Peter zag een bijzondere vogel, volgens Frans is er iets mis mee
Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur. Iedereen kan vragen insturen via [email protected]. Dit keer besteedt Frans onder meer aandacht aan grote groepen en kleine groepjes kauwen, een strandvondst, een hybride merel of een merel met pigmenttekort en een spin. Deel een van deze Stuifmail is zaterdag al gepubliceerd.
Is dit een hybride merel of eentje die te weinig pigment heeft?
Peter van Melis zag een mooie merel in zijn tuin. Hij vroeg zich af of deze merel een hybride soort is of dat de merel weinig pigment heeft. De merel op de foto van Peter is zeker geen hybride soort, deze heeft zeker pigmentproblemen. De merel op de foto heeft een gedeeltelijk mooi zwart pak, maar er zitten ook verschillende veren tussen die wit zijn. Deze merel heeft leucisme. De ogen, snavels en poten van dit soort merels zijn wel normaal van kleur. Leucisme is een pigmentafwijking. Deze afwijking komt bij alle dieren voor. Bij vogels wordt de kleuring van de veren veroorzaakt door de stof melanine, een natuurlijk pigment in het lichaam. Bij vogels met leucisme wordt de stof melanine wel aangemaakt, maar komt dit niet tot uiting in de veren. Oorzaak daarvan is een gemis aan bepaalde eiwitten. Daardoor blijven sommige veren - zoals bij de merel op de foto van Peter - kleurloos. Dit eiwittekort ontstaat vaak door een te eenzijdig voedingspatroon of een tekort aan voedsel, waardoor de vogel een slechte conditie krijgt.
Flip de Nijs heeft een filmpje gemaakt van een merel met Leucisme in zijn tuin.
Wat is de reden dat een grote groep kauwen uiteengaat in een kleine groep?
Jeanne Meijer ziet momenteel dat rond het middaguur kauwen zich verzamelen, maar dat die in de avond in kleinere groepen weer uit elkaar gaan. Tijdens winterse perioden verzamelen kauwen zich inderdaad in grote groepen om naar hun slaapplaatsen te gaan. Dit noemen we de slaaptrek. Kauwen doen dit omdat ze zich zo beschermen tegen de kou, lekker dichtbij elkaar, maar ook tegen de roofdieren zoals uilen en haviken. Meer ogen zien de roofdieren sneller dan een enkel paar ogen. Naast veiligheid biedt het in groepsverband zijn ook warmte. Er wordt een rangorde bepaald, informatie gedeeld en het biedt de mogelijkheid om in de avondlucht te spelen.
Nu de winter bijna voorbij is, gaan de kauwen uit het noorden terug naar Scandinavië en Oost-Europa. Dus worden de avondgroepen sowieso kleiner. Dat er in de middag groepjes zich kort even verzamelen om daarna weer uit elkaar gaan, heeft misschien te maken met het verspreid zoeken naar voedsel. Binnenkort, zo rond half maart, gaan de groepen kauwen helemaal uit elkaar, want dan begint het broedseizoen. Overigens gaat dan niet iedere kauw zijns of haars weegs, maar gaan ze als paren verder. Kauwen blijven namelijk levenslang bij dezelfde partner. Samen gaan ze dan op zoek naar een geschikt territorium waarbinnen een geschikte nestlocatie wordt gezocht.
Welke zeester is dit?
Dirk Eijk kreeg een foto opgestuurd van zijn nichtje die zeesterren had gefotografeerd op het strand bij Ouddorp. Hij wil graag weten welke zeesterren dit zijn. Aangezien ik tegenwoordig ook heel vaak te vinden ben in Zeeland vanwege mijn kleinkinderen kom ik ook vaker op het strand. Ik heb daar ook al het een en ander gedetermineerd, zoals de zeesterren op de foto van het nichtje van Dirk. De naam van die zeesterren is gewone slangster.
De gewone slangster, ook wel grote slangster genoemd, komt vrij algemeen voor in de Noordzee. Ze leven daar op zand- en modderbodems vaak tot tweehonderd meter diepte. Op het menu van de gewone slangster staat vooral aas. Onderzoek wijst uit dat dit een vrij algemene soort is, die men vindt in dichtheden van twintig tot vijftig exemplaren per vierkante meter. In de zomer, maar ook tijdens de winter spoelen ze vaak aan op het strand. Deze specifieke zeester is te herkennen aan een drie tot vijf centimeter centrale schijf met daaraan vijf dunne, slangachtige armen die ze bij gevaar kunnen afwerpen. De armen zijn voorzien van harde platen en stekels, die liefst veertien centimeter lang kunnen zijn.
Is dit een valse wolfspin?
Kristel de Bruijn kreeg van haar collega de vraag of zij bang is voor spinnen. Ze gaf als reactie: “Het ligt eraan welke spin." De spin die ze tegenkwam, vond ze er best groot uitzien. Ze heeft de spin gevangen in een glaasje en buitengezet. Haar vraag aan mij is of dit een valse wolfspin is. Het antwoord is volmondig ja. De foto laat duidelijk zien dat de spin mooi lichtbruin van kleur is en donkerbruine vlekken heeft. Daarnaast is het kopborststuk voorzien van een mooie tekening.
Vrouwtjes van de valse wolfspin kunnen maximaal twee centimeter groot worden, mannetjes maar dertien millimeter. Valse wolfspinnen komen van oorsprong niet hier vandaan, maar uit het gebied rond de Middellandse Zee. Ze lijken heel veel op de bij ons bekende wolfspinnen, vandaar de naam valse - niet echte - wolfspin. Deze spinachtige dieren jagen op vliegen, muggen en andere insectensoorten. Vanuit Zuid-Europa zijn ze langzaam naar onze contreien gekomen. In hun vertrouwde leefgebied vind je deze spinnen vooral onder stenen of boomschorsen en dan in bosgebieden. In Nederland zie je ze bijna uitsluitend in of rond huizen.
Rubriek mooie foto’s
In de rubriek mooie foto's dit keer een foto die gemaakt is door Marianne Wijten. Zij legde een mooie rugstreeppad vast. De amfibieën zijn al wakker geworden en hopen op een mooie lente. Een fantastische foto!
Natuurtip
Zaterdag 7 maart kun je van tien uur 's ochtends tot twaalf uur 's middags deelnemen aan een excursie door de Oisterwijkse Bossen en Vennen.
Dit prachtige natuurgebied in stand houden gaat niet vanzelf. Tijdens deze excursie leer je meer over het werk van Natuurmonumenten. Wat is er bijvoorbeeld voor nodig om de door bos omgeven vennen te laten spiegelen en stralen?
De Oisterwijkse Bossen en Vennen zijn duizenden jaren geleden ontstaan. Door de eeuwen heen heeft de mens hier op verschillende manieren het landschap veranderd. Natuurmonumenten probeert de bossen en vennen in een zo natuurlijk mogelijke staat terug te brengen en de biodiversiteit te verbeteren. Dit gaat niet vanzelf. Leer tijdens de excursie meer over het werk van Natuurmonumenten om de schitterende vennen te laten stralen in de bossen van Oisterwijk.
Meer informatie
• Aanmelden verplicht, zie deze link.
• Vertrekpunt is het Bezoekerscentrum Oisterwijkse Bossen en Vennen aan de Van Tienhovenlaan 4 in Oisterwijk, zie deze link.
• Deelname kost elf euro, leden van Natuurmonumenten betalen 7,70 euro.
• Deze excursie is gericht op volwassenen. Oudere kinderen zijn onder begeleiding van een volwassene ook welkom.
• Trek stevige wandelschoenen aan.
• Draag kleren die passen bij het weer.
• Controleer jezelf achteraf altijd op teken!
• Honden mogen niet mee.

