Ontdek
LIVEBLOG

Ex-premier Rutte volgende week gehoord • Oud-NCTV-baas: opbouw crisisstructuur moest sneller

Vandaag om 17:31 • Aangepast vandaag om 17:48

Agenda week twee: oud-premier Rutte, twee ministers, ex-topambtenaar Schoof

De tweede week van de coronaverhoren staat in het teken van de organisatie van de corona-aanpak. De complete agenda:

  • Maandag 8 juni: Hubert Bruls, voormalig voorzitter Veiligheidsberaad (10.00 uur) en directeur-generaal Samenleving en Covid-19 Mark Roscam Abbing (14.00 uur)
  • Woensdag 10 juni: Tamara van Ark, voormalig minister Medische Zorg (10.00 uur) en Wouter Koolmees, voormalig minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (14.00 uur)
  • Vrijdag 12 juni: Dick Schoof, voormalig secretaris-generaal ministerie van Justitie en Veiligheid (10.00 uur) en voormalig premier Rutte (14.00 uur)

Voormalig premier Rutte na een debat over corona in de Tweede Kamer (oktober 2020)  -  ANP
Voormalig premier Rutte na een debat over corona in de Tweede Kamer (oktober 2020)  -  ANP

NCTV-baas heeft spijt van gebruik 'wappie', overheid moet mensen serieus nemen

De voormalige NCTV-leider wordt gevraagd naar de maatschappelijke onrust die over de coronamaatregelen ontstond, niet alleen op sociale media, maar later ook met demonstraties. Het was de eerste grote crisis waar sociale media een belangrijke rol speelden en waar allerlei ongenoegen over de maatschappij naar buiten kwam.

Er was onder de betogers, bleek uit onderzoek van de NCTV, geen sprake van een eenvormige groep. "Het was een anti-elitaire beweging, maar ook ouders die zich zorgen maakten over hun kinderen die zich uitten op sociale media." Voor de overheid was het toen, maar nog steeds, belangrijk om die groepen in de samenleving "niet te verliezen", vindt hij.

Een van de lessen die Aalbersberg aan de commissie meegeeft is om bij een volgende crisis goed rekening te houden met de maatschappelijke effecten. "We moeten alle mensen aan boord houden en mensen serieus nemen."

Zelf heeft hij het woord "wappie" wel eens in de mond genomen, hoewel dat niet in officiële verslagen is terug te vinden. Aalbersberg: "Ik heb spijt dat ik het over wappies heb gehad."

'Besluiten Catshuisoverleg waren transparant'

De commissie heeft in zijn vooronderzoek weinig zicht gekregen op de zogenoemde Catshuisoverleggen, omdat informatie over die bijeenkomsten niet openbaar gemaakt zijn. In die overleggen, vaak op zondag, maakten de meest betrokken ministers afspraken over de coronamaatregelen.

Aalbersberg was daar als leider van de NCTV ook bij en krijgt er van de commissie veel vragen over. Hij weerspreekt dat de besluitvorming daar "schimmig" was. Veel onderliggende adviezen van deskundigen waren openbaar en de bewindslieden moesten in het openbaar verantwoording afleggen over hun besluiten, is zijn idee.

"Vanuit mijn perspectief was het voldoende transparant." Hij benadrukt dat de besluitvorming "zichtbaar" was. "Ik heb er een zuiver en een goed gevoel over."

NCTV Aalbersberg komt aan bij het Catshuis, oktober 2020  -  ANP
NCTV Aalbersberg komt aan bij het Catshuis, oktober 2020  -  ANP

'Opbouw crisisstructuur had sneller gekund'

Het duurde wel even voor ambtenaren van het ministerie van Volksgezondheid ervan overtuigd waren dat er bij hen een crisisstructuur moest komen, zo vertelt Aalbersberg aan de commissie. Als deskundige in crises had hij wel door dat er snel een crisisorganisatie moest komen, omdat het virus wel eens langer in Nederland kon blijven.

Maar dat idee leefde niet op het ministerie, omdat ze er daar nog niet van overtuigd waren. Bij ambtenaren en topambtenaren drong het besef niet meteen door. Aalbersberg denkt dat de opbouw van zo'n crisisorganisatie eerder van start had moeten gaan. "De eerste fase had sneller gekund."

Aalbersberg bij het verhoor  -  ANP
Aalbersberg bij het verhoor  -  ANP

Ambtenaren van VWS raakten 'uitgewoond' door ontbreken crisisorganisatie

Aalbersberg wordt gevraagd naar een interne e-mail waarin hij wees op overbelasting bij de ambtenaren van het ministerie van Volksgezondheid en op de hoeveelheid werk die de "dagelijkse ideeën van Hugo" kost, de toenmalige minister Hugo de Jonge.

Het ministerie van VWS is een zogenoemd "stelseldepartement", maakt vooral beleid en heeft in principe geen crisisorganisatie. Daardoor moesten VWS-ambtenaren opeens veel tegelijkertijd doen: nieuw beleid maken, kijken of de corona-uitvoering goed liep, werken aan allerlei brieven voor de Tweede Kamer en aan de slag met de "ideeën van Hugo".

Die brieven waren uitvoerig en de Kamerdebatten duurden lang. "Het parlementaire werk vrat de ambtenaren op." De ambtenaren raakten het eerste half jaar "uitgewoond", aldus Aalbersberg. "Ze werkten zich het snot voor de ogen."

De druk kwam niet per se alleen van Hugo de Jonge met al zijn ideeën, maar van alle kanten. Het duurde ongeveer een half jaar voor het ministerie een goed werkende crisisorganisatie had. Volgens Aalbersberg was het niet logisch om een crisisstructuur bij een ander ministerie op te bouwen dat hier meer ervaring mee had. De kennis van het onderwerp zat bij VWS, dus een loskoppeling was wat hem betreft niet handig. Hij hoopt wel dat in de toekomst bij VWS sneller zo'n crisisorganisatie wordt opgetuigd.

Aalbersberg maakte zich zorgen over zijn collega's van Volksgezondheid

Aalbersberg heeft naar eigen zeggen van de MH17-crisis uit 2014 geleerd dat mensen niet dagenlang kunnen werken. Daarom besloot de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid in de pandemie al snel om alle functies dubbel te bemannen en mensen drie dagen op, drie dagen af te laten werken.

Op het ministerie van Volksgezondheid gebeurde dat in het begin nog niet. "We zagen dat het ministerie ontzettend zijn been moest bijtrekken", vertelt Aalbersberg aan de commissie. "Ik heb me zorgen gemaakt, omdat de collega's daar ontzettend zwaar belast werden."

Zelf was hij tijdens de crisis zes dagen per week in Den Haag aan het werk. "Dat hoort bij de boegbeeldfunctie van dit ambt", zegt hij. "Mijn vervanger nam de overige taken allemaal over."

Dat toenmalig minister Bruins van Langdurige Zorg tijdens een coronadebat in de Kamer ineen zakte, was volgens hem een waarschuwing voor al die boegbeelden die dagenlang achter elkaar doorgingen. "Iedereen moet elkaar in de gaten houden", zegt Aalbersberg hierover. "Dat moet niet opeens gebeuren, dat moet je zien aankomen."

Bekijk hier het moment met toenmalig minister Bruins terug:

Aalbersberg: Nederland niet goed voorbereid op volgende crisis

Aalbersberg was naar eigen zeggen als Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid "het oliemannetje" van de crisis, waarbij hij probeerde de afstemming tussen de verschillende ministeries goed te regelen. "Soms had je maar een uur om een beslissing te nemen", vertelt hij aan de coronacommissie.

Er is altijd al gewaarschuwd voor een wereldwijde pandemie. Toch waren de draaiboeken die klaarlagen volgens Aalbersberg eigenlijk alleen maar gericht op "een enkele besmettingshaard ergens in Nederland". We zijn wat hem betreft nog steeds niet goed voorbereid op een volgende crisis, bijvoorbeeld als het gaat om voorraden. "Nederland is daar niet sterk in", zegt hij.

Daarnaast vindt Aalbersberg dat ministers ten tijde van een crisis meer macht moeten krijgen om beslissingen te nemen. "Dat hoor je eigenlijk in de wet geregeld te hebben", vindt hij. "Anders schiet je in een crisis al heel snel naar uitersten van oplossingen en noodwetgeving."

Aalbersberg las vooraf de Torentjestoespraken van oud-premier Rutte

Pieter-Jaap Aalbersberg is de laatste die deze week wordt verhoord door de commissie. Aalbersberg was Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV). De NCTV moet Nederland beschermen tegen maatschappij-ontwrichtende bedreigingen, zoals de coronacrisis.

De NCTV coördineerde de besluitvorming van de crisismaatregelen. De organisatie van Aalbersberg speelde ook een rol in de overheidscommunicatie rond corona. Aalbersberg las bijvoorbeeld de tv-toespraken van premier Rutte voordat die ze uitsprak vanuit het Torentje.

Aalbersberg waarschuwde destijds voor polarisatie van het debat. "In crises vinden mensen elkaar die soms niet één ideologie hebben, maar wel op basis van anti-overheid en op basis van complotten het eens zijn. Daar moeten we alert op zijn."

Afbeelding ter illustratie  -  ANP
Afbeelding ter illustratie  -  ANP

Verhoor met 'gepassioneerde' Van Dissel afgelopen, straks Aalbersberg (NCTV)

Het verhoor met oud-RIVM-directeur Jaap van Dissel is afgelopen. Hij zal op een later moment opnieuw door de commissie worden opgeroepen om over andere onderwerpen te praten, zoals de verdeling van mondkapjes en de avondklok.

Van Dissel wil na afloop van het verhoor, dat af en toe zeer stekelig verliep, nog wel één ding kwijt. "Als ik zo nu en dan fel en gepassioneerd overkom, is dat alleen maar omdat ik hier veel passie over voel", zegt hij tegen de commissie. "Goed om weten", reageert voorzitter Daan de Kort (VVD).

Om 14:00 uur gaat de parlementaire enquête weer verder. Dan is Pieter-Jaap Aalbersberg, die tijdens de coronacrisis Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid was, aan de beurt.

Van Dissel: 'Ego's in het Outbreak Management Team zijn niet bepaald klein'

Een van de kritiekpunten op Van Dissel is dat hij als voorzitter van het Outbreak Management Team (OMT) zoveel contact had met het kabinet, dat de medische adviezen en de politieke besluitvorming door elkaar gingen lopen. "Het is een kwetsbaar gebied', bevestigt Van Dissel.

Desondanks is volgens hem het nergens echt misgegaan. "Als dat wel het geval is, had ik verwacht dat terug te horen in het OMT. De ego's die daarin zitten, zijn bepaald niet klein."

Uit dat OMT kwam inderdaad op een gegeven moment kritiek, bijvoorbeeld omdat het overleg van het kabinet op het Catshuis vóór het moment plaatsvond dat het OMT advies uitbracht. Om dat meer van elkaar los te trekken, werd het overleg van het OMT naar voren gehaald.

De besluitvorming tijdens de coronacrisis duurde vaak een paar dagen, veel korter dan gebruikelijk. Toch duurde het Van Dissel het vaak alsnog te lang. "Dat is voor een virusbestrijder niet te pruimen. Tegelijkertijd begrijp ik dat er democratische controle moet plaatsvinden. Hoe je dat organiseert, vind ik persoonlijk heel ingewikkeld."

Van Dissel: 'Een eerdere lockdown had de boel kunnen verpesten'

Hoewel corona begin maart 2020 om zich heen greep in Noord-Brabant, vindt Van Dissel ook achteraf niet dat Nederland eerder in lockdown had moeten gaan. Het was op dat moment volgens hem onrealistisch om dat aan bijvoorbeeld Groningers te vragen, waar op dat moment het virus helemaal niet rondging.

Wél besluiten tot een lockdown, had volgens hem zelfs schadelijk kunnen zijn. "Een goede maatregel op het verkeerde moment kan de hele boel verpesten", zegt hij. "Als niemand zich er aan houdt, hoe houd je dan het vertrouwen als het gaat escaleren? Niemand gelooft je dan meer."

Ook wijst Van Dissel erop dat als Nederland echt had willen voorkomen dat het virus rondging, het land langdurig in lockdown had gemoeten. "Dat zou je hebben moeten doen totdat de vaccins er waren", vertelt hij aan de commissie. "Er was dus geen gemakkelijke oplossing."

'We vertrouwden te veel op informatie van de Wereldgezondheidsorganisatie'

Oud-RIVM-directeur Van Dissel zegt dat Nederland voor informatie te afhankelijk is van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). "Zij waren in het begin van de coronacrisis onvolledig", vertelt hij aan de commissie. "Achteraf had ik daar kritischer op moeten zijn."

Het coronavirus ging eind 2019 rond in de Chinese stad Wuhan en het was voor experts moeilijk om zicht te hebben op wat daar gebeurde. Volgens de WHO leek het op een eerdere uitbraak van het SARS-virus. Van Dissel zei op basis van die informatie dat het virus nog kon worden ingedamd.

Pas toen in Noord-Brabant allerlei mensen al positief testten terwijl ze geen klachten hadden, realiseerde hij zich dat het anders lag. "Het virus speelde zich onder de radar af", zegt Van Dissel tegen de commissie. Dat veranderde volgens hem totaal de aanpak van het virus. "Het enige wat je dan nog kan doen is de verspreiding verminderen, om ervoor te zorgen dat zorginstelling niet overstromen met patiënten."

Het gesprek tussen Van Dissel en commissielid Mutluer verloopt stekelig als zij lang doorvraagt over waarom het RIVM in maart dat jaar nog adviseerde alleen te testen bij lichte klachten. Van Dissel vindt dat de commissie de feiten daarover niet juist voorstelt.

'OMT ging niet over de maatschappelijke gevolgen'

De commissie wil weten of het OMT genoeg aandacht had voor "negatieve gevolgen" van de adviezen en uiteindelijke maatregelen die werden genomen door het kabinet. Van Dissel zegt dat het OMT in principe over het medisch-epidemiologische aspect ging, oftewel de verspreiding van het virus.

De weging van negatieve aspecten "hoorde niet in het OMT thuis", zegt Van Dissel. Volgens hem was destijds duidelijk dat maatregelen ingrepen op vrijheden. "De afweging om iets uit te voeren of niet, lag bij de politiek." De oud-voorzitter vertelt dat het Outbreak Management Team dat ook "ongevraagd" aan het kabinet heeft laten weten in een advies.

Van Dissel zegt dat bijvoorbeeld psychologen en economen niet bij het OMT moesten aansluiten, maar dat ze wel gehoord moesten worden. Uiteindelijk kwam er een Maatschappelijk Impact Team, maar dat was volgens Van Dissel rijkelijk laat.

Overigens noemt Van Dissel wel een uitzondering waar impact bij het OMT "meer speelde dan algemeen": dat ging om kinderen en jongeren die doorgaans niet erg ziek leken te worden, maar "heel erg geraakt" werden door maatregelen.

Van Dissel wil notulen Outbreak Management Team niet openbaar

De notulen van het Outbreak Management Team (OMT), dat het kabinet over het coronavirus adviseerde, zijn nooit openbaar geworden. Daardoor is het voor het grote publiek niet na te gaan welke expert op welk moment een bepaald advies gaf, of hoe een discussie tussen de leden verliep.

Jaap van Dissel, toenmalig OMT-voorzitter, is nog altijd heel erg tegen openbaarmaking. "Je wilt in alle vrijheid kunnen discussiëren en niet dat bepaalde opmerkingen diezelfde avond nog in de krant staan", vertelt hij aan de parlementaire enquêtecommissie. "Ik heb dat daarom persoonlijk tegengehouden."

Volgens Van Dissel stond in de notulen nauwelijks meer informatie dan in het uiteindelijk verslag van het OMT. En in dat verslag stond volgens Van Dissel het ook altijd als er een pittige discussie was geweest tussen de experts, of als de meningen binnen het OMT heel erg verschilden.

De leden van de parlementaire enquêtecommissie kunnen de notulen wel bekijken. De uiteindelijke verslagen van het OMT zijn voor iedereen in te zien.

'Outbreak Management Team was geen eliteclub'

Gedurende de coronacrisis was er kritiek op de samenstelling van het Outbreak Management Team (OMT), dat het kabinet tijdens de coronacrisis adviseerde. Zaten er bijvoorbeeld te veel virologen en microbiologen in, waardoor andere zaken over het hoofd zijn gezien?

Volgens Jaap van Dissel was daar misschien in het begin van de coronacrisis sprake van. "De beelden uit Italië van doodskisten in de straten heeft in het begin zeker de focus bepaald", zegt Van Dissel tegen de coronacommissie. "En dus minder op de alleroudsten in de samenleving."

Van Dissel geeft aan dat daarna al vrij snel andere disciplines aanschoven. Zo praatten specialisten ouderengeneeskunde mee toen er een bezoekverbod in de verpleeghuizen als optie langskwam.

Tegelijkertijd moest Van Dissel naar eigen zeggen ervoor zorgen dat het niet te druk werd in het OMT. "Mijn telefoon stond roodgloeiend van mensen die erin wilden", zegt hij. "Maar we waren niet exclusief en probeerden geen elitegroepje te vormen, integendeel."

Verhoor is begonnen

In Den Haag is het verhoor begonnen van Jaap van Dissel, tijdens de pandemie directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).

Kijk hier naar de livestream.

Jaap van Dissel: een van de belangrijkste gezichten in de coronacrisis

Als eerste wordt vandaag Jaap van Dissel verhoord, vanaf 10.00 uur. Hij was in de coronacrisis een van de belangrijkste gezichten van de bestrijding van het virus. Van Dissel was destijds directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Hij was ook voorzitter van het Oubreak Management Team, dat het kabinet adviseerde over maatregelen en versoepelingen.

Van Dissel was in die jaren veel te zien, bijvoorbeeld in persconferenties van het kabinet waar hij achtergrondinformatie gaf bij het beleid, en in zogenoemde technische briefings waarin de Tweede Kamer werd bijgepraat. Een bekend moment van Van Dissel is de hand die hij krijgt van premier Rutte aan het einde van een gezamenlijke persconferentie waarin handenschudden 'verboden' wordt.

Afbeelding ter illustratie  -  ANP
Afbeelding ter illustratie  -  ANP

Van Dissel werd in die tijd geroemd om zijn rustige toon en uitgebreide uitleg, maar er was ook kritiek. De Onderzoeksraad voor de Veiligheid oordeelde bijvoorbeeld dat Van Dissels openlijke twijfel aan het nut van mondkapjes ondermijnend heeft gewerkt. Hij en het OMT kregen ook de kritiek vooral oog te hebben voor virusbestrijding en minder voor andere gevolgen in de maatschappij.

In de coronatijd werd Van Dissel ernstig bedreigd, zoals meer hoofdrolspelers in die tijd. Hij gold als kop van jut voor coronasceptici en complotdenkers. Vanwege doodsbedreigingen en intimidaties aan zijn adres werd Van Dissel flink beveiligd. Drie jaar geleden ging hij met pensioen.

Het verhoor van Van Dissel is te volgen via het liveblog en de livestream in de NOS-app en op NOS.nl.

'Geef verkeerde inschattingen tijdens corona toe'

Jaap van Dissel praat de Tweede Kamer bij in 2021, tijdens de coronacrisis  -  ANP
Jaap van Dissel praat de Tweede Kamer bij in 2021, tijdens de coronacrisis  -  ANP

Nieuwsuur sprak met topwetenschappers die niet in het OMT zaten en oud-directeur Coutinho van het RIVM. Zij adviseren het RIVM om verkeerde inschattingen tijdens de coronapandemie toe te geven tijdens de corona-enquêteverhoren.

Het RIVM stelde bijvoorbeeld dat je niet besmettelijk was als je niet hoestte en nieste. Medewerkers in de ouderenzorg mochten maandenlang geen mondkapje dragen uit voorzorg. Ook beweerde het instituut dat je corona maar één keer kon krijgen, en daarna immuun zou zijn. Het RIVM was terughoudend met testen en traceren, ondanks adviezen daartoe van de WHO.

"Het is belangrijk dat adviseurs kritisch reflecteren op wat met de kennis van tóen anders had gekund", zegt Coutinho. Viroloog Jaap Goudsmit zegt dat het RIVM vaak de nadruk legde op de afwezigheid van bewijs. "Maar bij een uitbraak van een nieuw virus wacht je niet op een volledige wetenschappelijke studie. Dat komt achteraf." Volgens Goudsmit was het grootste probleem de stelligheid. Wetenschap betekent "twijfelen", anders wordt het "een religie", zegt hij.

Hoogleraar Bestuurskunde Kees van den Bos, die het vertrouwen in de overheid onderzoekt, zegt dat de regering zich te vaak verschool achter de adviseurs, "terwijl zij het ook heus niet wisten". Voor vertrouwen in de overheid is het volgens Van den Bos juist nodig onzekerheden wél te communiceren.

"Het allerzwakste was dat het RIVM nooit zei: dat hadden we fout, of dit zit toch anders", zegt Goudsmit. Hoogleraar Van den Bos zegt dat terugkomen op eerdere onjuiste beweringen cruciaal is voor vertrouwen.

Verhoren van woensdag voorbij, vrijdag verder

De verhoren van Khadija Arib (oud-voorzitter van de Tweede Kamer) en Ernst van Koesveld (hoge ambtenaar bij het ministerie van VWS) zijn klaar. De parlementaire enquête over corona gaat vrijdag weer verder.

Dan is om 10.00 uur Jaap van Dissel aan de beurt, hij was tijdens de coronacrisis directeur van het RIVM en voorzitter van het Outbreak Management Team, dat het kabinet adviseerde. Om 14.00 uur volgt Pieter-Jaap Aalbersberg, hij was in diezelfde periode Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid.

Die verhoren zijn ook weer te volgen via het liveblog en de livestream in de NOS-app en op NOS.nl.

Tijdlijn van de coronacrisis

Bekijk hier de tijdlijn van de belangrijke momenten in de coronacrisis:

Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS

'Ik heb advies OMT niet inhoudelijk beïnvloed'

In april 2020 vroeg Van Koesveld aan het Outbreak Management Team (OMT) om een advies aan te passen. Hij wilde dat er duidelijker in stond dat het "niet nodig en niet gewenst" was om in de ouderenzorg uit voorzorg mondkapjes te dragen, zoals ook het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) toen voorschreef.

Over die aanpassing van het OMT-advies is in de jaren daarna veel te doen geweest. Niet alleen beïnvloedde een ambtenaar een OMT-advies, ook paste het RIVM een paar maanden later de richtlijn aan: toen werd het advies om wél preventief mondkapjes in de ouderenzorg te dragen.

Zes jaar later vertelt Van Koesveld aan de commissie dat er in de ouderenzorg op dat moment grote behoefte was aan "glasheldere communicatie" over het wel of niet preventief dragen van mondkapjes, omdat er grote onrust over was. Maar toen Van Koesveld het OMT-advies las, vond hij maar weinig informatie erover.

Om die reden mailde Van Koesveld zijn suggestie, vertelt hij aan de commissie. "Binnen 15 minuten kreeg ik het antwoord dat ze het overnamen, want ook het OMT stond erachter", zegt hij. "Ik heb geen inhoudelijk oordeel gegeven over het advies, alleen gevraagd om heldere communicatie."

Lees hier meer over dit onderwerp:

Signalen dat mensen onnodig alleen zijn gestorven

Als iemand tijdens de coronacrisis in een verpleeghuis op sterven lag, was er een uitzondering op het bezoekverbod. Enkele mensen mochten dan langskomen om afscheid te nemen, het was aan het verpleeghuis zelf om hier invulling aan te geven.

In de praktijk leidde het bezoekverbod er in sommige gevallen toe dat, ook als iemand op sterven lag, er uit angst voor verspreiding van het virus niemand werd toegelaten. "Zijn er mensen onnodig alleen gestorven?", vraagt André Poortman (CDA), lid van de coronacommissie.

"Die signalen zijn wel binnengekomen", zegt Van Koesveld. "Toch denk ik dat de uitzondering in heel veel gevallen wel is benut."

Poortman wijst erop dat toch niet alle verpleeghuizen op de hoogte waren van de uitzondering. "Er is een praktijk ontstaan waarbij mensen door de strenge richtlijn misschien geen afscheid hebben genomen van hun geliefde", zegt hij. Hij spreekt dan ook over "een pijnlijke constatering".

Sluiting verpleeghuizen was 'loodzwaar besluit'

De sluiting van verpleeghuizen aan het begin van de coronacrisis was "een loodzwaar besluit", vertelt topambtenaar Van Koesveld aan de leden van de commissie. "Je zag dat het besluit als een steen op de maag lag van bewindspersonen. We beseften dat het zou leiden tot eenzaamheid."

Het Outbreak Management Team (OMT) adviseerde op dat moment geen bezoekverbod in de verpleeghuizen. Maar volgens Van Koesveld lag het wel in het verlengde van het OMT-advies om niet op bezoek te gaan bij oudere en kwetsbare mensen.

Daar kwam bij dat Verenso, de vereniging van specialisten in de ouderenzorggeneeskunde, het kabinet nadrukkelijk om zo'n bezoekverbod vroeg. Ook speelde mee dat het virus duidelijk aan het oprukken was in Noord-Brabant en Limburg.

Rond deze periode was er ook al een gebrek aan persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals mondkapjes, in de verpleeghuizen. Maar dat was volgens Van Koesveld "geen bepalende factor" bij het besluit om een bezoekverbod in de verpleeghuizen op te leggen.

De beurt is aan Van Koesveld, hoge ambtenaar bij het ministerie

Om 14.00 uur is het de beurt aan Ernst van Koesveld. Hij was tijdens de coronacrisis directeur-generaal bij het ministerie van Volksgezondheid, dat betekent dat hij daar een van de hoogste leidinggevenden was. Hij schoof in die rol ook af en toe aan bij het Bestuurlijk Afstemmingsoverleg, waarin op topniveau werd overlegd over de coronamaatregelen.

Afbeelding ter illustratie  -  ANP
Afbeelding ter illustratie  -  ANP

Van Koesveld ging ook over de verdeling van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals mondkapjes. Daar was in het begin van de coronacrisis een groot tekort aan, wat tot grote onrust onder zorgmedewerkers leidde: konden zij nog wel veilig werken?

Veel medewerkers in de ouderenzorg wilden die mondmaskers dragen om te voorkomen dat zij ouderen zouden besmetten. Maar volgens het RIVM was dat alleen nodig bij een coronaverdenking. Ook de brancheverzorging van de ouderenzorg droeg dit standpunt uit, berichtte Nieuwsuur eerder.

Eind september 2020, ruim een half jaar na de start van de pandemie, adviseerde het OMT dat het in verpleeghuizen toch wél nodig was om uit voorzorg mondmaskers te dragen.

Van Koesveld ging tijdens de coronacrisis ook over de bezoekregeling in verpleeghuizen. Eind maart 2020 riep het kabinet om geen oudere mensen te bezoeken, om verspreiding van het virus te voorkomen. Dat leidde bij sommige ouderen tot grote eenzaamheid.

Arib vraagt na verhoor nog het woord: ook kijken naar waarheidsvinding

Na het afsluiten van haar verhoor vraagt Arib nog even het woord. Voorzitter De Kort zegt dat dit ongebruikelijk is, maar wil haar het verzoek niet onthouden. Arib wil een punt maken door de commissie mee te geven dat hun onderzoek niet alleen moet gaan over het trekken van lessen voor de toekomst. "Ik mis de nadruk op waarheidsvinding en verantwoording afleggen, daar moeten we ruimte aan bieden." Ze zegt dat burgers en ondernemers ook willen weten waarom het kabinet deze ingrijpende besluiten heeft genomen. "Alleen dan kunnen we ervan leren."

Arib was voor haar vertrek uit de Kamer in oktober 2022 voorzitter van de Tijdelijke commissie Corona, die de parlementaire enquête voorbereidde over het coronabeleid.

Arib: Kamer was niet voorbereid op virus, maar 'heeft het heel goed gedaan'

Het laatste blokje is aan de beurt: reflectie. De voormalig Kamervoorzitter kijkt met tevredenheid terug op hoe het parlement heeft kunnen werken in de coronatijd. Het personeel en de Kamerleden hebben veel inzet getoond met het werken op 1,5 meter en het fysiek kunnen vergaderen, eerst alleen over corona, maar als het enigszins kon over meer wetsvoorstellen.

Arib vond dat Kamerleden het goede voorbeeld moesten geven en daarom konden niet 150 Kamerleden in een zaal zitten. Er werden allerlei schema's gemaakt om in kleine groepjes in wisselbeurten te stemmen en tussendoor de ruimten te laten schoonmaken. "We konden de coronaregels niet aan onze laars lappen. We hebben onze werkwijze aangepast, zonder dicht te gaan."

Arib: "Ik vind dat de Kamer het heel goed heeft gedaan. De regering heeft die plannen gemaakt, zoals de avondklok en het sluiten van de scholen, en de Kamer controleert."

Ze herhaalt dat de Tweede Kamer niet goed was voorbereid op corona. "We werden allemaal overvallen door dit virus."

Arib reageert ook op het verzoek van voormalig minister Bruins die in zijn verhoor zei dat hij in de toekomst betere afspraken wil tussen het kabinet en de Tweede Kamer over verantwoordelijkheden. Arib zegt dat het voor Kamerleden "heel lastig" was om in korte tijd aan de achtergrondstukken te komen terwijl er na een persconferentie van het kabinet de volgende dag al een technische briefing en ook soms het Kamerdebat gepland stond. "Je zou als Kamer betere afspraken moeten kunnen maken, maar de werkelijkheid is weerbarstig."

Arib krijgt vragen van de coronacommissie over de voorbereiding op de coronacrisis  -  ANP
Arib krijgt vragen van de coronacommissie over de voorbereiding op de coronacrisis  -  ANP

'Crisisplan topambtenaren mosterd na maaltijd'

De commissie gaat verder in op het opstellen van het crisisplan, waar de ambtelijke top begin 2020 mee aan de slag ging. Arib is uitermate kritisch over hun aanpak, ook omdat er allerlei tijdrovend advies werd gevraagd aan experts en consultancy. Maar daar was geen tijd voor, omdat er snel geïmproviseerd moest worden om te zorgen dat iedereen volgens de coronamaatregelen kon werken, zoals de 1,5 meter afstand-regel.

Arib prijst de inzet van het technisch personeel, de schoonmakers, de bodes en de Kamerleden. Rond april had het managementteam een crisisplan af. "Het was mosterd na de maaltijd." Het werd politiek ook niet gedragen, omdat er twee crisisteams werden voorgesteld, een voor de ambtenaren en een voor de politiek. "Je moest op dat moment handelen en dan lagen er van die dikke rapporten die in besloten ambtelijke kring waren bedacht."

Arib voelde zich "uitgeschakeld" door de ambtelijke top onder leiding van griffier Simone Roos.

Stevige druk op Arib om digitaal vergaderen of stoppen debat, 'nare periode'

De Kamervoorzitter wordt gevraagd over de eerste weken van de coronacrisis en hoe de Tweede Kamer aan het werk kan blijven. Kan er nog gedebatteerd worden in het Kamergebouw? Hoe vaak en over welke onderwerpen? En moeten Kamerleden fysiek aanwezig zijn in Den Haag of kan er ook vanuit huis gewerkt worden? De druk van allerlei partijen is stevig op Arib om niet meer fysiek vanuit de Tweede Kamer te vergaderen.

Namen van partijen wil ze liever niet noemen. Wel zegt ze: "De coalitie wilde zo min mogelijk vergaderen." In die tijd zat er een kabinet van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie. Er waren ook een onbekend aantal partijen die helemaal wilden stoppen met vergaderingen. "Die hadden ook kinderen die niet meer naar school konden of van ver kwamen."

Er was ook een wens om over te gaan op digitale vergaderingen, maar daar zag Arib duidelijk weinig in. "Je kunt niet digitaal plenair vergaderen, dat kan niet volgens de Grondwet", zei Arib, die aan staatsrechtgeleerden heeft gevraagd of dat kon. Ze had ook moeite met zulke overleggen met fractievoorzitters. "Dan zitten sommigen ongeschoren in hun pyjama op de bank."

Ze voelde in die tijd veel druk. "Het was een nare periode. Ik werd weggezet als eigenwijs of dat ik niet mee wilde werken", aldus Arib, die tevreden is dat "ze haar poot stijfhield".

Arib bleef bij haar standpunt dat het fysiek vergaderen, met coronaproofmaatregelen, moest doorgaan vanwege het "doorgaan van het parlementaire proces". Het plan werd aangenomen om in de eerste periode één keer per week fysiek naar Den Haag te komen, ook om de presentielijst te tekenen. Niet iedereen kwam. "Daar had ik heel veel moeite mee. Maar één keer per week en sommigen kwamen niet."

Arib: niet betrokken bij crisisplan om machtsstrijd met ambtelijke top

Voormalig Kamervoorzitter Arib zegt dat de Tweede Kamer geen plan had voor het geval er een pandemie zou uitbreken. Er lagen wel crisisplannen, maar die gingen vooral over veiligheid en fysieke bedreigingen van Kamerleden. "Voor een pandemie was geen plan", zegt Arib. "Het was ook nooit voorgekomen." Ze denkt wel dat de Tweede Kamer in de toekomst een plan moet opstellen. "Het is belangrijk om erover na te denken."

Toen de coronacrisis begon, is de ambtelijke top van de Tweede Kamer aan de slag gegaan met een crisisplan. Maar daar werd Arib, zegt ze, buiten gehouden. "Ik werd te weinig geïnformeerd", aldus Arib, die wijst naar het optreden van de griffier en de directeur bedrijfsvoering. "Ja, dat heb ik aangegeven. Maar daar werd niets mee gedaan."

Ze zegt dat er allemaal "koninkrijkjes" waren bij ambtelijke afdelingen. Zij wilde daar wel wat aan doen, maar ervoer naar eigen zeggen veel weerstand.

Ze benadrukt dat er een machtsstrijd was tussen de politieke tak van de Tweede Kamer, onder leiding van de Kamervoorzitter en de ambtelijke tak, onder leiding van de griffier. Uiteindelijk kwam deze machtsstrijd in 2022 tot een climax met het vertrek van Arib en het opstappen van de ambtelijke top.

Kamervoorzitter Arib aan het werk in coronatijd (2021)  -  ANP
Kamervoorzitter Arib aan het werk in coronatijd (2021)  -  ANP

Khadija Arib: van voorzitter van de coronacommissie naar getuige

Terwijl het kabinet aan het begin van de coronacrisis in hoog tempo vergaande maatregelen afkondigde, viel het werk van de Tweede Kamer grotendeels stil. Het Binnenhof was totaal niet berekend op het houden van anderhalve meter afstand, waardoor Kamerleden niet goed konden werken.

Als voorzitter van de Tweede Kamer stond Khadija Arib (PvdA) voor de uitdaging om het democratisch proces toch zo veel mogelijk door te gaan. Vanaf mei 2020 lukte dat beter, toen de Tweede Kamer weer iets meer begon te doen dan alleen de coronadebatten. Er kwamen bijvoorbeeld extra vergaderzalen en een nieuwe stemprocedure: Kamerleden stemden om de beurt, in kleinere groepen.

De coronacommissie zal Arib vandaag over deze periode ondervragen. Welke rol speelde de Tweede Kamer? En functioneerde het parlement nog wel goed?

Afbeelding ter illustratie  -  ANP
Afbeelding ter illustratie  -  ANP

Eigenlijk was het de bedoeling dat Arib vandaag aan de andere kant van de tafel zou zitten, als lid van de parlementaire enquêtecommissie. In juli 2022 werd ze tot voorzitter van die commissie benoemd. Maar toen er een paar maanden later anonieme beschuldigingen over haar gedrag als Kamervoorzitter naar buiten kwamen, stapte ze uit de Tweede Kamer en commissie.

En dus is Arib nu getuige. Zij zal onder meer worden verhoord door Daan de Kort (VVD), de huidige voorzitter van de coronacommissie.

Verhoren afgelopen, woensdag verder

De verhoren van burgemeester Mikkers (Den Bosch) en microbioloog Jan Kluytmans zijn klaar. De parlementaire enquête over corona gaat woensdag weer verder.

Dan is om 10:00 uur Khadija Arib aan de beurt, zij was tijdens de coronacrisis voorzitter van de Tweede Kamer. Om 14:00 uur volgt dan Ernst van Koesveld, die in die periode de hoogste ambtenaar was op het ministerie van Volksgezondheid.

Die verhoren zijn ook weer te volgen via het liveblog en de livestream in de NOS-app en op NOS.nl.

'Ik werd gek van de lobbybrieven en telefoontjes'

Tijdens de coronalockdowns mochten sommige bedrijven wel open en andere niet. Volgens Mikkers ontstond daar een grote stroom aan brieven en telefoontjes richting burgemeesters. "Er is geen sector die niet gelobbyd heeft, ik werd er gek van", vertelt Mikkers aan de parlementaire enquêtecommissie.

Volgens Mikkers stond bij die lobbyende bedrijven vooral het eigen belang voorop. "Het ging niet meer over de bedoeling van de maatregel en de vermindering van contact, maar over of er voor hen een uitzondering kon bestaan."

Ook uit hij kritiek op het Outbreak Management Team (OMT), de club van wetenschappers die het kabinet adviseerde. Individuele leden van dat OMT schoven regelmatig aan bij talkshowtafels, waar ze besluiten die het kabinet nam ter discussie stelden.

"Persoonlijke uitingen van leden van het OMT hielpen ons niet bij het uitleggen van de maatregelen", zegt Mikkers. "Daar hebben wij als bestuurders last van gehad". Wat hem betreft boette het OMT hierdoor vanaf januari 2022 aan gezag in.

Burgemeester Mikkers: vergeet de avondklokrellen nooit meer

Nadat het kabinet de avondklok had aangekondigd, vonden er op verschillende plekken in Nederland rellen plaats. Ook in Den Bosch, de stad waarvan Mikkers burgemeester is. Hij blikt enigszins emotioneel terug op die avond, die hij naar eigen zeggen nooit meer vergeet:

Maatregelen voor Noord-Brabant werden uiteindelijk landelijk

Volgens Mikkers zetten de Brabantse veiligheidsregio's veel druk op het kabinet om de de vergaande landelijke maatregelen die het kabinet op 15 maart nam zo snel mogelijk uit te roepen. Scholen, horeca, sportclubs, sauna's en coffeeshops gingen toen dicht.

Op de dag van die persconferentie was er veel overleg tussen het kabinet en Noord-Brabant. In de provincie liepen de ziekenhuizen in dat weekend zo snel vol, dat de veiligheidsregio's daar eigenlijk meteen al maatregelen wilden aankondigen. De persconferentie stond zelfs al gepland om 14.00 uur.

Toen belde premier Rutte met de vraag of de veiligheidsregio's de persconferentie wilden afblazen. De reden: het kabinet wilde later die dag ook met landelijke maatregelen komen. De Brabantse persconferentie werd daarop afgelast.

"Eén boodschap leek voor ons ook het beste, maar het moest van ons wel snel", zegt Mikkers. "Het kabinet wilde wel graag ons lijstje van maatregelen ontvangen, zodat die als basis kon dienen voor het kabinet. Het maatregelenpakket voor Brabant ging zo uiteindelijk voor heel Nederland gelden."

Jack Mikkers  -  ANP
Jack Mikkers  -  ANP

Mikkers stipt verder nog aan dat in het begin van de coronacrisis het nemen van dit soort vergaande maatregelen nog makkelijk ging. "Het was de honeymoonfase van corona", blikt hij terug. "De beslissingen die we namen, werden nog door bijna iedereen geaccepteerd."

Mikkers had in het begin van de crisis een "schokkende" ochtend bij de GGD

Toen het coronavirus in aantocht was, dacht burgemeester Jack Mikkers van Den Bosch goed voorbereid te zijn. "We hadden in november 2019 nog geoefend hoe om te gaan met een pandemie of gezondheidscrisis", vertelt hij aan de parlementaire enquêtecommissie. "Dat was de eerste keer."

Toen de eerste positieve coronagevallen in Noord-Brabant waren, werd hem verteld dat bron- en contactonderzoek de manier was om de verspreiding van het virus de kop in te drukken. Maar na een bezoek aan de GGD, die dat onderzoek moest doen, was volgens Mikkers duidelijk dat dat niet ging werken.

"Het was een schokkende ochtend", vertelt hij aan de commissie. "We zagen daar zo'n 30 flip-overs hangen met contacten van de patiënten. Hoe verder je kwam, hoe meer vraagtekens en onduidelijkheden er stonden. Ik ben geen wiskundige, maar ik zag dat het niet ging lukken."

Niet veel later was Mikkers duidelijk dat de coronacrisis 'chefsache' moest worden: hij vond dat de premier of zelfs de koning mensen moest waarschuwen om met ziekteklachten thuis te blijven. "Het was niet alleen een gezondheidscrisis, het was ook een boodschap van hoe Nederland met elkaar om moet gaan in een onzekere tijd", zegt Mikkers.

Straks de Bossche burgemeester Jack Mikkers

Het verhoor van Kluytmans is klaar. Als tweede vandaag verschijnt Jack Mikkers voor de enquêtecommissie. Mikkers (VVD) is sinds 2017 burgemeester van de Brabantse stad Den Bosch. Hij was als voorzitter van de veiligheidsregio betrokken bij de invoering en uitvoering van maatregelen.

Mikkers zat begin 2020 in het epicentrum van de corona-uitbraak in Nederland; carnaval bleek achteraf een belangrijke bron van verspreiding. In Brabant worden de eerste maatregelen van kracht, contacten worden beperkt, evenementen afgelast. Later volgen landelijke maatregelen.

Het verhoor van Mikkers begint om 14.00 uur.

Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS

Kluytmans: OMT had niet altijd genoeg tijd

Niet alles wat Kluytmans belangrijk vond, kreeg genoeg aandacht in de vergaderingen van het Outbreak Management Team (OMT). In het najaar van 2020 kwam bijvoorbeeld het eventueel nemen van extra maatregelen niet snel genoeg aan bod, zei het OMT-lid in zijn verhoor. Terwijl de besmettingen opliepen, omdat er die zomer versoepeld was.

In de wekelijkse OMT-vergadering was simpelweg soms niet genoeg tijd om alle punten te bespreken, mede omdat er zo veel vragen werden ingebracht door het kabinet. "Dat vonden we op sommige momenten wel knellend." Kluytmans zei dat er na opmerkingen van OMT-leden wel veranderingen werden doorgevoerd.

'Boodschappenlijstje'

Rond die tijd was er ook een ander knelpunt, memoreerde Kluytmans in zijn verhoor. Betrokken ministers hadden op zondag een bijeenkomst in het Catshuis, terwijl het OMT een dag later vergaderde over een advies. Soms voelde het alsof er een "boodschappenlijstje" uit het Catshuis kwam.

De expert herinnert zich een situatie dat uit het Catshuisoverleg op te maken was dat het kabinet de scholen niet wilde sluiten, terwijl het OMT daar nog over moest adviseren. "Ik wil los daarvan kunnen adviseren." Volgens Kluytmans is dit destijds besproken en werd daarna de volgorde van de overleggen veranderd.

Kluytmans benadrukte dat het OMT verder puur op medisch vlak moest adviseren. Maar de microbioloog vroeg zich tijdens de pandemie steeds meer af of er niet meer aandacht moest zijn voor sociaal-maatschappelijke en economische effecten van de maatregelen. Hij twijfelde of er voldoende tijd was om na te denken over een middellange- of langetermijnstrategie.

'Rutte maakte rol OMT te zwaar'

Kluytmans vindt dat de rol van het Outbreak Management Team, een adviesorgaan, te zwaar is gemaakt door het kabinet. Premier Rutte zei destijds dat die adviezen "heilig" waren. Daar had het OMT-lid zorgen over, zei hij tegen de commissie. "Een OMT brengt advies uit en het kabinet weegt dat mee."

De microbioloog wijst erop dat het kabinet moest besluiten en niet het OMT. In de adviezen stonden mogelijke maatregelen die verregaand waren; Kluytmans noemt het invoeren van een avondklok. "Als de premier dat klakkeloos overneemt, is dat zijn verantwoordelijkheid."

Rutte zei in een persconferentie in april 2020 dat een advies van het OMT heilig is. Op de vraag of alles van het OMT wordt overgenomen, zei Rutte "in principe ja". "Wat we natuurlijk altijd doen, is daar een politieke bestuurlijke discussie over voeren. Maar wij nemen tot nu toe eigenlijk dat OMT-advies daarna steeds over."

Testen is moeilijker in volgende pandemie, ziet Kluytmans

Aan het begin van corona-uitbraak testte het ziekenhuis van Kluytmans iedereen die met luchtwegklachten binnenkwam. Dat gebeurde met zelfgemaakte tests. Door het testen werd in Brabant snel de omvang duidelijk.

Door strengere Europese regels is het gebruik van zelfgemaakt tests in een volgende pandemie niet meer mogelijk, waarschuwde Kluytmans in zijn verhoor. "De standaarden zijn nu zo hoog dat eigenlijk alleen commerciële partijen dat nog kunnen."

"Dat staat haaks op wat je in een volgende pandemie zou willen", aldus Kluytmans. "De mensen die het zelf kunnen regelen, zet je buitenspel."

Kluytmans: eerdere lockdown had gescheeld, maar carnaval afgelasten was geen optie

Op vragen of het eerder instellen van een lockdown levens had kunnen redden op dat moment, antwoordde Kluytmans instemmend. "Hoe langer je wacht met een lockdown, hoe groter de verspreiding." Zonder maatregelen verdubbelde het aantal besmettingen "twee keer per week", bleek achteraf, vertelde de microbioloog.

Kluytmans wilde er geen getal op plakken, maar dat het "grote verschillen maakt in die fase staat buiten kijf". Hij tekende daarbij wel aan dat bijvoorbeeld het afgelasten van carnaval "volstrekt niet" zou zijn geaccepteerd. Corona werd destijds nog niet als grote bedreiging gezien.

Pas enkele dagen na carnaval werd de eerste besmetting in Nederland vastgesteld. Dat ging om een man die in Noord-Italië was geweest en daarna carnaval had gevierd. Het zuiden heeft volgens de microbioloog "ontzettende pech" gehad, vanwege de timing van de voorjaarsvakantie en daarna het volksfeest. "Als je infecties wilt verspreiden, is carnaval wel de meest ideale manier om dat te doen."

De eerste lockdown werd half maart ingesteld. Mensen met klachten werd gevraagd om thuis te blijven, bijeenkomsten met meer dan honderd mensen werden afgelast en er werd een oproep gedaan om thuis te werken.

'Het was één minuut voor twaalf"

De spreiding van ernstig zieke coronapatiënten over het land kwam in maart 2020 vanuit Brabants perspectief maar "net op tijd" op gang, zei arts en microbioloog Jan Kluytmans.

Anders zouden ziekenhuizen in Brabant zijn "overgelopen":

Kluytmans: in Brabant werd urgentie gevoeld

In het begin van coronacrisis was nog niet iedereen in dezelfde mate overtuigd van de urgentie. Dat zegt microbioloog en arts Jan Kluytmans tegen de enquêtecommissie. Zelf werkte hij in Brabant, waar het virus al flink verspreid was, terwijl het in andere delen van het land niet werd gevonden.

"Er waren verschillende geluiden", zegt Kluytmans, die als enige uit Brabant in het OMT zat. "In het zuiden was het volledig verspreid op grote schaal, onder de radar", zei de arts-microbioloog. "Maar collega's in andere delen van het landen vonden niets."

Kluytmans wijst op een situatie in maart 2020 waarin de landelijke GGD een inschatting naar buiten bracht dat er iets van 6000 mensen besmet waren in Nederland. Terwijl hij en zijn collega's in Brabant dachten aan 50.000. Kluytmans stelde in zijn verhoor dat het niet altijd lukte om het gevoel van urgentie over te brengen.

Superspreading

De eerste patiënt was een man uit Brabant, die voor werk in Noord-Italië was geweest. Daar ging het virus al rond. "Zorgelijk was dat de man na terugkomst nog carnaval had gevierd." Dat bleek later voor veel meer mensen te gelden, want carnaval was een 'superspreading event' geweest, waardoor Brabant en Limburg in het begin zeer zwaar zijn geraakt.

Kluytmans, die in zijn ziekenhuis als aan van de eersten veel ging testen, stelde dat zijn inschatting over de ernst van het virus vrij aardig klopte. De mate van besmettelijkheid en sterftekans bleken achteraf ongeveer zoals hij dacht.

De microbioloog haalde zijn informatie in die eerste dagen voor een deel van Twitter, het huidige X, zei hij tegen de commissie. "Pijnlijk om te zeggen, maar dat was toen nog best wel nuttig."

Jan Kluytmans wordt gehoord  -  ANP
Jan Kluytmans wordt gehoord  -  ANP

Tijdlijn van de coronacrisis

Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS

Om 10.00 uur verhoor van Jan Kluytmans

Jan Kluytmans was tijdens de coronacrisis medisch microbioloog in het Bredase Amphia-ziekenhuis. In Noord-Brabant greep het virus snel om zich heen in het begin van de pandemie, toen er nog weinig bekend was over corona.

Hij pleitte destijds voor meer testen, ook van mensen die niet in zogenoemde risicogebieden waren geweest (waar het virus al bewezen rondging). Als een van de eersten begon Kluytmans in Breda met het testen van iedereen met luchtwegklachten die het ziekenhuis binnenkwam.

In deze reportage van Nieuwsuur van begin maart 2020 vertelt Kluytmans waarom mensen getest moeten worden:

Kluytmans was ook lid van het Outbreak Management Team, het belangrijke adviesorgaan van het kabinet. Tegen vakblad Medisch Contact sprak Kluytmans in 2022 zijn twijfels uit over de OMT-structuur. "Tijdens deze crisis hadden we twee jaar lang bijna wekelijks een OMT-overleg. Je kunt je afvragen of dat bij zo'n langdurige en ingrijpende situatie de meest ideale werkwijze is."

Tegenwoordig werkt Kluytmans als hoogleraar bij het UMC Utrecht.

Afbeelding ter illustratie  -  NOS
Afbeelding ter illustratie  -  NOS

Tweede dag met verhoren

Vandaag is de tweede dag van de openbare verhoren van de parlementaire enquête over corona. Jan Kluytmans, destijds microbioloog in het Amphia-ziekenhuis in Breda, en burgemeester van Den Bosch Jack Mikkers zijn aan de beurt.

Vorige week vrijdag trapte de commissie af met viroloog Marion Koopmans en oud-minister Bruno Bruins.

Lees hier hoe dat ging: