Ontdek

Oud scheepswrak ontdekt met stoffelijke resten van tien Brabanders

Vandaag om 09:18 • Aangepast vandaag om 09:50

Voor de kust van de Filipijnen is waarschijnlijk het wrak van een Japans vrachtschip gevonden dat in 1944 ten onder ging met Nederlandse en Britse krijgsgevangenen. Aan boord waren ook tien Brabantse militairen. Ze worden ieder jaar in september herdacht in Waalre tijdens de herdenking van de Brabantse gesneuvelden. Er komt geen expeditie om de lichamen te bergen. Ze behouden hun oorlogsgraf.

Profielfoto van Willem-Jan Joachems
Geschreven door

De vondst wordt gemeld door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Het wrak van de Hofuku Maru ligt voor de kust van het eiland Zambales op ongeveer 50 meter diepte en werd gevonden door onderzoekers van de Hellship Memorial Foundation.

De Hofuku Maru vertrok op 4 juli 1944 in konvooi richting Japan en zat volgeladen met krijgsgevangenen die hadden gevochten tegen de Japanners. Deze krijgsgevangenen waren 250 Nederlanders die de kolonie Nederlands-Indië verdedigden en duizend Engelse militairen die te hulp schoten.

Een deel van de krijgsgevangenen was eerder gedeporteerd naar het vasteland van Zuidoost-Azië, zoals Thailand. Daar werden zij ingezet als dwangarbeiders bij de aanleg van de beruchte Birma-spoorlijn. Later werden krijgsgevangenen per schip, zoals de Hofuku Maru, verder vervoerd naar Japan.

Voltreffers
Op 21 september 1944 verliet het schip de haven van Manila in de Filipijnen en voer het richting Taiwan. Onderweg werd het konvooi aangevallen door Amerikaanse bommenwerpers. Twee voltreffers brachten het schip binnen twee minuten tot zinken. Een zeer klein aantal mensen overleefde de ramp.

De ramp kostte veel levens, ook uit Brabant. De namen van de tien Brabantse militairen staan sinds jaar en dag op de lijst van Brabantse Gesneuvelden. Daarop staan verzetsmensen, militairen en koopvaardijmensen uit Brabant die tijdens de Tweede Wereldoorlog, vanaf 1940, zijn omgekomen. Ze worden jaarlijks herdacht tijdens een speciale plechtigheid in Waalre die al bestaat sinds 1945.

Dit zijn de tien opvarenden van het schip:

Johannes van Berkel (32 jaar) uit Breda. Militair bij het KNIL (Koninklijk Nederlands Indisch Leger) in Bandoeng. 

Matthijs Burghout (27 jaar) uit Almkerk. Korporaal bij de Koninklijke Marine en dwangarbeider bij de aanleg van de Birma-spoorlijn.

Rien Schouw (28 jaar) uit Breda. Soldaat, eskadron gevechtswagens, in Buitenzorg.

Rien Schouw (website: Brabantse Gesneuvelden)
Rien Schouw (website: Brabantse Gesneuvelden)

 

Bert van Dinther (27 jaar) uit Nistelrode. Korporaal. Dwangarbeider bij de aanleg van de Birma-spoorlijn.

Gerardus van de Donk (28 jaar) uit Eindhoven. Infanterist in Solo op Java. Dwangarbeider bij de aanleg van de Birma-spoorlijn.

Adrianus van Gestel (31 jaar) uit Den Bosch. Veldartillerie. Dwangarbeider aan de Birma-spoorlijn.

Godefridus Govaars (37 jaar) uit Breda. Sergeant infanterie bij het KNIL. Dwangarbeider aan de Birma-spoorlijn.

Wilhelmus van Leersum (31 jaar) uit Tilburg. Korporaal. Dwangarbeider bij de aanleg van de Birma-spoorlijn.

Leonardus Theuns (32 jaar ) uit Stratum (nu een wijk in Eindhoven). Korporaal in Bandoeng.

Jan Hartman (26 jaar) uit Den Bosch. Korporaal bij de artillerie. Dwangarbeider bij de aanleg van de Birma-spoorlijn.

Jan Hartman (website Brabantse Gesneuvelden)
Jan Hartman (website Brabantse Gesneuvelden)

Het schip waarop ze zaten, was gebouwd in 1918. Het was 116 meter lang en 16 meter breed.

De lokale Filipijnse bevolking wist al dat er voor de kust een groot scheepswrak uit de Tweede Wereldoorlog lag, maar een naam ontbrak. Onlangs is door historisch en archeologisch onderzoek vastgesteld dat dit vrijwel zeker de Hofuku Maru betreft.

Het onderzoek bestond uit een combinatie van navigatieanalyses en archief-, cartografisch en archeologisch bewijsmateriaal. Momenteel ligt het wrak onder een dikke laag zand, meldt de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Oorlogsgraf
Via de Stichting Herdenking Slachtoffers Japanse Zeetransporten zijn betrokkenen, voor zover mogelijk, geïnformeerd. Op 13 september zal de stichting aandacht besteden aan de vondst tijdens de jaarlijkse herdenking in Bronbeek. Het wrak wordt als een oorlogsgraf beschouwd, waarbij grafrust wordt gerespecteerd uit eerbied voor de slachtoffers en hun families. Daarom wordt het schip niet opgegraven, maar met rust gelaten.

Er waren meer scheepsrampen in de oorlog in Azië. De bekendste is die met de Junyo Maru, in september 1944. Die werd getorpedeerd door de Britten. Naar schatting vielen er 5600 doden, onder wie zeker 32 Brabanders. Daarmee is het een van de grootste scheepsrampen uit de geschiedenis.

Lees ook

App ons! 👋

Heb je een foutje gezien of heb je een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.