Fetiya mist ontmoetingsplaats voor buitenlandse vrouwen in haar stad
“Het maakte niet uit of je Turks, Marokkaans of Somalisch was. We waren een grote familie”, vertelt Fatima El Hachmi. Zij kwam vroeger vaak bij het Centrum Buitenlandse Vrouwen (CBV) in Tilburg. Sinds begin jaren tachtig bereikte voormalig directeur Snjezana Mateijevic duizenden buitenlandse vrouwen in de stad, totdat daar in 2013 een einde aan kwam. Die ontmoetings plek wordt nog altijd gemist.
Er is woensdagmiddag geen stoel meer over bij het Regionaal Archief in Tilburg (RAT). Dit keer niet voor één bijzonder archiefstuk, maar voor het overdragen van de archieven van een belangrijke organisatie voor buitenlandse vrouwen in Tilburg. Het CBV is voor iedere vrouw die er ooit kwam een belangrijke plaats in haar leven. “Veel vrouwen vonden hier hun plek”, vertelt voormalig directeur Snjezana. “Ze leerden de taal om bijvoorbeeld naar de ouderavond van hun kind op school te kunnen.”
Maar het was meer dan alleen taalles. Dat zien ook de vrouwen die er door de jaren heen kwamen. “Heel veel vrouwen zijn sterk geworden bij het CBV", vertelt Fetiya uit Ethiopië, terwijl ze moet slikken om haar tranen te onderdrukken. “Ik heb nooit nee leren zeggen en als je ja blijft zeggen, wordt dat je uiteindelijk te veel. We hebben hier geleerd voor onszelf op te komen en onze dagen zinvol te maken.”
“Ze was geen directeur, maar een moeder, een zus en echt een van ons.”
Ook voor Canan Yenice, die oorspronkelijk uit Turkije komt, was het centrum speciaal. “We hebben allemaal ons thuis achtergelaten en dat is wat we gemeen hebben. Ook was er respect voor elkaars cultuur.”
Daar sluit Fatima zich bij aan. Ze liep tijdens de middag naar Snjezana en zei: “Volgens mij heb jij geen idee hoeveel jij voor elke vrouw, die binnen het CBV is geweest, hebt betekend. Ze was geen directeur, maar een moeder, een zus en echt een van ons.”
“Toen die vrouwen hier kwamen, vroeg niemand zich af hoe zij dat zelf eigenlijk vonden.”
Voor Snjezana was het heel logisch dat er zo’n ontmoetingsplek voor buitenlandse vrouwen werd opgericht in Tilburg. “Eerst kwamen de mannen naar Nederland omdat ze hier gingen werken. Uiteindelijk wilden zij dat hun gezinnen kwamen en dat duurde soms wel tien jaar.”
Eenmaal hier werden de gezinsleden vaak aan hun lot overgelaten. “Toen die vrouwen hier kwamen, vroeg niemand zich af hoe zij dat zelf eigenlijk vonden. In hun thuisland konden ze praten over de kinderen, school en andere dingen. Hier vielen ze in een groot gat.”
“Als het aan ons zou liggen, zou er morgen weer zo’n centrum zijn.”
Op die manier werden duizenden vrouwen geholpen met taal, leerden ze fietsen en kwamen ze in hun kracht te staan. Toch verdween het centrum in 2013, maar daar wil de voormalig directeur niet te veel woorden aan vuil maken. “Het heeft vrouwen veel verdriet gedaan. Het is onterecht dichtgegaan, want het was toen nog nodig en nu eigenlijk nog steeds.”
Daar zijn Fatima, Canan en Fetiya het mee eens. “Als het aan ons zou liggen, zou er morgen weer zo’n centrum zijn”, zegt Canan. “De periode om in te burgeren is te kort. Daarna moet je het zelf uitzoeken. Wij hadden alles op een plek: over opvoeding, gezondheid en financiën. Dat heeft ons heel erg geholpen.”
