Haringhappen en askruisje halen: waar komt het eigenlijk vandaan?
‘Vaarwel aan het vlees’. Dat is de vertaling van het Latijnse ‘carne vale’. Maar vis mag wel. Haringhappen is dan ook een van de tradities op Aswoensdag. Net als het halen van een askruisje. Waar komen die gebruiken vandaan?
Carnaval wordt vlak voor de vastentijd afgesloten: de periode van veertig dagen voor Pasen. Op Aswoensdag, de dag na carnaval, gaan katholieken naar de kerk voor een kruisje van as op hun voorhoofd. Dat kruisje verwijst naar de kruisiging van Jezus. "Het symboliseert de sterfelijkheid van het leven", legt de Helmondse carnavalsprofessor William Feijen uit.
De as is afkomstig van verbrande palmtakken van Palmzondag, een jaar eerder. Op die dag wordt herdacht hoe Jezus op een ezel Jeruzalem binnenreed en mensen met palmtakken zwaaiden. De mis op Aswoensdag wordt daarom ook weleens de Ezeltjesmis genoemd.
Fouten erkennen
"Het ritueel zelf toont je bereidheid om je fouten te erkennen en je opnieuw tot De Heer te richten", vertelt Feijen. Volgens hem is het ook een moment van om terug te blikken op afgelopen jaar. "Wat voor mens ben je geweest, heb je een goed leven gehad en goed gedaan voor andere mensen?"
Iedereen kan zo'n kruisje halen. Je hoeft geen lid te zijn. "De pastoor zegt dat je van stof bent en daarmee ook sterfelijk." Daarom ook de as: dat staat voor sterfelijkheid. Toch halen steeds minder mensen een askruisje. Het aantal katholieken loopt terug. "Jongeren die je ziet zijn lid van een carnavalsvereniging. Jongeren buiten een vereniging zie je nog maar weinig", ziet Feijen.
Vitaminen
Na het kruisje is het tijd voor haring. Tijdens de vastenperiode wordt traditioneel geen vlees gegeten, maar vis mag wel. En haring was vroeger in veel katholieke streken goedkoop en goed houdbaar. Zo groeide het uit tot een vast onderdeel van de dag na carnaval. Overigens verschilt de traditie per regio: in België eten ze bijvoorbeeld geen haring, maar pruimentaart.
Haring geldt als een soort ‘herstelhap’. Het markeert de overgang van feest naar vasten. Bovendien bevat de vis veel vitaminen en eiwitten en zou helpen tegen griep, verkoudheid én katers. Voor sommigen is het ook een symbolische ‘laatste hap’.
Haringhappen is geen kerkelijke verplichting, maar een volksgebruik. Soms met een broodje, vaak staand. Volgens Feijen is het een soort afterparty 'waar men een harinkje hapt en nakletst'. "Het is een gezellige bijeenkomst, net zolang als men wil. Veel mensen zijn moe van carnaval, maar doen nog een of twee uur een borreltje. Dan is het wel klaar." Dus hoewel de kerkelijke traditie er een beetje vanaf is, is vooral het haringhappen overgebleven.
