Vermiste botten uit Deurne teruggevonden: 'Lagen keurig opgeslagen'
Het zijn ruim 370 botresten. Ze lagen eeuwenlang in een verborgen grafkelder in de Willibrorduskerk in Deurne. Maar ze raakten ‘vermist’ toen ze werden meegenomen voor archeologisch onderzoek. Nu zijn de botten teruggevonden en kunnen ze terugkomen naar de kerk in Deurne. De kerkwacht is er maar wat blij mee.
Het verhaal achter de botten is bijzonder. Ze behoren toe aan de machtige familie van Doerne, rijke landadel uit de 14de eeuw. Niemand wist dat de ‘hoge heren en dames’ van Deurne begraven waren onder het priesterkoor van de kerk. De grafkelder werd in 1964 ontdekt. Twintig jaar geleden werden ze meegenomen voor archeologisch onderzoek en raakten ze uit het zicht van de kerkwacht.
De botten zijn nu teruggevonden bij het Erfgoedhuis in Eindhoven. “De botten waren daar keurig opgeslagen”, zegt Ton Wouters van de kerkwacht. “We kregen daar te horen dat het zeker mogelijk was om de botten weer naar Deurne te halen. Daar zitten wat formele zaken aan vast maar het gaat wel lukken.”
"Gezichtsconstructie overwogen, maar is peperduur."
De botresten lagen behoorlijk door elkaar toen ze werden ontdekt in de grafkelder. Ze lagen in zogeheten knekelbakken. De kerkwacht wil de heren en dames nu een mooie plek geven. “We gaan ook kijken hoe we straks omgaan met het presenteren van de informatie over de grafkelder en de resten.” Dat zou een tentoonstelling achter glas kunnen zijn of een ‘integere’ herbegraving in de knekelbakken.
De kerkwacht heeft ook overwogen om een gezichtsreconstructie te maken met een van de gevonden schedels. “Maar dat is peperduur”, zegt Ton Wouters. “Dus als een sponsor of onderzoeksinstituut zich geroepen voelt…”
De oudste delen van de Willibrorduskerk in Deurne zijn 800 jaar oud, zoals de toren. De kerkwacht hoopt met de komst van de skeletten de kerk interessant te maken voor bezoekers. De botten zijn gedateerd en er is onderzocht of er nog nazaten zijn in Deurne. Dat bleek inderdaad het geval te zijn.
