Kruipt daar nou een slang? Frans Kapteijns beantwoordt vragen in [email protected]

2 augustus om 09:14 • Aangepast gisteren om 09:24
Een hazelworm foto (foto: Peter Vissers).
Een hazelworm foto (foto: Peter Vissers).
Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur op de radio. Luisteraars kunnen vragen insturen via [email protected] Dit keer besteedt hij in Stuifmail aandacht aan halsbandparkieten, een roofvlieg, de stadsreus, een witte koolmees en wezentjes die op slangen lijken.
Profielfoto van Frans KapteijnsProfielfoto van Peter de Bekker
Geschreven door
Frans Kapteijns & Peter de Bekker

Een slang of toch niet?
Op de openingsfoto zie je een donkerbruin tot zwart slangachtig wezentje. Dit is de hazelworm. Hazelwormen zijn pootloze hagedissen die maximaal veertig centimeter lang kunnen worden. Vaak worden ze aangezien voor slangen. Dit is niet helemaal terecht. Er zijn zeer grote verschillen tussen hazelwormen en slangen. Helaas zijn die niet vaak zo in een oogopslag te zien. Ik ga er een paar benoemen. Ten eerste hebben hazelwormen veel rijen kleine buikschubben. Slangen hebben maar een enkele rij brede buikschubben. Hazelwormen kunnen hun ogen sluiten en slangen kunnen dit niet. Dit verschil kan je als mens wel goed waarnemen. Wat ook heel goed te zien is, is dat hazelwormen bij het voortbewegen veel stijvere bewegingen maken dan slangen. Het lichaam van een hazelworm is ook veel stijver en de helft van dat lichaam bestaat uit staart. Deze staart kunnen zij afwerpen. Slangen kunnen dit niet. Die hebben een heel korte staart. Overigens kom je hazelwormen bijna nooit tegen, want ze leiden een zeer verborgen leven. Ze zijn het grootste deel van de dag onzichtbaar omdat ze of in holen in de grond zitten, onder de vegetatie of in dood hout.

Een teunisbloempijlstaartrups (foto: Marieke van Lieshout van Dooremalen).
Een teunisbloempijlstaartrups (foto: Marieke van Lieshout van Dooremalen).

Minislang?
Marieke van Lieshout van Dooremalen schrok zich rot. Ze zag in haar tuin een diertje van zo'n zes centimeter. Ze dacht in eerste instantie dat dit een slang was. Wat ze zag was een grijszwart gespikkelde rups met aan de zijkanten zwarte ringen en in het midden blauwe vlekken. Daarnaast op het einde van het lichaam een zwarte ring waarbinnen een brede witte ring te zien is en een zwarte vlek. We hebben hier te maken met een rups uit de mooie pijlstaartfamilie, ondanks dat er geen duidelijke pijl op het eind van het lichaam te vinden is. De naam van dit dier is teunisbloempijlstaartrups, zoals Marieke van Lieshout van Dooremalen ook vermoedde. Deze rups gedraagt zich als een minislang bij bedreiging. Althans, ze maken die bewegingen, maar vooruit komen ze niet echt. Voorheen was deze rups en de vlinder een zeer zeldzame verschijning. Maar vermoedelijk door het steeds warmer wordende weer neemt het aantal teunisbloempijlstaartrupsen sinds 1996 behoorlijk toe.

Een bijna witte koolmees (foto: Frederik Meyer).
Een bijna witte koolmees (foto: Frederik Meyer).

Witte koolmees
Op de wat wazige foto hierboven zie je een koolmees met vanaf de kop meer wit dan de normale kleur geel. Mijn vermoeden is dat deze koolmees last heeft van leucisme. Dan kunnen de nakomelingen dit ook krijgen. Leucisme is een afwijking die bij dieren redelijk veel voor komt, vooral bij vogels. Er worden bijvoorbeeld met regelmaat witte merels gemeld. Leucisme is het gevolg van verminderde pigmentatie, maar leucisme is zeker geen albinisme. Het woord leucisme is afkomstig van het Griekse woord leukós. Dit betekent wit.

Een roofvlieg (foto: Monique Spijkers).
Een roofvlieg (foto: Monique Spijkers).

Welk insect hebben we hier?
Op de bovenstaande foto zie je een zwart insect met zes poten en in ieder geval twee vleugels. We hebben hier te maken met een insect uit de grote familie van de tweevleugeligen ofwel een insect uit de vliegen- en muggenfamilie. Monique Spijkers dacht even dat dit een kortschildkever zou zijn, maar die komt uit de familie van kevers en die hebben vier vleugels. Het insect wat op de foto staat, is een roofvlieg. Je komt deze roofvliegen in allerlei maten tegen. Je hebt roofvliegen van vijf millimeter, maar er zijn er ook bij met een lengte van drie centimeter. Overigens zijn ze allemaal goed herkenbaar, want ze hebben een lang gerekt, behaard lichaam. Daarnaast hebben ze lange poten waarop heel duidelijk veel doornachtige uitsteeksels zitten. Verder hebben ze op alle lichaamsdelen haren, borstels en stekels. Vanwege dit totale uiterlijk zien ze er maar akelig en gevaarlijk uit. Dit zijn ze ook, maar niet voor de mens. Wel voor allerlei soorten vliegen, muggen, vlinders en kevers.

Waarom dit jaar minder last van de eikenprocessierupsen?
Jacqueline van Boven vraagt zich af hoe het nu zit met de eikenprocessierups en de overlast. Vorig jaar heb ik in Stuifmail al aangegeven dat de overlast van eikenprocessierupsen minder zal worden dan in 2019. Wat hier onder meer aan ten grondslag ligt, is dat de gemeenten eerder begonnen zijn met het nemen van maatregelen. Ook liep ook meer gecoördineerd dan vorig jaar. Toen verraste de rups veel gemeenten en begonnen die vaak te laat, ondeskundig en ongecoördineerd aan de bestrijding. Tweede punt: veel gemeenten hebben de bermen onder de bomen in 2020 later gemaaid, dus hebben de natuurlijke vijanden meer succes gehad. Diverse gemeenten hebben tijdig koolmeesnestkastjes in eikenbomen gehangen. Maar meer vogelsoorten hebben de eikenprocessierups als voedsel aangezien en de nesten flink aangepakt. Tot slot hoop ik dat gemeenten nog meer preventieve maatregelen gaan nemen en niet meer gaan spuiten met Xentari. Want dit zogenaamde biologische middel is funest voor heel veel rupsen, dus niet alleen voor de eikenprocessierups. Het gevolg hiervan is dat heel veel voedsel verdwijnt voor vogels en zoogdieren. Niet doen, dus.

Wachten op privacy instellingen...

Weidevogels in Nederland
Harry Langeberg filmde diverse soorten weidevogels. Onder meer de kievit, grutto en de scholekster maar ook de patrijs.

Een stadsreus (foto: Marco Broeks).
Een stadsreus (foto: Marco Broeks).

De stadsreus, komt deze zweefvlieg steeds vaker voor?
Op de foto hierboven zie je een van de mooiste zweefvliegen van ons land. Dit is meteen ook de grootste zweefvlieg, namelijk de stadsreus. Marco Broeks vraagt zich af of deze stadsreus steeds vaker voorkomt in ons land. Het antwoord is ja. Deze zweefvlieg wordt de laatste jaren steeds vaker waargenomen. Voorheen was het een zeldzame verschijning, maar in de afgelopen twintig jaar is het zien van deze grote zweefvlieg steeds gewoner geworden. Overigens worden de hier verblijvende stadsreuzen ook nog eens aangevuld met soorten uit zuidelijkere landen. Vooral als er langere periodes met (zuid)oostenwind zijn.

Een halsbandparkiet (foto: Wil Koks).
Een halsbandparkiet (foto: Wil Koks).

Halsbandparkiet, maar dan een vrouwtje
Op de bovenstaande foto zie je een heel groene parkiet met een mooie oranje snavel. We hebben hier te maken met een halsbandparkiet. Dit was ook de eerste gedachte van Wil Koks, maar hij miste de halsband. Die is ook niet te zien. Toch is het de halsbandparkiet. Het is een vrouwtje, want die heeft die halsband niet. Enkel mannetjes. Vrouwtjes zijn effen van kleur. Halsbandparkieten zijn zeer luidruchtige vogels. Oorspronkelijk horen zij thuis in India en Centraal-Afrika. Helaas zijn een aantal ontsnapte en losgelaten kooivogels inmiddels sterk verwilderd. Inmiddels zijn er behoorlijke populaties in Nederland ontstaan. Tussen 1996 en 2009 zag je een sterke uitbreiding van het aantal halsbandparkieten over de hele Randstad. De telling in 2013 gaf een totaal van meer dan 10.000 individuen. De organisatie Sovon verwachtte in 2014 al dat de aantallen verder zouden stijgen en dat het leefgebied van de vogel zich zou uitbreiden tot gebieden buiten de Randstad. Dit is inderdaad gebeurd, want ze zijn nu ook te vinden in Brabant.

Natuurtip
Zondag 9 augustus vindt er een huifkartocht plaats over de heide. De gids zal je tijdens deze tocht alles vertellen en laten zien van de omgeving. Geïnteresseerden wordt gevraagd te reserveren. Dit kan via e-mail, telefonisch (0412-611 945) of via de website.

Wachten op privacy instellingen...