Elly Vleeschhouwer overleden, een van laatste overlevers van Kamp Vught
Elly Vleeschhouwer-Blocq, een van de eerste gevangenen die in Kamp Vught zat, is overleden. ‘Met ontzettend veel geluk’, zoals ze later vaak zei, overleefde de joodse vrouw acht concentratiekampen. Ze overleed dinsdag op 101-jarige leeftijd.
Nationaal Monument Kamp Vught liet vrijdag in een bericht op social media weten bedroefd te zijn opnieuw iemand te moeten verliezen van de laatste generatie ooggetuigen. “Kamp Vught verliest in Elly een bijzondere vrouw wier krachtige stem voorgoed is gedoofd, maar zal blijven weerklinken in het verhaal dat wij te vertellen hebben.”
Elly groeide samen met haar vier broers en twee zussen op in een Joods gezin in Amsterdam. In 1942 trouwde ze met de eveneens Joodse Wim, middenin de Tweede Wereldoorlog. Toen Elly een ster moest gaan dragen weigerde zij in eerste instantie: “Ik wilde gewoon niet apart gezet worden.” Maar aan de vervolging viel niet te ontkomen.
Acht concentratiekampen
Tijdens de oorlog ging ze van concentratiekamp naar concentratiekamp. Kamp Vught was het eerste. Daar arriveerde ze in januari 1943 als een van de eerste gevangenen en bleef ze tot begin juni 1944. Ze had naar eigen zeggen ‘veel geluk gehad’, maar ook de liefde van haar man Wim, die vrijwillig met haar meeging toen Elly werd opgepakt, én haar werk bij het Philips-Kommando speelden een grote rol bij het overleven.
Na de oorlog werden Elly en Wim herenigd en samen werden ze gelukkig oud. Wim stierf in 2007. Het grootste deel van haar leven zweeg Elly over haar ervaringen in de oorlog. Pas op zeer hoge leeftijd ging ze vertellen. Femmetje de Wind baseerde op haar levensverhaal de in 2024 verschenen historische roman Hij noemde me Elly. Met dat boek kreeg het verhaal van Elly in één klap landelijke bekendheid.
In een tijd waarin oorlog, haat en angst weer de boventoon voeren, wilde Elly nog een boodschap meegeven: “Je moet elkaar leren kennen, dan haat je elkaar niet meer.”
