Er groeit iets geks op dit iepenblad: Frans weet wat het is
Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur. Iedereen kan vragen insturen via [email protected]. Dit keer besteedt Frans onder meer aandacht aan omgekeerde, enigszins peervormige, kale en holle gallen, een geelgerande watertor die tegenwoordig een nieuwe naam heeft – gewone geelrand – en aan een soort witte zak aan een boom. Deel een van deze Stuifmail is zaterdag al gepubliceerd.
Wat is dit wat hier groeit op een blad?
Mieke van Schijndel dacht dat ze een zaailing van een berk zag, maar het blijkt geen berkenzaailing te zijn: het is een iep. Daarnaast zag ze iets op het blad zitten en vroeg zich af wat dat was.
Het grappige is dat ik kort na haar bericht een bericht ontving van Elly van den Reek. Zij had ook een blad van de iep met iets erop. Het vreemde ding op de iepenblaadjes van Mieke en Elly zijn volgens mij iep-grasluisgallen. De iep-grasluisgallen worden veroorzaakt door iep-grasluizen. Deze diertjes zijn zeer klein en worden maximaal twee millimeter groot. Ze zijn dus lastig te vinden, maar wel actief van mei tot en met september.
De gallen vallen echter goed op: ze worden ongeveer 15 millimeter hoog en zien eruit als omgekeerde, enigszins peervormige, kale en holle structuren. In het begin zijn ze groen, later verkleuren ze naar geel en uiteindelijk drogen ze op tot een roodbruine kleur.
De iep-grasluisgallen vallen meer op, want die zijn zo’n 15 millimeter groot en zien er uiteindelijk uit als omgekeerde, een beetje peervormige, kale en holle gallen. In het begin zijn ze groen, later geel en uiteindelijk verdrogen ze tot een roodbruine kleur.
De gallen ontstaan aan de bovenzijde van de iepenbladeren. Vaak verkleurt een deel van het blad rond de gal geel en raakt het licht vervormd. Aan de onderkant zit een harige opening die zich later sluit. Wanneer de luizen volgroeid zijn, scheurt de gal open en verhuizen ze naar de wortels van gras onder de boom, meestal kweekgras.
Wat beweegt er in mijn vijver?
John Selten zag op een ochtend iets in zijn vijver bewegen en hij dacht onmiddellijk aan een kever. Hij stuurde mij een foto met de vraag of ik weet om welke kever het gaat.
Volgens mij is het een geelgerande watertor (waterkever), die tegenwoordig een nieuwe naam heeft: gewone geelrand. Ook de naam geelgerande waterroofkever wordt gebruikt. Deze gewone geelrand behoort tot de familie van de waterroofkevers en is met een lengte van 3,5 centimeter een van de grootste kevers in Nederland.
Op het menu van deze vraatzuchtige rovers staan vooral insectenlarven, maar ook waterspinnen, dode dieren en kleine vissen. Ze kunnen, net als lieveheersbeestjes, heel goed vliegen. Vaak vliegen ze ’s nachts naar een nieuwe poel, plas of vijver. Het verlaten van zo’n waterplas doen gewone geelranden dus vooral ’s nachts, maar ook bij windstil en regenachtig weer. Dat gebeurt vooral in de late zomer en vroege herfst. De reden hiervoor is dat een nieuwe generatie waterroofkevers uit hun poppen kruipt, maar ook dat een waterplas kan dreigen op te drogen, waardoor er voedseltekort ontstaat.
Op straat zien ligt een gewone dwergvleermuis, wat is er aan de hand?
Jos Cleijsen ging zijn PMD-container op straat zetten toen hij iets zag liggen. Toen hij beter keek, zag hij dat het een gewonde vleermuis was.
Zo te zien is het inderdaad een vleermuis en volgens mij een gewone dwergvleermuis. Er is iets mis met een van de vleugels, maar helaas weet ik niet of er nog hulp is gekomen voor de gewonde vleermuis. Gewone dwergvleermuizen behoren met een maximale lengte van vijftig millimeter tot een van de kleinste vleermuissoorten in Europa.
Op het menu van deze vleermuizen staan voornamelijk kleine insecten zoals muggen, schietmotten, motten en gaasvliegen. In principe vangen ze in één nacht ongeveer driehonderd van deze prooidiertjes. Ze komen daarvoor ongeveer dertig minuten na zonsondergang naar buiten en blijven dan gedurende acht uur aan één stuk door jagen. Daarna zoeken ze hun slaapplaatsen weer op. VVooral in de zomer slapen ze overdag in spouwmuren, in boeiboorden, onder dakpannen en achter houten gevelbekleding. Daarnaast zijn er in de zomer ook kraamkolonies, waarin de vrouwtjes met hun jongen zitten.
Natuurlijke vijanden van de gewone dwergvleermuis zijn huiskatten, uilen, roofvogels en kraaiachtigen. Kerkuilen en bosuilen jagen op diverse vleermuizen en dagroofvogels kunnen dat nog net doen in de schemering. De belangrijkste niet-natuurlijke vijand is de huiskat. Zwakke vleermuizen zijn vaak de klos, maar soms, als huiskatten een kraamkolonie ontdekken, worden alle dieren opgegeten. Vreselijk.
Wat is dat voor een soort witte zak aan een boom?
Petra Keijsers zag op haar boom een soort witte zak en vroeg zich af of het een zwam was of een nest van een insect. Dat is het niet. Wat op de boom zit bij Petra heet een zilveren boomkussen. Dit zijn geen schimmels of zwammen, maar myxomyceten. Ze behoren tot het rijk van de mycetozoa en niet tot het rijk van de schimmels. In Nederland hebben we myxomyceten vertaald naar het woord slijmzwam, al is dat een wat verwarrende naam.
Zilveren boomkussens zijn kussenvormig en hebben in het begin een zilveren glans, vandaar de naam. Ze kunnen maximaal tien centimeter groot worden. De inhoud is eerst zilverwit, maar wordt later chocoladebruin. Als dat stadium is bereikt, scheurt het vlies open waarna de sporen zich met behulp van regen en wind verspreiden.
In Nederland komen ongeveer 300 soorten myxomyceten voor en wereldwijd bijna 1000. De meeste ontwikkelen zich op dood en levend hout, zoals takken, stammen en schors, maar ook op bladeren, stengels en mos.
Rubriek mooie foto’s
In het uiterste westelijke deel van de Bommelerwaard ligt het gebied Munnikenland. Daar trof de fotograaf deze mooie lepelaar aan en maakte een prachtig beeld (zie hierboven).
Natuurtip
Op zaterdag 6 juni van half twee tot vier uur ’s middags kun je met een gids de natuur in de Biesbosch ontdekken. Tijdens de wandeling over het Griendmuseumpad vertelt de gids over de verscheidenheid aan planten en dieren en laat hij zien hoe biodiversiteit ons dagelijks leven raakt.
Meer informatie:
- Deze tocht is niet geschikt voor (jonge) kinderen
- De wandeling kost elf euro per persoon
- Je kunt de wandeling hier boeken

