Lichtgevende herdenkingsstenen van het Holocaustmonument ‘Levenslicht’ komen naar Brabant

EINDHOVEN - Elf gemeenten in Brabant exposeren binnenkort lichtgevende stenen die onderdeel zijn van het Holocaustmonument 'Levenslicht'. Het monument bestaat uit 104.000 lichtgevende stenen. Dit duidt op het aantal Nederlandse en met name Joodse slachtoffers van het vernietigingskamp Auschwitz.

Het kunstwerk is ontworpen door Daan Roosegaarde en werd donderdagavond onthuld aan de Maas in Rotterdam. Daarna verspreidt het ‘Levenslicht’ zich naar 170 Nederlandse gemeenten, waaronder elf in Brabant.

'Inwoners betrekken'
Bergen op Zoom, Eindhoven en Oss zijn de eerste gemeenten in onze provincie waar stenen uit het monument tijdelijk worden tentoongesteld. Dit gebeurt op 22 januari. "Tijdens de oorlog zijn ongeveer duizend joden weggevoerd uit Eindhoven. Daarom neemt onze stad vol overtuiging deel aan dit landelijke initiatief", zo laat de gemeente Eindhoven weten.

Ook de gemeente Altena staat op de lijst. Met het monument wil het Nationaal Comité 4 en 5 mei de inwoners in alle gemeenten betrekken bij wat er in de oorlog is gebeurd. Altena wil hierbij graag aansluiten.

Doel van het lichtmonument is het bewustzijn te vergroten dat Joden, Roma en Sinti uit heel Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn vervolgd, gedeporteerd en vermoord.

Stenen om mee te herdenken
“Zowel in de Joodse als in de Roma- en Sinticultuur zijn stenen belangrijk. Daan Roosegaarde en zijn team hebben deze traditie als inspiratie gebruikt. In gesprek met Holocaustoverlevenden en hun familie kwam hij tot het ontwerp van Levenslicht, met 104.000 lichtgevende herdenkingsstenen”, laat het Nationaal Comité 4 en 5 mei weten.

Ook in de gemeente Altena zijn mensen slachtoffer geworden van de Holocaust. De meesten hiervan woonden in Woudrichem. “Om die reden komt het monument te staan op het plein voor het Visserijmuseum in Woudrichem”, aldus een woordvoerster van de gemeente. Op 27 januari om zeven uur 's avonds vindt hier de officiële herdenking plaats van de Holocaustslachtoffers.

Delen van het monument Levenslicht worden ook geëxposeerd in Grave, Veghel, Tilburg, Breda, Eindhoven, Bergen op Zoom, Geertruidenberg, Waalwijk en Oisterwijk.

Te hoge kosten
Er zijn ook gemeenten, zoals Den Bosch, die geen interesse hebben in het monument. Onder meer, omdat het volgens hen te duur is, of omdat ze meer waarde hechten aan de eigen, zorgvuldig opgezette en vooral lokale herdenkingen zoals die vorig jaar al hebben plaatsgevonden. De gemeente Vught laat verder weten dat ze het Nationale Monument Kamp Vught al stevig financieel ondersteunt en ook nee heeft gezegd tegen andere initiatieven.

De gemeente Deurne noemt nog een andere reden: hier vonden tijdens de bezetting geen deportaties van joodse mensen of zigeuners plaats. Net als de gemeenten Landerd, Sint Anthonis en Etten-Leur houdt ze bovendien vast aan eigen herdenkingsactiviteiten.

Verder blijken diverse gemeenten helemaal niet op de hoogte te zijn van het 'lichtmonument'. Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen hadden mee willen doen, maar volgens het organiserende comité was dit niet mogelijk.