Alex wil weten wat er met deze haas aan de hand is, Frans heeft wel 'n idee
Boswachter Frans Kapteijns deelt wekelijks zijn kennis van de natuur. Iedereen kan vragen insturen via [email protected]. Dit keer besteedt Frans onder meer aandacht aan een gezellig aanlopertje op een terras, een mooie bloem langs de Maas, wespen die nesten maken in de grond, hazen die het haasje zijn en vliegende dieren die mooie kruipende wezens in volkstuinen wegplukken. Deel twee van deze Stuifmail wordt zondagochtend gepubliceerd.
Stuifmailvraag nummer 24
Welke van de vier onderstaande beweringen is fout?
A. De tong van een hagedis dient vooral om te ruiken en de omgeving te verkennen.
B. De nachtpauwoog heeft een oprolbare roltong om vloeibaar voedsel zoals nectar en boomsap op te zuigen.
C. De tong van een specht dient onder meer om de hersenen te beschermen tegen de harde klappen van het hakken.
D. De tong van een kat dient onder meer om water te lepelen en om vlees van botten te schrapen.
Graag je antwoord sturen naar [email protected]. De winnaar krijgt de eer en een Vincent van Gogh-kleur- en tekenboek, geschonken door het Van Gogh nationaal park. Zondag tussen elf uur 's ochtends en twaalf uur 's middags hoor je het antwoord.
Heeft deze haas een ziekte onder de leden?
Alex van den Akker zag een haas in de polder, maar hij vond het dier er niet goed uitzien. Twee dagen later zag hij een dode haas liggen. Wellicht dezelfde. Nu is zijn vraag: als dit dezelfde haas was, is het dier dan gestorven door een ziekte? Dit kan inderdaad het gevolg van een ziekte zijn, maar ook ouderdom. Een stevig gevecht met een ander haas kan echter ook. In natuurlijke omstandigheden kunnen hazen twee tot vier jaar oud worden. Helaas halen veel jonge haasjes vaak het einde van hun eerste levensjaar niet. Dit komt vooral door roofdieren, maar ook de moderne landbouw en het verkeer veroorzaken veel slachtoffers. Daarnaast zijn er ook nog de gevechten van de rammelaars (de mannelijke hazen), zie de foto hieronder. Die kunnen ook dodelijke verwondingen opleveren.
Dit vechten om vrouwtjes doen de rammelaars in principe het hevigst tijdens het vroege voorjaar. Dat is zo ongeveer tussen februari en april. Maar de gehele paartijd/rammeltijd loopt in principe door gedurende heel de voortplantingsperiode. Die loopt door tot en met september. Ook dit kan dus dodelijke slachtoffers opleveren. Tot slot is er sinds de nazomer van 2024 een grote uitbraak van een nieuwe variant van het myxomatosevirus. Deze vreselijke ziekte voor konijnen en hazen is ontstaan op het Iberisch Schiereiland. Is een haas eenmaal aangetast door dit virus, dan krijgt dat dier dikke oogleden, worden ze vaak blind en sterven ze kort daarna. In 2025 en 2026 heeft het Dutch Wildlife Health Centre deze ziekte intensief gemonitord, met als gevolg dat deze organisatie konijnen en hazen zelfs heeft uitgeroepen tot de speerpuntdieren van 2026 (vanwege de aanhoudende sterfte). Wellicht is de haas van Alex ook aan deze variant van myxomatose gestorven. Dit gezien de korte periode waarop hij een ziekelijk dier zag en twee dagen daarna een dood dier op diezelfde plek.
Rectificatie
In de Stuifmail van vorige week hebben ik het gehad over doorschijnende glasslakken maar dankzij Jurriën de Vries ben ik er nu achter gekomen dat de dieren op de foto hierboven geen doorschijnende glasslakken zijn maar scheve jachthorenslakken (vallonia excentrica).
Kan een egel met die korte pootjes traplopen?
Bij Frank Molenaar heeft een egel een slaapplek gecreëerd onder wat houten planken op zijn terras. Dat vindt hij prima. Maar het gekke van dit verhaal is dat de egel, om bij die plek te komen, een betonnen trap van zeventien centimeter hoog moet beklimmen. Zijn vraag is dan ook: “Hoe komt die egel daar omhoog met z'n korte pootjes?"
Wel echter op gesloten trappen, want open trappen bij je terras of in huis zijn juist heel gevaarlijk voor egels. Ze kunnen hard van die trappen vallen en zich daarbij heel erg bezeren. Ook zwembaden of vijvers in je tuin zijn vervelende objecten voor hen. Zeker als die voorzien zijn van steile randen. Het zwemmen is geen probleem, want egels zijn goede zwemmers, maar zonder egeltrap of loopplank komen deze dieren niet uit zo’n waterplas. Hierbij een link hoe je jouw tuin egelvriendelijk kunt maken.
Welke mooie bloem stond aan de oever van de Maas?
Gerard van Sambeek kwam een mooie bloem tegen tijdens een wandeling langs de Maas. Hij wil graag weten wat de naam van de bloem is. Wat Gerard gezien heeft, is de mooie plant wilde bertram. Het is overigens wel een klein beetje oppassen met de naamkeuze, want wilde bertram lijkt heel veel op gewoon duizendblad, zie de foto hieronder.
Beide behoren ze tot de duizendbladfamilie en allebei hebben ze prachtige witte bloemen. Toch kun je ze goed uit elkaar houden, want de bloemhoofdjes van wilde bertram zijn groter en losser verspreid. Meestal hebben die een doorsnede van ongeveer een tot anderhalve centimeter. Tevens hebben ze beduidend meer witte straalbloemen per hoofdje (meestal acht tot veertien stuks), waardoor ze meer op kleine margrietjes lijken. De bloemenhoofdjes van gewoon duizendblad zijn heel klein, slechts enkele millimeters breed, en staan in grote, compacte schermen of tuilen heel dicht op elkaar. Elk bloemhoofdje van gewoon duizendblad heeft meestal maar vijf witte of roze lintbloempjes. Wilde bertram kom je vooral tegen op natte grond aan de waterkant, maar ook in nat grasland en op moerasachtige grond. Wilde bertram-bloemen zijn eetbaar, zowel vers als gedroogd. Je kunt ze gerust in gerechten verwerken, als je dat gerecht een wat peperachtige smaak wil geven. Daarnaast helpen de bitterstoffen in de plant tegen kiespijn en kun je de tot poeder gemalen droge bladeren gebruiken als nieskruid. Vandaar dat het Engelse woord voor wilde bertram sneezewort is.
Waarom waren dit jaar, ondanks de twee grondwespennesten in de tuin, de wespen niet lastig?
Op je foto hierboven zie je een van de twee grondnesten in de tuin van Laurens Versantvoort. De gewone wesp, zie de foto hieronder, en de Duitse wesp zijn de enige twee wespen, die grondnesten maken.
Dat de wespen dit jaar niet lastig zijn geweest, komt waarschijnlijk doordat er minder wespen waren en genoeg voedsel. De weersomstandigheden in het najaar en in het voorjaar zijn bepalend voor de hoeveelheid wespen. Gunstig weer voor wespen is voldoende koude in de winter en een droog, warm voorjaar. Dan kunnen de koninginnen goed de winter doorkomen en dus met gemak een groot nest bouwen. Zachte, wisselvallige winters en koude, natte voorjaren zijn meest fatale weersomstandigheden voor wespenkoninginnen. Dit naast koude of kletsnatte periodes in juni of juli, want die vertragen de groei van de nesten enorm of laat ze zelfs afsterven. Ongunstig voor wespkoninginnen is zacht weer, boven de 10 graden, in januari of februari. Dan ontwaken de koninginnen namelijk te vroeg uit hun winterslaap. Dan is er voor hen nog nauwelijks voedsel (nectar of insecten) te vinden, waardoor ze verhongeren of doodgaan als de vorst daarna terugkeert. Tot slot is een zachte, natte winter slecht voor allerlei insecten - dus ook wespen - omdat er dan een te hoge luchtvochtigheid is op hun overwinteringsplekken (zoals onder boomschors of in de grond). Door die hoge luchtvochtigheid zijn de wespkoninginnen zeer vatbaar voor dodelijke schimmelinfecties. Kortom: minder koninginnen, minder nesten en dus minder limonadewespen.
Waarom bijna geen rupsen van de koninginnenpage in de volkstuin?
Ans Loffeld zorgt er al meer dan vijftien jaar voor dat collega-moestuinders de rupsen van de koninginnenpage niet weggooien dus kunnen die rupsen bij die moestuin heerlijk hun buikje rond eten. Natuurlijk gaat dit ten koste van de planten, maar daarna zien de tuinders wel een van de prachtigste dagvlinders - de koninginnenpage -rondvliegen als beloning. Dit jaar zag Ans evenals haar collega-moestuinders nauwelijks koninginnenpage-rupsen. Ze vraagt zich af hoe dit kan. Allereerst wil ik melden, dat het juist goed gaat met die rupsen. Die komen steeds meer in ons land voor. Dit onder meer dankzij de klimaatverandering, maar ook dankzij het vergroenen van veel bermen met onder meer wilde peen. Waarom er dan dit jaar nagenoeg geen rupsen bij hen in de moestuin waren? Volgens mij zijn daar verschillende oorzaken voor aan te wijzen. Als eerste noem ik de zwerflust van de vrouwtjes. Koninginnenpages zijn zeer mobiele vlinders, die per dag vlot kilometers kunnen vliegen. Verbaas je niet, maar een kilometer of tien halen ze gemakkelijk. Wellicht hebben ze dus een plek gevonden waar ook wilde peen of venkel staat te bloeien en zetten ze daar de eitjes af. Kort gezegd; ze zijn niet gebonden aan één plek. Daarnaast kan het zijn, dat de weersomstandigheden op het moment van de ei-afzet niet gunstig was bij Ans' moestuin. Vrouwtjes van de koninginnenpage houden vooral van droog en warm weer. Een beetje regen op dat moment kan al voldoende zijn voor hen om weg te vliegen. Als het daarnaast tijdens de ei-afzetperiode veel regent en hard waait hebben deze grote vlinders het erg lastig om te vliegen en schuilen ze veel. Het gevolg: minder ei-afzet.

