Melissa werkt op een cellencomplex: ‘Ik probeer arrestanten te begrijpen’

8 februari om 20:00 • Aangepast 17 februari om 02:00
nl
Dagelijks komen er nieuwe arrestanten binnen op het politiebureau in Den Bosch waar Melissa werkt. De 26-jarige arrestantenverzorger vangt de verdachte bij binnenkomst in het cellencomplex op. “De meesten zitten voor kleine strafbare feiten, maar ook de grote criminelen zitten hier. In ons cellencomplex begint hun straf.”
Profielfoto van Megan Hanegraaf
Geschreven door

Melissa had als klein meisje nooit gedacht dat ze bij de politie zou gaan werken. Haar droombaan was reclasseringsambtenaar worden in de gevangenis. Ze wilde mensen helpen die een strafbaar feit hebben gepleegd. “Mijn vader werkte ook in de gevangenis. Van kleins af aan ben ik daar mee naartoe gegaan. Ik kan niet uitleggen waarom, maar ik vind alles in die wereld zo interessant.”

Tijdens haar opleiding maatschappelijk werker liep Melissa stage in een huis van een bewaring en een gevangenis. “Toen ik 17 was, kwam ik er na mijn tweede stagedag in de PI Vught al achter dat reclasseringsambtenaar zijn niets voor mij is. Ik wilde gedetineerden echt helpen, maar als ze zelf geen kant op willen, dan houdt het al snel op.”

“Het interesseert me niet waarvoor ze in de cel zitten.”

Na haar opleiding solliciteerde Melissa bij de politie als arrestantenverzorger. “Ik ben dit werk gaan doen, omdat ik benieuwd ben naar de mens achter het misdrijf. Het interesseert me niet waarvoor ze hier zitten”, legt de 26-jarige uit. “Ik probeer te snappen waarom iemand een misdrijf pleegt. We blijven tenslotte allemaal mensen.”

Als er een nieuwe arrestant binnenkomt, hoort Melissa in principe niet waarom iemand is opgepakt. “Meestal lees ik er wel iets over in de media. Bijvoorbeeld dat iemand voor de derde keer is opgepakt voor winkeldiefstal”, vertelt Melissa. “Maar een verhaal heeft altijd twee kanten. Soms hoor ik die kant niet, maar meestal beginnen arrestanten er zelf over. Soms heeft iemand heel veel meegemaakt en dan heb je wat meer begrip.”

“Ik behandel arrestanten zoals ze zelf ook behandeld wil worden.”

Iedereen heeft vooroordelen, maar die schakelt Melissa uit. “Ik behandel arrestanten zoals ik zelf ook behandeld wil worden. Met respect.” Maar ze blijft wel de baas. “Mensen zeggen wel eens dat ze thuis politieagentje moeten spelen als de kinderen vervelend zijn. Nou dat is hier af en toe ook”, zegt Melissa lachend.

Ze gebruikt liever geen geweld, maar soms kan het niet anders. “Als een arrestant mij of een collega slaat, dan laat je dat natuurlijk niet gebeuren. Soms ben ik net vijf minuten op mijn werk en dan kan ik alweer een schoon shirt aan. Omdat ik na een vechtpartij onder het bloed zat.”

“Ik kan mijn onderbuikgevoel niet uitzetten.”

Ondanks de vervelende dingen die Melissa soms hoort of meemaakt, gaat ze ’s avonds altijd met een goed gevoel naar huis. “Ik hang mijn uniform in de kast en daarmee laat ik mijn werk hier. Als je elke dag iets mee naar huis neemt, dan houd je dit werk niet vol.”

Maar Melissa’s werk heeft wel invloed op haar privéleven. “Als ik door de stad loop, zeg ik soms tegen een vriend: pas op, daar lopen zakkenrollers. Die oplettendheid en dat onderbuikgevoel kan je niet uitzetten. Ik ben onbewust altijd bezig met mijn vak. Juist dat maakt het politiewerk zo leuk.”

LEES OOK: Zo ziet een dag in de politiecel eruit: 'Je wordt niet in de watten gelegd'

App ons!

Heb je een foutje gezien of heb je een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.