Alle Tilburgse verdachten voorlopig vrij na aanslag synagoge
De twee 19-jarige Tilburgers die nog vastzaten voor hun mogelijke betrokkenheid bij de aanslag op een synagoge in Rotterdam mogen hun proces in vrijheid afwachten. De rechtbank besloot dinsdag hun voorlopige hechtenis te schorsen, mede omdat twee andere verdachten in deze zaak eerder al onder voorwaarden waren vrijgelaten. Alleen een 23-jarige verdachte blijft voorlopig vastzitten.
Tijdens de eerste voorbereidende zitting werd duidelijk dat de Tilburgers de aanslag hebben bekend. Daarna vroegen meerdere advocaten om hun cliënten vrij te laten. Volgens de raadslieden zouden de verdachten zich houden aan eventuele voorwaarden die de rechtbank aan een schorsing van hun hechtenis zou verbinden.
Het Openbaar Ministerie (OM) verzette zich tegen die verzoeken. De officier van justitie wees erop dat twee van de in totaal zes verdachten nog geen verklaring hebben afgelegd en daardoor geen inzicht geven in hun handelen. Volgens het OM is daardoor het risico op herhaling nog altijd aanwezig.
Impact op Joodse gemeenschap
Daarnaast benadrukte het OM de grote impact van de zaak op de Joodse gemeenschap. De officier sprak van feiten die 'de Joodse gemeenschap in Nederland in het hart hebben getroffen' en waarvan de gevolgen nog altijd merkbaar zijn. Ook tijdens de zitting werd gewezen op de maatschappelijke impact van de aanslag op de synagoge in Rotterdam.
Toch zag de rechtbank onvoldoende aanleiding om de twee 19-jarige verdachten langer vast te houden. Daarbij speelde mee dat het gerechtshof eerder al had bepaald dat twee andere verdachten onder voorwaarden mochten worden vrijgelaten. Daardoor was er volgens de rechtbank weinig ruimte om de twee Tilburgers anders te behandelen en moet daarin 'één lijn' getrokken worden.
Eén man wel vast
De 23-jarige verdachte uit Amsterdam blijft wel in voorlopige hechtenis. Volgens de rechtbank onderscheidt zijn situatie zich van die van de andere verdachten, onder meer omdat hij eerder in aanraking is gekomen met politie en justitie.
Wanneer de inhoudelijke behandeling van de zaak plaatsvindt, is nog niet bekend.
