Dagmar knapt crematieoven van Kamp Vught op: 'Een lugubere klus'
Een mobiele crematieoven waarin de Duitsers lichamen van gevangenen van Kamp Vught verbrandden, krijgt een bijzondere opknapbeurt. Restaurator Dagmar Beyaard werkt aan het beladen object en doet dat met extra respect: zelfs de muziek blijft uit.
Gewapend met een kwastje en een tandenborstel gaat Dagmar samen met een collega heel precies te werk. Ze zoekt naar beschadigingen en haalt vuil weg. Dat is hard nodig: door de verflagen uit het verleden roest de oven flink. Ook was hij erg vies. "Maar dat zijn geen menselijke resten. Daar hoef ik mij geen zorgen over te maken", zegt ze.
Geen gezellige werkplek
De Duitsers gebruikten de oven in Kamp Vught. Ze bouwden het crematorium in de loop van 1943. Het is een van de weinige SS-gebouwen op het kampterrein die bewaard zijn gebleven. In de vaste en de mobiele ovens samen verbrandden de Duitsers de lichamen van 750 mensen.
Dagmar beseft goed dat ze niet op een gezellige werkplek aan de slag is. "Het is een lugubere klus, maar er zijn voor mij ook grenzen. Ik ga bijvoorbeeld niet in de binnenkant van deze oven liggen. Dat gaat voor mij te ver. We hebben de oven vanbinnen wel schoongemaakt met een lange stofzuigerslang."
Daarnaast werkt ze in stilte. "Ik vind het niet gepast om een muziekje aan te zetten, terwijl je dat bij een ander project wel zou doen", legt ze uit vanaf de steiger, waarmee ze goed bij de oven kan. Ook het gereedschap dat bij de ovens hoort, behandelde ze in haar eigen werkplaats zonder muziek.
Bevroren in de tijd
Het herstel van de mobiele oven is onderdeel van een groter project in Kamp Vught. Bezoekers kunnen meekijken naar de restauratie. Het belangrijkste doel is de spullen uit het verleden te behouden. "We bevriezen de objecten in de tijd. Kapotte dingen gaan we niet meer herstellen."
Als voorbeeld noemt Dagmar een stuk van de oven dat helemaal is dichtgeverfd. "Dat laten we zo. Ik zorg ervoor dat de staat van de objecten niet verder achteruitgaat."
Lijkkar uit vliegtuigsloperij
Het project begon in de zomer van 2026 met de restauratie van een lijkkar, waarmee overledenen naar het crematorium werden gebracht. Tijdens het werk ontdekte Dagmar dat de kar waarschijnlijk in het kamp zelf is gemaakt. Dat leidt ze af uit de onderdelen. In Kamp Vught zat een vliegtuigsloperij, waar oude wrakken uit elkaar werden gehaald en bruikbare materialen werden hergebruikt.
"Ik vond het persoonlijker en emotioneler om daaraan te werken dan aan een fabrieksvoorwerp zoals de oven. De lijkwagen ging bovendien over het hele kampterrein om overledenen op te halen. Bij de ovens is het verhaal van de mensen eigenlijk al klaar."
Heel eervol
Dagmar is trots dat ze zich mag buigen over deze voorwerpen, die veel geschiedenis met zich meedragen. "Het is een lugubere opdracht met zware objecten. Maar ik mag best zeggen dat ik het leuk werk vind. Het is heel eervol."
Volgens haar is het belangrijk om de voorwerpen te behouden die het verhaal van Kamp Vught tijdens en na de Tweede Wereldoorlog laten zien, en ze aan bezoekers te blijven tonen. De mobiele oven is waarschijnlijk in november klaar. Daarna zijn de vaste ovens aan de beurt.
