Zegge verloor zijn bunker, betonnen kolos week 50 jaar geleden voor snelweg

Vandaag om 10:00 • Aangepast vandaag om 11:00

Op 4 maart 1976 klinkt om één uur ’s middags een oorverdovende explosie vlak onder de rook van Roosendaal. Betonnen brokstukken en stukken vlechtmetaal vliegen metershoog de lucht in. Met de knal, die tot in de wijde omtrek te horen en te voelen is, behoort de ‘bunker van de Zeg’ voorgoed tot het verleden.

Profielfoto van Erik Peeters
Geschreven door

Marius Broos, destijds 24 jaar, legt enkele uren later de ravage vast met zijn fotocamera. Hij kende de bunker al zijn hele leven. “Ik was gefascineerd door het bouwwerk. Er waren wel meerdere kleinere bunkers in de omgeving, maar deze viel echt op vanwege de grootte. Dit soort verdedigingswerken zag je eigenlijk alleen aan de kust”, vertelt de Roosendaler.

Sinds 1944 stond de Duitse commandobunker eenzaam en verlaten langs de Rijksweg bij Zegge. Het gevaarte was zo’n tien meter in doorsnee en vijf meter hoog en torende meters boven het landschap uit.

"Tijdens de ontploffingen moest iedereen binnen een straal van driehonderd meter het gebied verlaten en werd het verkeer stilgelegd."

Halverwege de jaren zeventig werd de betonnen kolos een sta-in-de-weg bij de verbreding van de snelweg van twee naar vier rijstroken. Op 17 januari 1976 worden aan de achterzijde explosieven geplaatst en volgt een eerste proefontploffing. In de weken daarna volgen nog drie gecontroleerde explosies om het bouwwerk definitief te slopen.

 

De vierde en laatste explosie van de bunker bij Zegge (foto: Ben Steffen).
De vierde en laatste explosie van de bunker bij Zegge (foto: Ben Steffen).

“Ik kon vanwege mijn werk de explosies helaas niet met eigen ogen zien, maar ik ging later op de dag altijd kijken. Ik herinner me dat er stalen netten over de bunker waren gelegd om rondvliegend puin binnen de perken te houden. Tijdens de ontploffingen moest iedereen binnen een straal van driehonderd meter het gebied verlaten en werd het verkeer stilgelegd. Na elke explosie verzamelden ze met een shovel het puin”, vertelt Marius.

Marius Broos wijst naar de exacte plek waar de bunker stond (foto: Erik Peeters).
Marius Broos wijst naar de exacte plek waar de bunker stond (foto: Erik Peeters).

Over de bunker zelf is weinig officieel vastgelegd. “In de archieven vind je er niets over terug”, legt Broos uit, die zich later in de geschiedenis van het bouwwerk verdiepte. “Voor zover bekend ging het om een commandobunker, bedoeld voor hogere officieren om na een geallieerde aanval de bevelvoering voort te zetten.”

Volgens hem gingen de Duitsers er lange tijd van uit dat een invasie vanuit het westen zou komen. “De bunker lag strategisch: hooggelegen, naast belangrijke uitvalswegen en op voldoende afstand van de kust. Vanuit hier konden ze de omgeving overzien en zich bij gevaar terugtrekken richting het oosten.” Uiteindelijk rukten de geallieerden echter vanuit het zuiden op en is de bunker vermoedelijk nooit gebruikt.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de bouw van bunkers doorgaans uitbesteed aan Nederlandse aannemers. Arbeiders voerden onder toezicht van Duitse militairen het graafwerk uit en stortten het beton. Ook de bunker bij Zegge verrees in 1944 op die manier.

Herinnering van een politieman

De gepensioneerde politieman P. Bellanger uit Zegge beschreef een artikel in het Brabants Nieuwsblad van 11 september 1975 wat hij er zich nog van kon herinneren:   

“Ik weet nog dat er zo’n dertig à vijfendertig man toch een maand of zes aan gewerkt hebben. Dat waren mensen die van de Duitsers daaraan moesten meewerken. Het cement lag opgeslagen lag bij boer Dirven, daar vlakbij. Eén van de mannen die aan de bunker werkte, Nol de Valk, heeft heel wat cement aan de boeren in de omgeving weggegeven. Op een bepaald moment kregen de Duitsers dat in de gaten en Nol draaide een maand de bak in.”  

Op de plek waar de bunker ooit stond, ligt nu de invoegstrook van de huidige A58 vanuit Zegge richting Roosendaal. “Het is nauwelijks meer voor te stellen dat hier decennialang zo’n imposant bouwwerk heeft gestaan”, zegt Marius. “Het is ook al vijftig jaar geleden. Er zijn steeds minder mensen die het nog weten. Gelukkig heb ik de foto’s nog. Daar ben ik zuinig op.”

De commandobunker stond vlakbij de doorgaande weg (foto: Marius Broos).
De commandobunker stond vlakbij de doorgaande weg (foto: Marius Broos).
Na de laatste explosie lag de bunker volledig in puin (foto: Marius Broos)
Na de laatste explosie lag de bunker volledig in puin (foto: Marius Broos)
Om de bunker te slopen waren vier explosies nodig (foto: Marius Broos).
Om de bunker te slopen waren vier explosies nodig (foto: Marius Broos).

App ons! 👋

Heb je een foutje gezien of heb je een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.