Oliebollenkramen staan er verlaten bij nu winkels door de lockdown dicht zijn
Het zit de kermisexploitanten niet mee. Met het verkopen van oliebollen hoopten ze hun verloren jaar nog een klein beetje goed te maken. De lockdown die sinds dinsdag van kracht is gooit opnieuw roet in het eten. De kermisexploitanten mogen hun lekkernijen wel bakken en verkopen, maar nu de meeste bouwmarkten en tuincentra dicht zijn, weet amper nog iemand de oliebollenkramen te vinden.
Patricia van Reeken uit Bergen op Zoom staat met haar kraam op een door god verlaten parkeerplaats van Intratuin in Tilburg. "Mensen moeten ons gewoon weten te vinden."
Oliebollen genoeg in deze kraam bij Intratuin. Maar waar blijven de klanten?
Omzetdaling
Frank Vale die met zijn oliebollenkraam in de binnenstad van Roosendaal staat, ziet zijn omzet met tachtig tot negentig procent dalen. Enkele weken geleden begon hij vol goede moed met de verkoop van de lekkernijen. "Met de oliebollenkraam moeten we normaal gesproken de winter doorkomen. Dat gaat zo niet lukken. We moeten nog drie maanden weten te overbruggen tot hopelijk het nieuwe kermisseizoen begint."
Hij ziet zijn collega's worstelen met de aangescherpte maatregelen. "Iedereen heeft een voorraad ingrediënten ingeslagen. Hoe kunnen wij dat nu terugverdienen?" Op een andere plek gaan staan waar nog wel wat mensen komen, is er niet bij. De vergunning van oliebollenkramen is vaak al maanden geleden verstrekt.
