Paardenpoep of zwammen? Frans Kapteijns antwoordt op vragen in Stuifm@il - Omroep Brabant

Paardenpoep of zwammen? Frans Kapteijns antwoordt op vragen in [email protected]

14 maart om 10:58 • Aangepast 15 maart om 11:19
Resten van de reuzenbovist (foto: Jan van Esch).
Resten van de reuzenbovist (foto: Jan van Esch).
Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur op de radio. Luisteraars kunnen vragen insturen via [email protected] Dit keer in Stuifmail aandacht voor vreemde zwammen, het welriekende maarts viooltje en het NK tegelwippen dat eraan komt.
Profielfoto van Frans KapteijnsProfielfoto van Peter de Bekker
Geschreven door
Frans Kapteijns & Peter de Bekker

Is het paardenpoep of zijn het toch zwammen?
Op de bovenstaande foto van Jan van Esch zie twee bruine ovale zwammen waarbij eentje nog een soort vliesje heeft. Dit zijn de resten van reuzenbovisten. Eigenlijk bestaan deze bruine bollen uit een heleboel sporen. Nadat de witte reuzenbovist rijp is, verandert deze zwam in een bol van sporen. Al rollend door het gebied raakt deze zwam deze sporen kwijt. Reuzenbovisten komen vooral voor op zandbodems, maar ook op klei- en veengronden die zwaar verstoord zijn. Het mooie is dat ze zich ook thuis voelen op weilanden waar schapen staan of gestaan hebben. Reuzenzwammen zijn saprofyten. Je kunt ze soms tegenkomen in een heksenkring.

Het maarts viooltje is een van de vroege bloeiers, en een van de meest welriekende (foto: Mariëtte Diepens Corstiaans).
Het maarts viooltje is een van de vroege bloeiers, en een van de meest welriekende (foto: Mariëtte Diepens Corstiaans).

Het welriekende maarts viooltje is niet hoger dan vijftien centimeter
Op de openingsfoto zie je een paar mooie paarse bloempjes. Mariette Diepens Corstiaans denkt dat dit het maarts viooltje is. Dat klopt. Maarts viooltjes kom je bloeiend tegen vanaf begin maart en je kunt ze vaak nog zien tot eind mei. Voorheen kwam je ze enkel tegen in het zuiden van Limburg, maar tegenwoordig zie je ook wat vaker in Brabant. De ondergrond moet dan wel een wat rijkere bodem hebben. Verder houden ze niet te zonnige plekken. Maarts viooltjes hebben een prachtige wetenschappelijke naam: viola odorata. Het woord viola is een verkleinwoordje van het Griekse ion, oorspronkelijk vion. Hiermee worden welriekende planten aangeduid. Daarnaast betekent het woord odorata ook nog eens een bloem die heerlijke geur verspreidt. Je moet wel diep door je knieën gaan, wil je dit allemaal ruiken want het maarts viooltje wordt maximaal vijftien centimeter hoog. Eli Heimans, een van de oprichters van Natuurmonumenten, zei in 1897 het volgende over dit schitterende plantje: “Wanneer er eens een prijs moest toegekend worden aan het liefste voorjaarsbloempje dat in het wild groeit, ik geloof zeker dat dit viooltje ermee zou gaan strijken.”

Een bloeiende sleedoorn (foto: Nelly van Rooij).
Een bloeiende sleedoorn (foto: Nelly van Rooij).

Welke plant of struik gaat hier bloeien?
Op de foto van Nelly van Rooij hierboven, dien ik via WhatsApp kreeg, zie je takken met daarop al bloeiende bloemen. Volgens mij hebben we hier te maken met een bloeiende sleedoorn. Dit is een van de vroegst bloeiende struiken, naast wilgen en hazelaars. Het opvallende is dat de bloemen hier eerder tevoorschijn komen dan de bladeren. Meestal gaan die bloemen vanaf midden maart open. Die zijn dan te zien en te ruiken tot ongeveer het midden of het eind van april. Dat ze zo vroeg open zijn, is perfect voor de vroege insecten, zoals bijen en zweefvliegen. Je komt de sleedoorn vooral tegen in of langs bosranden. Mocht je de struik sleedoorn in je tuin hebben, koester die dan want alleen al de geur is fantastisch. Als je een dezer dagen vanuit Brabant naar Limburg reist, kom je een mooie witte wal van bloemen tegen van deze sleedoorn op de A2 bij Midden-Limburg. Zelf heb ik op landgoed De Pettelaar vrijdag enorm veel sleedoorns zien staan en ook daar al bloemen gezien.

Een echte tonderzwam (foto: Rinus den Brok).
Een echte tonderzwam (foto: Rinus den Brok).

Wat groeit er op deze boom?
Op de foto van Rinus den Brok zie op een stam van een boom een grijze zwam. We hebben hier te maken met een echte tonderzwam. Echte tonderzwammen zijn zowel parasiet als saprofyt. De zwam is van reuze belang voor de voortplanting van veel insectensoorten, vooral kevers. Onder meer een aantal zeldzame kevers en sluipwespen leggen hun eitjes in dit vruchtlichaam. De larven, die uit de eitjes komen, doen zich vervolgens te goed aan het zwamvlees. De naam echte tonderzwam is gebaseerd op het feit dat het zwamvlees in het verleden werd gebruikt voor het vervaardigen van tondel of tonder. De naam tonder gebruikte men vooral in de zeventiende eeuw. Later werd de naam tondel gebruikt, maar men bleef de naam echte tonderzwam gebruiken. De tonder of tondel is een reepje vlees van de echte tonderzwam. Het is licht ontvlambaar materiaal, dus kon men dit gebruiken voor het laten smeulen van vuur.

Onbekende knollen (foto: Jeroen van der Meulen).
Onbekende knollen (foto: Jeroen van der Meulen).

Raadsel, wat zijn dit voor rare bollen?
Jeroen van der Meulen stuurde mij een foto van - ook voor mij - onbekende rode knollen of knolletjes die tussen zijn houtsnippers lagen. Wat je duidelijk op de foto ziet, is dat er om deze rode knollen een bruin vliesje heeft gezeten. Helaas kan ik er geen naam op plakken, want ik heb zoiets ook nog nooit gezien. Wel kom ik heel veel rode helften van onze zomereik-eikels tegen. De rode kleur bij die vruchten duidt op looizuur, wat in de eik en eikels aanwezig is. Misschien kan een van de luisteraars hier een naam op plakken. Maar als dat niet zo is, hoop ik dat Jeroen van der Meulen ons later gaat melden wat hieruit gegroeid is.

Wachten op privacy instellingen...

Hermelijnen
In bovenstaand filmpje zie je hoe jonge hermelijnen op een speelse manier de jachttechnieken onder de duim krijgen. Hermelijnen behoren tot de familie van de marterachtigen. Ze hebben een lange zware, behaarde staart met een zwarte pluimpunt. De rug is grijs of beigebruin en de buik wit. In het koudere deel van het verspreidingsgebied van de hermelijn wordt de vacht in de winter geheel wit. Dit kan zorgen voor verwarring met de wezel, maar het zwarte puntje op het eind van de staart is typerend voor hermelijnen. Wezels hebben dit niet.

Neem geen planten, struiken of zwammen uit de natuur mee naar huis!
Op de foto van Harrie Brokken hierboven zie je kleverige koraalzwammetjes. Jacqueline van Boven daar een opmerking over. Zij meldde mij het volgende: “Meerdere malen zag ik in jouw rubriek het prachtige kleverige koraalzwammetje, zoals ook ik die kort geleden zag. Ik wilde een vriendin dat moois laten zien maar helaas.... geheel uitgestoken. Een stukje verderop kon ik gelukkig nog wel wat terugvinden. Ik vond dat mijn man ook dat moois moest zien, maar ook een tweede maal was alles weggehaald. Kun jij in je programma aangeven dat eenmaal thuis er weinig overblijft van dit fraaie koraalzwammetje?” Helaas gebeurt dit nog steeds; mensen die planten of zwammen weghalen uit de natuur. Eenmaal thuis geplant, zijn ze vaak gedoemd te sterven. Niet doen dus. Daarnaast missen andere natuurgenieters zo al dat moois.

Een bladpootwants (foto: Joost Willems).
Een bladpootwants (foto: Joost Willems).

Voorjaar en dus verlaten alle bladpootwantsen de huizen
Op de foto van Joost Willems zie je een bruin insect met achter het borststuk een klein driehoekje en een verbreding op het voorlaatste lid van achterpoten. We hebben hier te maken met de bladpootwants, ook wel bladpootrandwants genoemd. Deze wantsensoort is in feite een invasieve exoot, want van oorsprong kwamen ze enkel in Noord- en Midden-Amerika voor. Waarschijnlijk zijn ze met de schepen naar Europa gekomen. De eerste bladpootwantsen werden in 1999 in Italië ontdekt en in Nederland in 2007, met name in de kuststreek. Sinds 2010 hebben ze zich snel verspreid over heel Nederland. In de winter gebruiken ze huizen als overwinteringsplaats, maar in het voorjaar gaan ze naar buiten. Dus als het goed is, is deze bladpootwants al weer vertrokken uit het huis van Joost Willems en hoeft hij niets te doen.

Natuurtip
Van 30 maart tot 30 september vindt het NK tegelwippen plaats. Tijdens deze wedstrijd gaan verschillende gemeenten met elkaar de strijd aan: wie haalt de meeste tegels uit de stad en vervangt deze door groen? Voor de start van het NK tegelwippen sporen we alle bestuurders aan hun gemeente in te schrijven. Ben of ken jij een bestuurder? Zorg dan dat jouw gemeente wordt opgegeven voor deelname en draag samen bij aan een gezonde en groene planeet! Voor meer informatie kijk je op deze website.

App ons!
Heb je een foutje gezien of een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.

Wachten op privacy instellingen...