ZLTO haalt uit naar provincie om kippenboeren: 'Wassen handen in onschuld'
De provincie gaat veel verder dan moet met het voornemen om de vergunningen van vijf pluimveehouders in te trekken, vindt boerenbelangenorganisatie ZLTO. In een verklaring komt de vereniging met een heel andere juridische blik op de uitspraak van de rechter. Waar de provincie geen andere mogelijkheid ziet dan om de bedrijven stil te leggen, vindt de ZLTO dat er veel meer ruimte is.
Kern van het geschil tussen de provincie en de ZLTO is de interpretatie van de uitspraak die de rechter eerder deed. Die stelde dat de provincie de bedrijven niet meer dan 85 procent van hun stikstofrechten mag ontnemen, met de voorwaarde dat de resterende 15 procent niet wordt gebruikt voor het houden van vee. Verder dan dit zou de provincie niet mogen gaan.
Het provinciebestuur zegt maximaal van die ruimte gebruik te moeten maken, schreef ze eerder deze week. Alleen zo kan ze aan de opdracht van de rechter om de natuur te beschermen voldoen, is het verweer. De ZLTO vindt juist dat de provincie helemaal niet zo ver hoeft te gaan en dat minder ingrijpende oplossingen mogelijk zijn.
'Ernstige tekortkoming'
De boerenbelangengroep verwijt de provincie hoe is omgegaan met de pluimveeboeren. Ze verwijst daarmee naar de gebrekkige communicatie van de provincie naar de ondernemers, een fout die de provincie zelf erkent. "Dat is niet slechts 'een ongelukkige communicatiefout'. Dat is een ernstige tekortkoming in een dossier dat voor ondernemers en hun gezinnen van existentiële betekenis is", schrijft de ZLTO.
Ook zouden Gedeputeerde Staten (het provinciebestuur) de plannen die de boeren zelf maakten om hun stikstofuitstoot terug te dringen 'terzijde schuiven', vindt de ZLTO. "De provincie probeert nu de handen in onschuld te wassen, terwijl deze ondernemers bereid zijn geweest om actief mee te werken aan oplossingen."
Alternatieve voorstellen
Over de inhoud van die plannen is weinig bekend. Wel is duidelijk dat de provincie ze niet toereikend acht om de stikstofuitstoot voldoende terug te dringen en de natuur te beschermen, zoals van de rechter moet.
"De vijf ondernemers hebben op nadrukkelijk verzoek van de provincie forse inspanningen geleverd om met alternatieve voorstellen te komen", zegt de ZLTO. "Daar hebben zij tijd, geld en energie aan besteed."
Opmerkelijk is dat de ZLTO beweert dat bij het opstellen van de plannen het 'uitgangspunt altijd was dat er sprake van een vorm van dierhouderij zou zijn'. Dit komt niet terug in de uitspraak van de rechter en ook niet in de eigen juridische onderbouwing waar de ZLTO op navraag aan refereert.
'Rigide'
De ZLTO vindt dat de provincie zich te rigide opstelt met het voornemen de vergunningen in te trekken: "De rechtbank schrijft al helemaal niet voor dat natuurvergunningen volledig of vrijwel volledig moeten worden ingetrokken."
Dat klopt, zo gaf de rechter alle betrokken partijen nadrukkelijk de oproep om samen om tafel te gaan. Ook is nergens in de uitspraak te lezen dat de provincie vergunningen in moet trekken.
Maar de rechter oordeelde ook dat 'intrekking van de natuurvergunning nadrukkelijk in beeld' kon komen, als er op korte termijn geen zicht is op andere stikstofmaatregelen, zoals landelijke stikstofplannen. Hoewel die zijn aangekondigd, laten die nog te lang op zich wachten, vindt het college.
Innovaties ontoereikend
Ook andere opties, zoals innovatieve stalsystemen bieden geen oplossing meer volgens de provincie. De ZLTO dringt er juist op aan dat deze alsnog 'serieus' onderzocht worden.
Dat de verhoudingen tussen de provincie en de boerenbelangengroep er alleen maar slechter op zijn geworden, blijkt aan het eind van de verklaring. 'ZLTO vraagt zich hardop af wat de waarde van samenwerking in bijvoorbeeld de gebiedsprocessen nog voor zin heeft', als de provincie 'het behoorlijk laat afweten op zorgvuldig bestuur, transparante communicatie, een eerlijke belangenafweging en respect voor ondernemers en burgers die afhankelijk zijn van diezelfde overheid'.
