Ontdek

Medewerker GGZ had seks met patiënte op intensive care en krijgt taakstraf

Vandaag om 16:06 • Aangepast vandaag om 16:35

Roger van H. (57) uit Best heeft een celstraf en een taakstraf gekregen van de rechtbank in Den Bosch. Hij had in 2019 als medewerker van de GGZ in Helmond seks met een 26 jaar jongere patiënte die hij leerde kennen op de high intensive care-afdeling. En dat is strafbaar, oordeelt de rechtbank, want Van H. 'maakte misbruik van de situatie, terwijl zij zorg nodig had vanwege zware trauma’s'.

Profielfoto van Cor Bouma
Geschreven door

Van H. kreeg een taakstraf van 180 uur en 180 dagen cel, waarvan 176 voorwaardelijk. Door deze grote voorwaardelijke straf hoeft hij van de rechter niet terug de cel in. In het vonnis is te lezen dat de rechtbank een celstraf minder passend vindt, omdat Van H. dan zijn baan en dus zijn inkomen en stabiliteit kwijtraakt.  

Van H. werkt tegenwoordig in de horeca, omdat hij zijn Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) kwijt is en niet meer in de zorg kan werken. Hierdoor heeft hij al minder inkomen en daarnaast heeft hij nog een belastingschuld. Ook vindt de rechtbank dat de zaak al heel lang geleden speelde. Dat telt mee bij het niet opleggen van een onvoorwaardelijke celstraf.

Roger van H. werkte in 2019 voor de GGZ in Helmond waar een 26 jaar jongere vrouw patiënt was. Van H. werkte al zes jaar in de zorg en drie jaar als agogisch medewerker voor de GGZ toen hij haar leerde kennen.

 

 

"Ze zat al een paar maanden bij ons op high intensive care en ik werd verliefd."

"Ze zat al een paar maanden bij ons op high intensive care en ik werd verliefd", legde hij uit tijdens de zitting. De vrouw verklaarde hem ook de liefde en ze zoenden in mei 2019 voor het eerst tijdens een wandeling. Later hadden ze ook seks.

"Ik was een sukkel en had mijn hoofd meer moeten gebruiken", zei Van H. over die periode. Nu kreeg hij een aanklacht van ontucht aan zijn broek, want seks met een patiënt is strafbaar voor een zorgverlener. Het kostte Van H. zijn baan.

Justitie verweet hem ook dat hij in 2023 en 2024, toen de twee opnieuw een relatie kregen, de vrouw heeft mishandeld en bedreigd. Maar daarvoor ziet de rechtbank te weinig bewijs.

Van H. ontkende tijdens de zitting ook alle geweld en bedreigingen. "Het was wederzijdse liefde", hield hij vol. "Zij kon mij ook niet loslaten en stond steeds weer smekend voor m’n deur. We hebben ook in 2023 even een relatie gehad. Het was inderdaad niet gelijkwaardig, maar mijn hart won het van mijn verstand."

De rechtbank legde geen beroepsverbod op of een locatieverbod. Volgens de rechtbank is dat niet nodig, omdat Van H. zonder VOG nooit meer in de zorg kan werken. Een locatieverbod voegt niets toe, omdat zowel Roger van H. als de vrouw totaal geen behoefte hebben aan contact, zo legde de rechtbank uit.

Hier lees je alle verhalen van Omroep Brabant over misdaad en criminaliteit.

Ben jij geïnteresseerd in rechtbankverhalen? Abonneer je dan op onze podcast en mis niks over criminaliteit en rechtszaken in Brabant:

Hiervan werd Roger van H. verdacht

De aanklacht: Verdachte heeft toen hij werkzaam was als agogisch medewerker op de [afdeling] van [instantie] , gedurende een periode van (bijna) twee maanden, ontucht gepleegd met aangeefster, terwijl zij op dat moment op die afdeling was opgenomen vanwege suïcidaliteit, agressieregulatieproblematiek, ernstige trauma’s en persoonlijkheidsproblematiek.

Zij was bovendien (mede) aan de zorg van verdachte toevertrouwd. Verdachte heeft meermalen geslachtsgemeenschap met aangeefster gehad en hij heeft ook meermalen met haar ge(tong)zoend. Door aldus te handelen heeft verdachte niet alleen nagelaten de noodzakelijke professionele grenzen in acht te nemen die van hem mochten worden verlangd.

Verdachte heeft ook onvoldoende rekening gehouden met de kwetsbaarheid van aangeefster en de afhankelijkheidsrelatie die aangeefster met verdachte had. De omstandigheid dat verdachte en aangeefster op enig moment een liefdesrelatie hadden en dat die nog langere tijd heeft standgehouden, maakt dat niet anders.

Verdachte heeft met zijn handelen ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke, geestelijke en seksuele integriteit van aangeefster. Dat aangeefster hier tot op de dag van vandaag gevolgen van ondervindt, blijkt uit de schriftelijke slachtofferverklaring die zij ter terechtzitting heeft voorgelezen. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan.

Lees hier de hele uitspraak. 

App ons! 👋

Heb je een foutje gezien of heb je een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.