Medeverdachten schilderijenroof niet in hoger beroep
Twee medeverdachten van de grote schilderijenroof uit het Frans Halsmuseum in Haarlem gaan niet in hoger beroep. Ze accepteren hun werkstraf die de rechtbank eerder oplegde.
Een 38-jarige man uit Boxtel kreeg de straf, omdat hij zijn huis beschikbaar stelde voor de overdracht van de vijf gestolen schilderijen. Een 61-jarige Belg werd veroordeeld voor het vervoeren van de doeken. Het hoger beroep richt zich nu alleen nog maar op de drie Bossche hoofdverdachten; zakenman Hans van Meesen en zijn zoon Rob en kunsthandelaar Ron de V. Zij kregen eerder celstraffen van tussen de 18 en 22,5 maanden opgelegd.
De roof vond plaats in 2002. Toen werden vijf werken van Hollandse meesters uit het Haarlemse museum weggehaald. De gestolen waren werden later in Boxtel en Eindhoven te koop aangeboden. De koper was een infiltrant van de politie, waardoor de verdachten tegen de lamp liepen.
De drie hoofdverdachten vragen in hun hoger beroep om een groot aantal getuigen te horen, vooral over het optreden van de politie. Zo wil advocaat Jasper van Rijsbergen van Bosschenaar Ron de V. veel politiemensen opnieuw aan het woord laten om te oordelen of de infiltratieoperatie en pseudokoop gerechtvaardigd waren.
