. Ze klimmen vaak op stenen en in bomen, maar komen ook in de buurt van steden en in huizen. Ze jagen voornamelijk op insecten, maar kunnen vanwege hun grootte - ze worden maximaal veertig centimeter - ook kleine gewervelden zoals zoogdieren te pakken nemen. Daarnaast eten ze net zoals andere grotere agamen plantendelen, vooral bladeren en bloemen Hardoenen zijn niet bang en zijn door de mens redelijk te benaderen. Ze nemen eerder een afwachtende houding aan, maar zijn wel heel alert. Kom je te dichtbij dan zijn ze razendsnel weg. Dat is een heel grappig gezicht.

De rups van de pauwoogpijlstaart. (Foto: Berry Hamers)

Rups pauwoogpijlstaart
Op de foto van Berry Hamers zie je een lange groene rups met witte dwarsstrepen en een blauwe punt bij de staart. We hebben hier te maken met een rups uit de familie van pijlstaarten. Dit is een hele mooie familie van nachtvlinders. De rupsen zijn groot en ook de volwassen vlinders zijn grote exemplaren, bovendien fraai van kleur. Deze rups is van de pauwoogpijlstaartvlinder. De rupsen van pauwoogpijlstaarten eten het liefst wilgenbladeren, maar ze komen ook voor op populieren, vogelkersen, sleedoorns en op fruitbomen. Vooral appelbomen. Ze kunnen maximaal acht centimeter groot worden. De vlinders hebben een maximale spanwijdte van 9,5 centimeter. Bij nachtpauwogen hebben de voorvleugels een schutkleur, maar zijn de achtervleugels heel fraai gekleurd. Wordt zo’n pauwoogpijlstaart bedreigd, dan komen de achtervleugels naar voren en zie je plotseling twee ogen. De aanvaller raakt daardoor in verwarring en slaat vaak op de vlucht. De achtervleugels hebben een rozerode kleur, maar de schrik komt vooral door de zwartblauwe oogvlek. Overdag rusten deze vlinder op een schuilplek. Ze worden pas in de nacht actief. In de rupsperiode eet deze soort, maar de vlinders - die een zeer korte roltong hebben - eten niets.

Een haft of eendagsvlieg (Foto: Leo Raaijmakers)

Haft
Leo Raaijmakers maakte een foto van een vrij donker insect met lange uitsteeksels en doorzichtige vleugels. Dit insect is een haft, ofwel een eendagsvlieg. Haften zijn insecten, die vier sterk geaderde glasachtige vleugels hebben. Daarnaast hebben ze kleine voelsprieten en aan het achterlijf hebben ze drie of vier draadachtige uitsteeksels. Een volwassen exemplaar, zoals hier op de foto, leeft maar heel kort. Vandaar de naam ééndagsvlieg. Dit insect eet niet. De larven van deze haften leven in warme streken meestal een jaar onder het water, in koudere streken soms twee jaar. Deze larven eten kleine waterdiertjes, maar worden zelf heel vaak gebruikt als aas door de vissers. Wanneer de larven uit het water komen en uit de larvehuid, gaan de mannetjes dansende zwermen vormen. Deze zwermen zijn dan ook ideale voedselbronnen voor libellen, zwaluwen en vleermuizen. Mannetjeshaften dansen meestal in de buurt van het water of daarboven. Komt een vrouwtjeshaft in de buurt, dan wordt die meteen gegrepen en vindt ogenblikkelijk de paring plaats. Na deze daad sterft het mannetje meteen. Het vrouwtje legt dan binnen een uur haar eieren in het water en sterft ook onmiddellijk. Overigens zijn er binnen de groep van de eendagsvliegen volwassen dieren nog wel een week in leven blijven.

Ransuilen
Lisette van Helden filmde drie ransuilen op een tak, terwijl die elkaar plaagden.

Zwarte wouw duikt op voor wildcamera
De zwarte wouw komt de laatste jaren weer voor in Nederland. Sinds 2011 broedt deze roofvogel in de provincie Noord-Brabant en ook dit jaar is het een paartje gelukt een nest jongen groot te brengen. De kans om een zwarte wouw te spotten wordt dus groter, maar nu is deze aaseter en jager ook op beeld vastgelegd. Dat is bijzonder, want dit is de eerste keer dat het is gelukt met een wildcamera.

Natuurtip
Woensdag 10 juli organiseert het IVN een wandeltocht voor senioren. Deze duurt van tien uur 's ochtends tot halfvijf 's middags. De seniorenwandeling leidt de deelnemers naar de Groote Peel. Het thema van deze wandeling is hoogveenherstel.

De Vossenberg is een hoger gelegen zandrug in dit Peelgebied. Het gebied ten zuiden van de Vossenberg was net als het noorden Peelmoeras, maar is na de Tweede Wereldoorlog ontgonnen. De Vossenberg was onder meer strategisch van belang, vanwege het overzicht dat de zandrug bood over het landschap. Daarom zijn er in 1939 en 1940 zeven kazematten gebouwd, waarvan er nog vijf overeind staan.

Er wordt vertrokken vanaf IVN-gebouw De Stulp aan de Ostaderstraat 30 in Asten. Informatie is verkrijgbaar bij Jo van Zanten, telefoon: 0493 - 492 827. ER kan ook gemaild worden naar info@ivnastensomeren.nl

Deelnemers wordt aangeraden laarzen of waterdichte schoenen aan te doen.

Meer over dit onderwerp:
STUIFMAIL FRANS KAPTEIJNS BUIEN RUPSEN UILEN