Boeren met plan voor milieuvriendelijke stal krijgen van provincie extra tijd

DEN BOSCH - Boeren in Brabant die vergevorderd zijn met plannen voor milieuvriendelijke stallen krijgen van Provinciale Staten meer tijd. Deze zogenoemde koplopers mogen wachten tot de systemen die bijna klaar zijn, helemaal uitontwikkeld zijn. Ze hoeven de vergunning voor een milieuvriendelijke stal dus niet voor 1 april 2020 in te dienen. Alle andere boeren moeten dat wel.

Een meerderheid van Provinciale Staten heeft vrijdag een VVD-amendement aangenomen waarin dat wordt geregeld. Volgens gedeputeerde Erik van Merriënboer past dit besluit in het provinciaal beleid zoals dat in 2017 werd vastgesteld. “We leveren maatwerk. Er komt extra tijd voor boeren die met vernieuwende systemen vooruit willen. Voor de andere boeren geldt regel is regel”.

Wat die vernieuwende systemen dan zijn is niet helemaal duidelijk. Deze voorlopers komen niet weg met een nieuwe luchtwasser.

Meer tijd voor strooiselstal
De melkveehouderijen die een strooiselstal willen krijgen tot 1 januari 2022 de tijd een vergunning aan te vragen. Twee jaar later moet de stal klaar zijn. Ze krijgen uitstel als die nieuwe stallen duurzaam zijn en bijdragen aan biodiversiteit.

Veehouderijen die bezig zijn met andere innovatieve systemen krijgen onder strenge milieuvoorwaarden de tijd tot 1 januari 2022. Vlees-, fokstier-, en geitenhouders die bezig zijn met vernieuwingen moeten op 1 januari 2021 hun vergunning ingediend hebben en de stal twee jaar later klaar hebben.

 

'Boeren gaan hier aan kapot'
Niemand weet hoe groot de groep is die met deze maatregelen is geholpen. Hermen Vreugdenhil (CU/SGP), die twee weken geleden het initiatief nam tot het eerste ‘stikstofdebat’ was verbijsterd. Volgens hem is het een beperkte groep. “De meeste boerenbedrijven zijn familiebedrijven. Die hebben niks aan de handreiking van de coalitie, want die moeten tekenen bij het kruisje of stoppen. Die gaan kapot aan dit beleid. De toekomst van bedrijven, gezinnen en de sociale samenhang in dorpen is in gevaar.”

Met de motie kwam de coalitie tegemoet aan de vraag van boeren die vrijdagmorgen nog pleitten voor een adempauze. Boer Johan van Gorp vertelde het verhaal dat collega’s van hem twee weken geleden al vertelden. Melkveehouders moeten bepaalde vloeren gebruiken die volgens hem levensgevaarlijk zijn. Een paar weken geleden zei een collega van hem dat die vloeren urine vasthouden waardoor ammoniak vrijkomt en die boer het gevoel had dat hij op een bom werkte. Er worden nieuwe vloeren getest. “Betere systemen zijn niet op tijd klaar, wacht daarom met de maatregelen”, aldus Van Gorp.

 

Landelijke en provinciaal beleid afstemmen
De meerderheid van Provinciale Staten heeft vrijdag ook een motie van de coalitie aangenomen. Die motie draagt gedeputeerde Rik Grashoff (GroenLinks) op zo snel mogelijk na 1 december in beeld te brengen hoe landelijke- en provinciaal stikstofbeleid op elkaar kunnen worden afgestemd. Op 1 december is er overleg tussen de provincies en de minister. Als Grashoff alle stukjes bij elkaar heeft willen PS daar samen de puzzel van leggen.

Een meerderheid van PS wees twee moties van CU/SGP en PVV af. CU/SGP wilde dat de maatregelen met betrekking tot in- en extern salderen (het benutten van eigen stikstofruimte en ruimte van boeren die stoppen) van tafel gaan. De PVV wil dat boeren de stikstofruimte houden die ze hebben. Dat zit zo. Een boer heeft 100 koeien, heeft een stal waar 120 koeien in kunnen staan en een vergunning voor 150 koeien. Als die boer zijn veestapel uitbreidt naar 120 dan verliest hij de rechten voor 30 koeien. Dat blijft dus ook overeind.

VVD strijkt met de eer
Een amendement voor de versoepeling werd twee weken geleden beloofd door CDA-fractievoorzitter Ankie de Hoon. Vervolgens legde het CDA een week later een bom onder de coalitie met een eisenpakket ten gunste van de boeren.

Er volgde afgelopen week koortsachtig overleg tussen de coalitiepartners. Wat daar precies gebeurd is, blijft vooralsnog binnenskamers. De christendemocraten hebben met de harde opstelling waarschijnlijk wel iets in beweging gezet, maar er rolde een motie uit waarmee de VVD de credits pakt en niet het CDA.

Ordinaire blufpoker
Vervolgens werd fractievoorzitter Ankie de Hoon gefileerd door de oppositie. De Hoon erkende dat ze hoog spel had gespeeld. "Zo hoog dat de coalitie er van schrok. Misschien was het te hoog. Maar er zit wel beweging in", zei De Hoon. Ze telde haar knopen: de stoppersregeling is verschoven van 1 januari naar 1 april 2020, er komt geen verplichte krimp van de veestapel en boeren wordt geen luchtwasser door de strot geduwd.

Hermen Vreugdenhil was van mening dat het CDA in de houdgreep zit bij de coalitie. "U kunt ook in de toekomst gewoon niks doen voor de boeren", zei hij.

"We hadden het onszelf makkelijk kunnen maken door niet mee te regeren, maar dan hadden we helemaal niks bereikt", zei De Hoon.

De Hoon toonde zich uiteindelijk wel een trouwe coalitiegenoot en bleef er stoïcijns onder toen de PVV haar ordinaire blufpoker verweet.