Breda discrimineerde niet: frustratie en onbegrip bij woonwagenbewoners
Bart en Leonie Hülters van Stichting Woonwagenbelangen zijn zwaar teleurgesteld in de uitspraak van het College voor de Rechten van de Mens. Die schoof hun klacht over discriminatie door de gemeente Breda aan de kant. Het stel was naar het College gestapt omdat een ambtenaar zou hebben gezegd dat het gezin geen recht had op een stuk braakliggend terrein naast een kamp aan de Gageldonkseweg omdat Bart een woonwagenbewoner is.
"Heel frustrerend", zegt Bart. "Want voor ons is het heel duidelijk wat er gezegd is en hoe dat bedoeld werd."
Bart en Leonie willen al langer extra standplaatsen naast het bestaande kamp realiseren, zodat familieleden weer dicht bij elkaar kunnen wonen. Volgens de gemeente kon dat nooit vanwege het bestemmingsplan, maar wijzigde dat juist wel voor de bouw van sociale huurappartementen. In die periode vond ook het gesprek met de ambtenaar plaats.
"Als het College zegt dat hier geen discriminatie is, voelt dat krom."
Het College oordeelde dat niet kan worden vastgesteld in welke context de bewuste opmerking is gedaan. Het zou ook een uitleg van het beleid kunnen zijn geweest. Daarmee is juridisch niet bewezen dat sprake is van discriminatie. "Ze zeggen eigenlijk: het is niet goed onderbouwd. Dan houdt het op", reageert Bart Hülters.
Voor het echtpaar voelt de uitspraak onrechtvaardig. Ook omdat de voorbereiding en de zitting verre van ideaal was omdat Leonie, degene met de meeste dossierkennis, in het ziekenhuis lag.
"Ik baalde daar enorm van", zegt ze furieus. "Je kunt discriminatie hier namelijk wél onderbouwen. Het gaat er om wat er toen letterlijk is gezegd."
Zo verwijst Leonie onder meer naar gemeenteraadsvergaderingen waarin fouten door de wethouder zouden zijn toegegeven. "Die fragmenten staan gewoon online. En dan zegt het College voor de Rechten van de Mens dat er geen discriminatie is. Dat voelt krom."
"Als iemand tegen jou zegt: jij mag hier niet wonen vanwege wie je bent, dan kan dat toch niet? Vul voor woonwagenbewoner eens een willekeurig ander ras of bevolkingsgroep in. Stel dat iemand zou zeggen: je mag hier niet wonen omdat je een Turk bent. Dan staat heel Nederland op z’n kop. Maar bij woonwagenbewoners lijkt dat ineens anders te liggen", aldus Leonie.
"We willen niet speciaal, maar hetzelfde behandeld worden."
Tegen het oordeel van het College is geen hoger beroep mogelijk. Wel loopt er nog een procedure bij de Raad van State over het bestemmingsplan voor de locatie. Want ondanks deze tegenslag geven Bart en Leonie de strijd niet op. Ze hopen nog altijd in de toekomst met de kinderen bij hun familie op of naast het kamp te kunnen wonen.
"We willen geen speciale behandeling", besluit Leonie. "We willen alleen hetzelfde behandeld worden."
