Ontdek

Roosendaalse uitvoerders dodelijke aanslag Tarwekamp wijzen naar elkaar

• Aangepast

De twee Roosendaalse neven die de verwoestende brand in Tarwekamp in Den Haag zouden hebben gesticht, wijzen naar elkaar. Ze geven toe dat ze die bewuste nacht binnen waren in de bruidsmodezaak om de brandstichting mogelijk te maken. Maar wie precies het vuur aanstak, is onduidelijk. Dat bleek op de tweede zittingsdag over de dodelijke aanslag van bijna twee jaar geleden. De rechtbank stond op deze dag ook kort stil bij de verdrietige verhalen van de slachtoffers. 

Profielfoto van Willem-Jan Joachems
Geschreven door

Bij de aanslag vielen zes doden en vijf gewonden toen een appartementencomplex instortte. Het bleek een wraakactie van een man tegen zijn ex-vriendin die daar een bruidsmodewinkel runde.   
Opdrachtgever was Moshdag B. die lang in Roosendaal woonde. Hij huurde zijn jeugdvriend Mourad in. Die woonde bij hem in de straat.  Moshdag dacht dat zijn kameraad ervaring had  met illegale klusjes. " Stunts uithalen, vandalisme, stelen van vuurwerk."  Moshdag noemde hem "de aannemer die alles zou uitvoeren".

Benzine
Omdat de eerste poging op 1 december in Oosterhout strandde, deden ze alles over. Moshdag gebruikte het woord 'copypaste'. Ja, er waren twijfels over de enorme hoeveelheid benzine. En de waarschuwing van medeverdachte Adil dat het te riskant was in een woonwijk. Daarom haakte de Oosterhouter af, benadrukt hij zelf steeds. 

Mourad besloot door te zetten. "Het moest uitgevoerd worden".  Mourad tankte vooraf een lading jerrycans vol in België. Nog meer dan gepland. 194 liter en nog een beetje, zo kon de politie achterhalen. Samen met zijn Roosendaalse neef Ilyas sjouwde hij in de nacht van 6 op 7 december alles naar binnen in de bruidsmodewinkel. Ze gingen even weg en keerden terug. 
 
Steekvlam
Over wat er toen gebeurde, lopen de lezingen uiteen. Mourad zegt dat Ilyas de jurken zou besprenkelen. Mourad erkent wel dat hij in de kelder de tekst 'Stop met verhuur' op de muur had geschilderd, als dwaalspoor.  En dat hij de auto van de eigenaresse in brand stak.
Hij schrok van de steekvlam. "Het heeft me bijna geraakt."

Daarna werd met fakkels brandgesticht in de winkel.  Mourad wees bij de politie naar Ilyas als de brandstichter. Maar in de rechtszaal is hij minder uitgesproken.

Ilyas zegt dat hij alleen op de uitkijk stond en wijst juist naar zijn neef Mourad. "Hij wilde alles alleen doen. Dat leek hem het beste." 

Hotel
Nadat de benzine in brand was gestoken, renden ze naar een vluchtauto. Ze schrokken van de enorme dreun. "Het was zo hard dat ik dacht dat ik in een film was beland", zegt Mourad.  

Ze doken een hotel in, 'in shock' naar eigen zeggen. En ze zagen en hoorden overal hulpdiensten. De ochtend erop pakten ze de trein terug naar Roosendaal.  

Vluchten?
Intussen reisde Moshdag van Londen naar Dubai en weer terug. Om meteen een spoedpaspoort aan te vragen. Hij kocht ook zeven mobieltjes en simkaarten. De politie ziet daarin vluchtgedrag. Dat ontkent hij. De recherche was hem kort na de brand al op het spoor en was hem aan het afluisteren. Over de tap zei Moshtag tegen een medeverdachte: "Het is voor drie, vierhonderd euro vliegen en verdwijnen of het is 25 jaar zitten man." Amper drie dagen na de ramp pakte de politie hem op. 
 
Deskundigen onderzochten de brand. Waarschijnlijk is er binnen in de winkel 25 tot 40 liter benzine uitgegoten, maar het kan goed het dubbele zijn geweest.  Gezien de sporen en barsten denken ze dat de explosie uit de kelder kwam.  

Aangrijpend
Het proces wordt bijgewoond door bijna honderd nabestaanden en slachtoffers. 

De rechtbank stond donderdag wat uitgebreider stil bij hun leed. De rechters lazen fragmenten voor uit de stapels aan aangrijpende verklaringen in het dossier. 

Over het jongetje van acht dat zijn vader nog om hulp hoorde schreeuwen, maar hem niet meer levend zag. Het jongetje verloor beide ouders en zus. En er was een vrouw die urenlang onder het puin lag. Ineens kon ze met haar arm zwaaien en een kraanmachinist kon alarm slaan. De verhalen kwamen binnen. Even werd het een nabestaande te veel. Ze viel op de grond. Er klonk een gil in de rechtszaal. "Het hakt er in, maar het moet genoemd worden", zei een rechter.  

Volgende week gaat het proces verder. Dan komen de nabestaanden en slachtoffers uitgebreid aan het woord. 

Lees ook

App ons! 👋

Heb je een foutje gezien of heb je een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.

Download de app en draag het gevoel van hier altijd bij je!