Een takje met pootjes? Frans Kapteijns weet wat het is - Omroep Brabant

Een takje met pootjes? Frans Kapteijns weet wat het is

11 september om 10:45 • Aangepast 12 september om 11:15
nl
Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur op de radio. Luisteraars kunnen vragen insturen via [email protected] Dit keer besteedt hij in Stuifmail onder meer aandacht aan het tellen van spinnen, een libel op een bamboestok en een rups van de peper en zoutvlinder op een parasolhoes.
Profielfoto van Frans KapteijnsProfielfoto van Peter de Bekker
Geschreven door
Frans Kapteijns & Peter de Bekker

Het takje op de parasolhoes blijkt een diertje te zijn
Anja Bastiaansen dacht dat ze een takje zag op haar parasolhoes. Maar toen ze er nog eens naar keek, zag ze dat het 'takje' pootjes heeft. Wat je op haar foto ziet, is inderdaad een diertje: een rups. Dit is een rups uit de spannerfamilie. Deze rupsen hebben een vreemde manier van voortbewegen omdat het middendeel geen pootjes heeft. Dit deel wordt bij het voortbewegen steeds in een boog omhoog gespannen. Tevens wordt het achtereind van het lichaam tot bij de voorste pootparen getrokken, zie dit filmpje. Vandaar de naam spanners.

Een peper en zoutvlinder (foto: Saxifraga/Jaap Schelvis).
Een peper en zoutvlinder (foto: Saxifraga/Jaap Schelvis).

De spannerrups op de foto heeft een beetje bruinachtig groene kleur. Volgens mij is dit de rups van de peper en zoutvlinder. Ik heb een foto van de vlinder toegevoegd, dan snap je de naam een beetje.

Waarom zit er een libel op de bamboestok?
Ronald Brans heeft twee bamboestokken in zijn tuin en daarop zag hij een lange tijd een of twee libellen. Hij stuurde mij een foto met de vraag welke libel dit is. Het is een beetje lastig om te zien welke soort het is, want kenmerkend bij deze soort zijn de zwarte pootjes met gele strepen. Toch durf ik er een naam op te plakken vanwege de kleur van het lichaam. Die is een beetje strobruin dus denk ik dat dit een vrouwtje is van de zwervende heidelibel Deze soort hoort thuis in de familie van de korenbouten. Het is dus een echte libel. Libellen zijn namelijk in te delen in twee groepen: echte libellen en juffers. De zwervende heidelibel op de bamboestok is in principe een invasiesoort die zich inmiddels in ons land, sinds 2000, definitief gevestigd heeft. De bamboestok is een prima uitkijkpost om vandaaruit een prooi aan te vallen.

Een trompetbloem (foto: René Wisse).
Een trompetbloem (foto: René Wisse).

Wat is de naam van deze plant, die na 25 jaar plotseling peultjes krijgt?
Rene Wisse stuurde mij een foto van een plant die na 25 jaar ineens peultjes heeft. Hij vroeg zich af wat de naam van die plant is. Toevallig ben ik deze plant al eens tegengekomen bij kennissen dus weet ik dat dit de trompetbloem is. Een logische naam, want de bloemen hangen als een soort trompet aan de struik. Dat deze trompetbloem bij Rene nu pas vruchten geeft, kan te maken hebben met de klimaatverandering. Oorspronkelijk kwamen trompetbloemen voor in de warmere delen van Noord-Amerika. Het is dus een warmteminnende plant. De afgelopen jaren hebben we in Nederland steeds warmere periodes gehad. Daardoor is de bloei verder gegaan en zijn de peulen ontwikkeld.

Waarom neemt een wesp een meelworm mee?
William heeft op zijn balkon voor de vogels een bakje meelwormen neergezet. Onlangs zag hij dat hier een wesp in landde, die na een worsteling zo’n meelworm meenam. Hij vraagt zich af of wespen meelwormen eten. Nou, wespen eten zelf niet zoals wij, maar wat wespen wel doen is alles wat eetbaar is aanvallen. Zo’n prooi doden ze en ze bijten er dan stukken uit. Die stukjes vermalen ze vervolgens in de monddelen tot een soort papje. Dit papje geven ze daarna aan hun larven. Zo’n meelworm is natuurlijk ideaal, omdat die bijna voor vijftig procent bestaat uit voedselrijke eiwitten. Daarnaast verliest een wesp nauwelijks energie bij het 'aanvallen' van zo’n meelworm. Dit is heel anders wanneer een wesp bijvoorbeeld een spin aanvalt, want dat kan ook weleens verkeerd aflopen. Dan is de wesp de prooi. In dit filmpje van Natural Eckington zie je een wesp met een meelworm.

Een hoornaarroofvlieg (foto: Piet Hendriks).
Een hoornaarroofvlieg (foto: Piet Hendriks).

Een insect van ongeveer drie centimeter, wat is het?
Piet Hendriks vroeg zich af wat de naam is van het vrij grote insect dat hij gespot had en gefotografeerd heeft. Op de foto zie je een soort vlieg, want dit insect heeft twee vleugels. Daarnaast heeft het insect een lang goudgeel lichaam, grote poten en grote ogen. De naam is hoornaarroofvlieg. Deze roofvlieg is met een lengte van drie centimeter de grootste roofvlieg van ons land. Hoornaarroofvliegen komen het meest voor op schrale weilanden en op heidevelden waar ze vanaf kleine verhogingen, zoals zandhoopjes, koeienvlaaien of takjes jagen op allerlei insecten. Aan de kop van de hoornaarroofvlieg zit een korte maar sterke zuigsnuit waarmee dit insect een prooi steekt. Tegelijkertijd met deze steek spuit de hoornaarroofvlieg een giftige stof in die prooi waardoor die prooi verlamd wordt. Diezelfde giftige stof verteert de ingewanden tot een soort vloeistof waarna de roofvlieg de prooi leegzuigt.

Liriope muscari (foto: Erna van de Dungen).
Liriope muscari (foto: Erna van de Dungen).

Welk onkruid in mijn tuin?
Erna van de Dungen stuurde mij een foto van een mannagrasachtige plant. Ze wil graag weten wat dit is. Ik zag al snel dat deze plant niet uit onze inheemse flora komt. Het is dus een tuinplant en geen onkruid. Nu ken ik intussen wel wat tuinplanten, maar deze had ik nog nooit gezien. Gelukkig heb ik wat bevriende hoveniers zoals Bert Klerks. Die vertelde me dat dit een liriope muscari is. Hij zei er meteen bij dat deze plant inderdaad op een grassoort lijkt, maar dat het dit niet is. Deze plant hoort bij de aspergefamilie thuis. De plant heeft ook een Nederlandse naam, dat is leliegras. Het woord gras zit er dus wel in. Leliegras komt van oorsprong uit Oost-Azië en heeft mooie paarse bloemen, zie de foto. Leliegras groeit net als gras uit een soort pol. Het is van oorsprong een bosplant.

Wachten op privacy instellingen...

Bodemleven in beeld: de wolfspin - IVN Natuureducatie
De wolfspin weeft geen web, maar zwerft over de bodem op zoek naar prooien om te eten. Deze spinnen kunnen een halve centimeter groot worden, maar ook wel vier. Wolfspinnen kunnen goed zien met al die ogen. Het zijn dan ook goede jagers. De vrouwtjes bewaren de bevruchte eieren in een zakje.

Een kleine watersalamander (foto; Yvonne Mutsaers).
Een kleine watersalamander (foto; Yvonne Mutsaers).

Waarom verstopt deze salamander zich onder een graspol?
Bas Mutsaers leest, net als zoveel Omroep Brabant-radioluisteraars, de rubriek Stuifmail elke week. Dit keer heeft hij een vraag. Toen zijn vrouw onkruid aan het wieden was, zag ze een opgerold wezentje onder een graspol. Ze legde het diertje voorzichtig opzij en ontdekte dat het een salamander is. Maar wat ze zij en Bas zich afvragen is welke salamander dit is en waarom deze in de tuin onder de graspol gevonden werd en niet in het water honderd meter verderop. Zo te zien is dit een kleine watersalamander. Rond deze periode, half tot eind september, kruipen jonge watersalamanders uit het water nadat ze een lange periode als larf daarin geleefd hebben. Ze hebben inmiddels het volwassen stadium bereikt en gaan nu op zoek naar een goed plekje om te overwinteren. Dit doen ze meestal in de nacht. Ze zoeken als het ochtend wordt een vochtig schuilplekje op, zoals bijvoorbeeld zo'n natte graspol. Overigens zien deze dieren er tijdens hun landfase ook iets anders uit. Ze hebben dan een enigszins doffe droge huid. Zie het filmpje van Martijn Hoekstra wat in de tuin is opgenomen.

Een waterbuffel met een witte kwikstaart (foto: Patricia Smulders).
Een waterbuffel met een witte kwikstaart (foto: Patricia Smulders).

Rubriek mooie foto’s
Patricia Smulders. stuurde me een foto voor de rubriek mooiste foto’s. Het is een foto van een waterbuffel, met op de buffel een witte kwikstaart.

Natuurtip: spinnentelling
Dit weekend vindt de Nationale Spinnentelling 2022 plaats. Deze spinnentelling wordt elk jaar in september gehouden, dit jaar voor de tiende keer. Iedereen kan meedoen aan de spinnentelling, door tojdens dit weekend in zijn huis en tuin op zoek te gaan naar zoveel mogelijk soorten spinnen en die telling door te geven via Tuintelling.nl.

Spinnen zoeken kan op allerlei manieren. Je kunt in de tuin zoeken op en tussen planten, onder bladeren, op de grond of tussen stenen. Maar ook in en om het huis zijn spinnen te vinden in hoeken, gaatjes en langs randjes van kozijnen of deuren. Je kunt zelfs in het donker met een zaklamp op zoek naar nachtactieve spinnen. Om de spinnen vervolgens te herkennen, kun je de spinnenzoekkaart gebruiken. Nieuw is het soortenboek op de website van Tuintelling.nl. Daar vind je foto's en informatie over de meest voorkomende spinnen.

Zo werkt de spinnentelling
• Vind en tel de spinnen door op dit weekend op zoek te gaan in je tuin (en huis).

• Bepaal welke soort het is op de spinnenzoekkaart. Lijkt jouw spin niet op de afgebeelde soorten, zoek dan eventueel verder op internet of vraag om hulp op de tijdlijn van Tuintelling.nl.

• Geef je tellingen door. Log in of meld je aan bij Tuintelling.nl. Bevestig de datum en geef per gevonden soort het aantal exemplaren dat je hebt gezien door via de knop 'telling invoeren'. Zorg dat je niet twee keer dezelfde spin doorgeeft. Zie je later op de dag of een volgende dag een andere spin, dan maak je gewoon een nieuwe telling aan en geef je die door.

App ons!

Heb je een foutje gezien of een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.