Ontdek
STUIFMAIL

Heb je deze fraaie struik in je tuin? Dan heeft dat voordelen volgens Frans

Vandaag om 08:30 • Aangepast vandaag om 09:19

Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur. Iedereen kan vragen insturen via [email protected]. Dit keer besteedt Frans onder meer aandacht aan een mooie gele libel met een platte buik, een look-a-like boktor, heel fraaie bloemen aan een exotische boom en gele bollen. Deel een van deze Stuifmail is zaterdag al gepubliceerd. 

Japanse kornoelje (foto: Jos van de Heijden).
Japanse kornoelje (foto: Jos van de Heijden).

Prachtige bloemen 
Jos van der Heijden stuurde mij een foto van prachtige bloemen en bladeren. Hij wil graag weten hoe de boom heet waar deze prachtige bloemen aan zitten. Het toeval wil, dat een goede vriend van mij zeer veel vreemde bomen kent. Hij kwam met de naam Japanse kornoelje. Oorspronkelijk kwam deze boomsoort hier niet voor, maar alleen in China, Korea en Japan. Naast deze Japanse kornoelje zijn er nog ruim zestig andere soorten kornoeljes. Feitelijk zijn dit geen bomen, maar behoren ze tot de struiken. Het zijn niet zo snel groeiende struiken, die er jaren over doen om tot een hoogte van ongeveer zes meter te komen. De wetenschappelijke naam van deze Japanse kornoelje is cornus kousa. Cornus betekent hoorn en dit verwijst naar het extreem harde hout van de takken en de hoornachtige vorm ervan in de winter. De naam kousa slaat enigszins op de vruchten van deze struik. Die lijken wat op courgettes. Persoonlijk vind ik echter dat de opvallende vruchten er meer uitzien als frambozen of aardbeien. Wat wel waar is, is dat ze heerlijk eetbaar zijn. Voor de vruchtvorming hebben Japanse kornoeljes prachtige witte bloemen in het voorjaar. In Japan kun je deze struik in het wild voornamelijk vinden in de bergwouden van het hoofdeiland Honshu. Daarnaast ook nog in China en Korea aan de rand van bossen en in bergwouden. Heb je zo’n struik in je tuin staan, dan is het belangrijk niet teveel aan de groeivorm te doen, behalve het dode hout wegsnoeien. Staat zo'n Japanse kornoelje in je tuin, dan heb je ook wat aan de geneeskundige kracht van de vruchten. De rijpe vruchten ondersteunen namelijk de nier- en leverfunctie, werken ontstekingsremmend en reguleren de bloedsuikerspiegel. 

Een vrouwtje van de platbuiklibel (foto: Anja Seijkens).
Een vrouwtje van de platbuiklibel (foto: Anja Seijkens).

Is de libel die tegen het gaas van de volière, zat een platbuik?
Bij Anja Seijkens zat een echte libel vast in het gaas van de volière. Gelukkig kon zij de libel bevrijden. Ze heeft er een foto van kunnen maken. Toen kwam ze er achter dat de libel een platbuik is. Op die foto van Anja staat volgens mij een vrouwtje van de platbuik. Platbuiken zijn forse libellen. Door hun zeer brede achterlijf lijken ze zelfs erg fors. De voor- en achtervleugels hebben in basis donkere vlekken. De aders in die donkere vlekken zijn opvallend geel. Bij pas uitgeslopen platbuiken (zie dit filmpje over het uitsluipen van een libel) hebben zowel de mannetjes als de vrouwtjes een opvallend gele tot oranjegele kleur op het achterlijf. De vrouwtjes behouden die basiskleur, maar mannetjes verkleuren en krijgen een geheel blauw achterlijf.

Een platbuikmannetje (foto: Saxifraga/Ab H. Baas).
Een platbuikmannetje (foto: Saxifraga/Ab H. Baas).

Je komt platbuiken vooral tegen van eind april tot begin september. Pas uitgeslopen platbuiken verblijven gedurende een langere periode niet bij het water, maar zijn dan te vinden langs bosranden en bij houtwallen. Op het moment dat ze geslachtsrijp worden, keren ze terug naar het water waar de mannetjes een eigen plek gaan bezetten. Door regelmatig te patrouilleren vanaf die plek/hun uitkijkpost behouden ze hun domein. Komt er een vrouwtje in zo’n domein dan grijpt het mannetje dat vrouwtje bij de nek. Als zij paringsbereid is, ontstaat er een paringswiel. Na de paring zetten de vrouwtjes eitjes af in het water. Het mannetje bewaakt dat vrouwtje door vlak bij haar te blijven vliegen. 

Een fraaie schijnbok (foto: Désirée de Bakker).
Een fraaie schijnbok (foto: Désirée de Bakker).

Welke kever zat er op het gaas?
Désirée de Bakker kent Stuifmail pas sinds kort en komt met een vaag over een soort kever die er prachtig glanzend groen uitziet. Ze is benieuwd welke kever is het. Op de foto van Désirée zie je een groenachtig langwerpig diertje op een soort gaas. Volgens mij hebben we hier te maken met een diertje dat thuishoort bij de grote orde van de kevers. De naam van deze kever is fraaie schijnbok. Zoals de tweede naam al aangeeft, hoort dit insect thuis bij de familie van de schijnboktorren. Deze fraaie schijnboktor is een van de elf inheemse schijnboktorren die in ons land voorkomen. Ze hebben hun naam te danken aan het feit dat ze met hun uiterlijk en hun leefwijze heel veel lijken op boktorren. Het grote verschil met boktorren zit in de antennes, de voelsprieten.

Een fraaie schijnbok (foto: Saxifraga/Peter Meininger).
Een fraaie schijnbok (foto: Saxifraga/Peter Meininger).
Schijnboktorren hebben draadvormige voelsprieten, terwijl de boktorren niet draadvormige voelsprieten hebben, die ook nog eens zeer lang zijn en vaak naar achteren gericht. Een ander belangrijk kenmerk van schijnboktorren is dat ze bij een aanval gebruik maken van een giftige afweerstof. Dat doen boktorren niet. Een belangrijk kenmerk tot slot is dat schijnbokken dekschilden hebben, die op het eind sterk versmald zijn zodat de achtervleugels voor een deel onbedekt zijn. Op het menu van volwassen fraaie schijnboktorren staan stuifmeel en nectar van diverse bloemsoorten. Larven van de fraaie schijnboktorren leven enkel van plantaardig materiaal en zijn enkel te vinden in dode, droge stengels van verschillende kruidachtige planten en soms dood hout of rottende boomstronken.
Broedbolletjes, ook wel zaadhoofden genoemd (foto: Moniek Huisman).
Broedbolletjes, ook wel zaadhoofden genoemd (foto: Moniek Huisman).

Wat zijn dat voor gele bolletjes in de sierui?
Moniek Huisman zag allemaal gele bolletjes in haar alliums. Ze vraagt zich af wat dit zijn? Wat ze gezien heeft, zijn volgens mij de zaadbolletjes van haar sieruien. Sieruien zijn bolvormige vaste planten die vier jaar actief kunnen bloeien. Na die periode neemt de bloei van de sierui vaak af. De oorspronkelijke in de grond gestopte bol raakt dan uitgeput of vormt een grote klomp met te veel kleine bolletjes die om ruimte concurreren. Het beste is dan om het geheel in het najaar uit te graven. Daarna moet je die gevonden klomp scheuren en dan wat verder uit elkaar planten. Gaan er zaadbolletjes in de sierui ontwikkeld worden, dan is het 't beste om die eruit te halen en te laten drogen in een droge ruimte. Na de herfst kun je dan de zaden uitzaaien. Het liefst zelfs bij voorkeur in de late herfst of winter. Dit omdat de zaden een koudeperiode nodig hebben voor de kieming. Wil je nog meer weten over de sieruien, kijk dan eens op deze site, zie deze link.

Een gestreepte pijlstaart (foto: Peter van Helmont).
Een gestreepte pijlstaart (foto: Peter van Helmont).

Rubriek mooie foto’s
In de rubriek mooie foto's dit keer een foto die gemaakt is door Peter van Helmont. Hij zag onder een overkapping bij een tuin in Uden een zeldzame nachtvlinder uit de pijlstaartenfamilie: de gestreepte pijlstaart.

Schapen op de Loonse en Drunense Duinen (foto: Nancy Carels).
Schapen op de Loonse en Drunense Duinen (foto: Nancy Carels).

Natuurtip
Zaterdag 27 juni kun je van tien uur 's ochtends tot een uur 's middags door de Loonse en Drunense Duinen struinen met onze ervaren boswachter. Je ontmoet dan de herder en zijn kudde. De schapen grazen op heidevelden waar ze de woekerende planten weg eten. Hierdoor krijgt de heide ruimte om te groeien en blijft deze intact. Een unieke, leerzame wandeling in een van de grootste stuifzandgebieden van West-Europa.

De schapen, de commando’s van de herder en de honden die druk in de weer zijn om alles bij elkaar te houden: de schaapskudde verveelt nooit! Wist je dat de kudde onmisbaar is om de Loonse en Drunense Duinen zo mooi te houden? Onze boswachter vertelt je hier meer over, terwijl je intussen naar de schaapskudde wandelt. Daar tref je de herder die van alles over zijn werk en de schapen vertelt.

De startplaats wijzigt mogelijk nog. Dit is namelijk afhankelijk van waar de kudde op dat moment is in het gebied. Alléén bij wijziging van de startlocatie ontvang je ongeveer een week vooraf een mail. Mogelijke startplaatsen zijn Bosch en Duin in Udenhout, De Roestelberg in Kaatsheuvel of de Rustende Jager in Udenhout.

Meer informatie:
•    Aanmelden is verplicht en kan via deze link.
•    Vertrekpunt is de parkeerplaats bij De Rustende Jager aan de Oude Bossche Baan 11 in Biezenmortel, zie deze link
•    Deelname kost zestien euro, leden van Natuurmonumenten  betalen 11,20 euro. 
•    Vaak zijn we rond de twee tot drie uur op pad, afhankelijk van waar de schapenkudde is vanaf de startlocatie. 
•    Deze excursie is gericht op volwassenen. Oudere kinderen zijn onder begeleiding van een volwassene ook welkom.
•    Trek stevige wandelschoenen aan.
•    Draag kleren die passen bij het weer.
•    Controleer jezelf achteraf altijd op teken.
•    Honden mogen niet mee.

App ons! 👋

Heb je een foutje gezien of heb je een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.