Pastoor bereidt zich voor op carnavalsmis: ‘Versier de kerk met ballonnen’
Iedereen is altijd welkom in de kerk van pastoor Pieter Scheepers in Mierlo-Hout. Maar ‘zuurpruimen’ bij de carnavalsmis wil de pastoor liever niet zien. “Daarom waarschuw ik mensen altijd van tevoren dat ze beter een andere kerk kunnen opzoeken als ze onze mis niet leuk vinden.” De pastoor bereidt zich al maanden voor op de speciale dienst die hij elk jaar houdt tijdens het carnavalsweekend in Stiphout en Mierlo-Hout.
Volgens Pieter Scheepers houden veel van zijn collega’s een carnavalsmis. Kerken kiezen daarbij hun eigen vorm: de een is uitbundiger dan de ander. Pastoor Scheepers kiest zelf voor een middenweg. Er is een gezellige fanfare, vrolijk gezang, maar er wordt niet gehost door de kerk. "Het blijft wel een kerk. Het is natuurlijk ook serieus."
"We zijn een blij geloof."
Maar de pastoor houdt van grapjes. “God lacht ook hoor. We zijn een blij geloof.” In zijn kerk mag dus gerust worden gelachen en gevierd. Hij is ook niet bang om de grenzen op te zoeken in zijn buut. "Ik leg de tekst altijd even voor aan mijn ouders. Zij wonen ook in Mierlo-Hout. En als zij iets niet goed vinden, zeggen ze: zou je dat nou wel zeggen, jongen?"
De pastoor gebruikt ook bekende grappen over de kerk die al jaren rondgaan. "Dan hoor ik ergens een leuke grap tijdens een carnavalsmis en die bewaar ik een paar jaar om later in mijn buut te gebruiken." Zijn grappen gaan over de kerk, nonnen en priesters, en regelmatig moet ook prins carnaval het ontgelden. Tijdens zijn mis is de pastoor vaak de grappenmaker, terwijl prins carnaval juist een serieuzere toon aanslaat. De rollen zijn dan een beetje omgedraaid.
"Versier de kerk gezellig met ballonnen, kies leuke liedjes en een fanfare, en dan ben je al een heel eind."
Om inspiratie op te doen kijkt Pieter Scheepers, ook broer van de bekende tonproater Rob Scheepers, graag dvd’s van oude carnavalsmissen. Ook zet hij muziek op om in de juiste sfeer te komen. "Ik ben deze buut gaan schrijven op een regenachtige zondagmiddag, terwijl hier een muziekfestival bezig was. De liedjes in mijn buut schrijf ik zelf. Vaak gebruik ik de melodie van bekende liedjes, zoals Jingle Bells. Dat kunnen mensen makkelijk meezingen."
Pastoor Scheepers houdt zich al jaren bezig met de carnavalsmis, ook toen hij nog in andere parochies werkte. "Toen ik hier kwam werken, hing er al een hemelsblauwe priestergewaad klaar van mijn voorganger." Toch begrijpt hij dat niet elke pastoor dit wil doen.
Tegelijk ziet Scheepers dat sommige nieuwe pastoors juist graag willen beginnen met een carnavalsmis. "Ik weet bijvoorbeeld van de pastoor in Liempde dat hij dat graag wilde." Voor pastoors die erover nadenken om ermee te starten, heeft hij een duidelijk advies: "Hou het simpel en doe wat bij je past. Ga geen andere pastoors nadoen, want dat werkt niet. Versier de kerk gezellig met ballonnen, kies leuke liedjes en een fanfare, en dan ben je al een heel eind."
