En dat is zestig! Dick Jaspers won precies de helft van alle Grand Prix-toernooien die hij speelde

SINT WILLEBRORD - Dick Jaspers heeft in zijn carrière veel toernooien, klein en groot, gewonnen. Vaak stond de biljarter aan het einde van zo'n toernooi met de handen en keu in de lucht. Afgelopen weekend was dat weer het geval, hij won het Grand Prix-toernooi in Capelle. Daarmee kwam voor de biljarter uit Sint Willebrord de teller op zestig Grand Prix-zeges in 120 toernooien. "Dat is toch wel heel bijzonder."

Na afgelopen weekend staat de teller op zestig gewonnen Grand Prix-toernooien, precies de helft van het aantal georganiseerde toernooien. Maakt dat de winst nog extra speciaal?
"Ja, dat is heel mooi. Het is iets om trots op te zijn. Het is natuurlijk maar een getal, maar toch is het wel heel mooi. Ik heb denk ik zo'n zes of zeven toernooien gemist vanwege internationale verplichtingen. En naast die zestig gewonnen toernooien heb ik nog vijftien finales gespeeld die ik niet heb gewonnen. Het is een mooie lijst, heel bijzonder. Ja, ik ben er echt enorm trots op."

Even terug in de tijd, weet je nog iets van je eerste Grand Prix-toernooien?
'Zeker. Ik heb thuis een lijst bijgehouden van alle toernooien. De eerste is georganiseerd in 1985, toen deed ik ook mee. Ik was een broekie van twintig. In 1987 won ik mijn eerste, daarna volgde een tweede overwinning in 1989. En toen ging het hard. Ik heb vooral heel veel toernooien gewonnen in de jaren negentig en jaren nul."

Tekst gaat verder onder de foto van Jaspers in het begin van zijn carrière.

Springt er van de zestig gewonnen Grand Prix-toernooien nog eentje uit als mooiste?
"Dat is moeilijk. Veel van de toernooien waren in de omgeving van Rotterdam, maar ik kan me er nog wel een herinneren in Veldhoven. Daar had ik de eerste ronde een bye, hoefde ik niet te spelen. In de vier partijen die ik vervolgens speelde haalde ik een gemiddelde van 2.666. Een record, dat was wel mooi. De eerste jaren waren er twee of drie toernooien, nu zijn het er gemiddeld vier paar jaar. Een paar keer heb ik alle toernooien in een jaar gewonnen. Dat is natuurlijk ook mooi."

Wordt het op een gegeven moment niet te 'gewoon' dat je zo'n toernooi wint?
"Nee. Het lijkt misschien heel makkelijk te gaan, zeker met zoveel overwinningen. Maar het is absoluut niet makkelijk. De laatste zestien die vanuit de groepsfase doorgaan spelen alle wedstrijden nu op één dag. Dat begint om elf uur 's ochtends en dan ben je rond tien uur 's avonds klaar. Dat is een lange en zware dag."

Het is niet vanzelfsprekend dat je wint

"En er zijn altijd wel vijf tot tien goede spelers die zo'n toernooi kunnen winnen. Daar komt nog bij dat iedereen graag een Grand Prix op zijn naam schrijft, het staat goed op je cv. En spelers willen ook graag van Dick Jaspers winnen. Dat is ook logisch. Het is dus best wel pittig. Vanzelfsprekend is het niet dat je zo'n toernooi wint. Je moet het toch maar doen iedere keer."

Hoe belangrijk is het voor jou nu nog om een Grand Prix-toernooi te winnen?
"Ik moet heel eerlijk zijn. De grote internationale toptoernooien hebben de allerhoogste prioriteit. Het niveau daar is enorm hoog, meedoen kost veel energie. En je kunt niet een heel jaar lang driehonderd procent geconcentreerd zijn. Wat dat betreft is mijn gevoel wel anders dan tijdens de eerste Grand Prix-toernooien, ruim dertig jaar geleden. Het moeten winnen is minder geworden. Ik kan een nederlaag ook beter relativeren."

Toch was je, ook bij de zestigste toernooizege, echt blij.
"Ja, ik ben oprecht blij als ik een Grand Prix-toernooi win. Uiteindelijk train je hard om wedstrijden te spelen en te winnen. Als ik aan de start van een toernooi sta, wil ik dat toernooi ook winnen. Die drive heb ik altijd gehad en daardoor heb ik ook veel kunnen winnen. Het is altijd mooi om te winnen."

 

 

Meer over dit onderwerp:
BILJARTEN DRIEBANDEN DICK JASPERS