Drama op je vierde werkdag, gegijzelden PI Vught willen cel voor Corné H.
Ze vreesden dat ze hun kinderen, partners en ouders nooit meer zouden zien. Drie medewerkers van het psychiatrisch penitentiair centrum in Vught vertelden maandag in de rechtbank in Den Bosch over de diepe sporen die de gijzeling door Corné H. heeft achtergelaten. Ze vinden dat H. niet alleen behandeld moet worden, maar ook een celstraf verdient. “Hij is niet het slachtoffer. Dat zijn wij.”
Voor een van de gegijzelden was het die 5e december pas zijn vierde officiële werkdag in het PPC (Penitentiair Psychiatrisch Centrum) in Vught. Enkele uren later moest hij zichzelf en een collega boeien aan een tafel in de centrale post, terwijl H. gewapend met messen de controle had overgenomen.
“Ik voelde doodsangst”, vertelde de man tijdens zijn spreekrecht. Hij was ervan overtuigd dat hij zijn kinderen, zijn ouders en zijn vriendin nooit meer zou zien. De gijzeling heeft zijn leven en dat van zijn gezin voorgoed veranderd.
Schuldig
De zorgmedewerker slaapt slecht, is voortdurend alert en heeft veel minder plezier in zijn werk. Ook voelt hij zich schuldig omdat hij zijn collega’s achterliet toen hij de ruimte wél mocht verlaten.
De gevolgen zijn ook thuis dagelijks merkbaar. Zijn kinderen krijgen allebei therapie en zijn bang wanneer hun vader naar zijn werk vertrekt. “Ons hele gezin is slachtoffer.”
Daarom doet het de man pijn dat H. in de media, en volgens hem met name bij Omroep Brabant, is neergezet als iemand die geen behandeling kreeg en uit wanhoop handelde. “Corné is neergezet als slachtoffer. Dat is pijnlijk. Hij is niet het slachtoffer, dat zijn wij.”
Allergrootste nachtmerrie
H. gijzelde in december drie medewerkers in de centrale post van het PPC. Andere personeelsleden konden niet weg uit aangrenzende ruimtes. De gijzeling duurde uren en eindigde toen H. het opgaf na gesprekken met een onderhandelaar.
Een vrouwelijke collega omschreef de gijzeling als haar allergrootste nachtmerrie. Kort voor de gijzeling vroeg H. haar rustig om een mesje en een blender. Zij zag op dat moment geen donkere of dreigende blik, voldeed aan zijn verzoek en vraagt zich sindsdien af wat ze over het hoofd heeft gezien.
Tijdens de gijzeling voelde ook zij doodsangst, maar probeerde tegelijkertijd wel om hulpverlener te blijven en de situatie zo stabiel mogelijk te houden. “Niemand begrijpt wat ik heb meegemaakt”, zei de vrouw. Therapie verloopt moeizaam en ze is bang dat ze nooit meer de persoon wordt die ze voor de gijzeling was. “Ik word ermee wakker en ik ga ermee naar bed.”
Net als haar collega's hoopt de vrouw dat H. een celstraf krijgt. Geen straf opleggen zou volgens haar bovendien een verkeerd signaal afgeven aan andere gedetineerden. Dan zou het zo zijn dat je op die manier je zin kunt krijgen.
Chocoladeletter
Een andere jonge vrouw die werd gegijzeld neemt het H. vooral kwalijk dat hij urenlang de controle over haar leven overneemt. Ze had eerder die 5e december nog persoonlijk contact met H. gehad, toen ze hem verkleed als Piet een chocoladeletter gaf. Juist daarom is het voor haar moeilijk te begrijpen dat hij zijn behandelaars gijzelde.
Ook zij stoort zich aan het beeld dat na de gijzeling ontstond. “Jij was het slachtoffer, alsof wij niet bestonden.”
De gijzeling heeft diepe sporen achtergelaten. De vrouw zegt dat haar vertrouwen in de doelgroep waarmee ze werkt grotendeels is verdwenen. Of zij en haar collega’s ooit volledig over de gebeurtenissen heen komen, weet ze niet. “Misschien komen we hier nooit uit.”
Hier lees je alle verhalen over de gijzeling in de PI in Vught.
Luister hieronder naar een speciale podcast over de gijzeling in Vught:
