Waarom de daders van drugsdumpingen bijna nooit worden gepakt

EINDHOVEN - Een auto volgeladen met drugsafval die in de fik wordt gestoken door criminelen in Eindhoven afgelopen weekend. Dat zagen we dit jaar vaker in Brabant, zoals in Best en Knegsel. Maar zoiets in een woonwijk is zeldzaam. Toch gebeurde het begin 2016 ook al een keer, ook in een Eindhovense woonwijk.

Toen brandde een bestelbusje uit in de Mantualaan, in de wijk Heesterakker. Over de omstandigheden en de achtergrond is nooit wat bekend geworden en voor zover bekend is er nooit iemand gepakt. En dat valt op bij al die dumpingen: de dader ligt op het kerkhof.  

Busjes vol drugsafval in brand
Sinds 2012 waren er in Brabant zeker acht gevallen van volgeladen bakwagens en busjes die in brand werden gestoken. Waarom dat gebeurde? Daar kun je alleen naar raden, want de bestuurder was gevlucht. Maar het gebeurde vrijwel zeker om sporen uit te wissen. Drugsproducten en dumpers willen niet dat de politie vingerafdrukken en haren van ze terugvindt.

Ook de karakteristieke blauwe tonnetjes met chemisch afval hebben zo hun unieke kenmerken en codes. Zelfs de chemische stoffen waarmee de speed of werkzame stof voor xtc zijn gemaakt, kunnen geïdentificeerd worden. Door ze simpelweg te vergelijken met andere partijen drugsafval. Daarom: de fik er in. In Best (2018) en Knegsel (2018), maar ook in Oss (2017), Nuenen (2016), Asten (2014), Heeze (2013) en Eersel (2012) kunnen ze er ook over meepraten.  

Als de brandweer het wrak heeft geblust en het gevaar is geweken, is de kentekenplaat nog altijd een aanknopingspunt, zou je zeggen. Agenten scannen die tegenwoordig gemakkelijk met hun mobieltje en komen er dan achter dat het dik in orde is.  Maar bij nader onderzoek naar chassisnummer en de kentekenhouder blijkt al snel dat de platen vals zijn (nagemaakt) of gestolen. Zo loopt een spoor bijna altijd dood.  

Overal dumpingen
Wat opvalt bij de nieuwsberichten van de afgelopen jaren: giftransporten in de fik steken, lijkt toch een Oost-Brabants fenomeen. In het midden en westen van Brabant zijn er geen recente gevallen van bekend. De gifbusjes zijn uiteraard wel een Brabantbreed fenomeen, zoals dit najaar ook in Oosterhout en Waalwijk te zien was. In de bewoonde wereld maar ook op afgelegener plekken. Of busjes die heel zichtbaar, bijna hinderlijk staan geparkeerd. Bij Hilvarenbeek vorig jaar. Een bus met meer dan zevenduizend liter drugsafval. Een bus die wel gevonden moest worden, zo leek het.  

Waar de dumpers voor vrezen, is dat iemand ze ziet. Dat ligt voor de hand. Je hebt heel wat uit te leggen als je zoiets gevaarlijks vervoert. Een crimineel zal er alles aan doen om ‘onzichtbaar’ te blijven. Mogelijk zit daar een verklaring voor de opvallende gebeurtenissen van zaterdagavond laat en zondagochtend vroeg in de Offenbachlaan in Eindhoven.  

Scenario in Eindhoven
Er is amper nog twijfel dat er in Eindhoven een verband is tussen 'wagen 1 en wagen 2'.  Beide busjes stonden dichtbij elkaar geparkeerd, geladen voor transport naar een afgelegen bospad of een andere plek waar de dumpers onzichtbaar hun werk konden doen. Maar ging een van de wagens ineens onbedoeld lekken of was het met opzet?

Er stroomde zaterdagavond duidelijk een vloeistof de goot in. Brandweer gealarmeerd, politie erbij, waterschap De Dommel. Toen de dumper dat zag, drong het besef misschien door dat de grond onder zijn voeten wel erg heet werd, met wagen twee ‘om de hoek. Of die 200 meter verderop toen al was geparkeerd, is onderwerp van rechercheonderzoek. Raakte de dumper in paniek? Is daarom besloten ‘nummer twee’ achter te laten en in de vroege zondagochtend, de wagen vol met gif ter plekke in brand te steken? 

Het is een scenario dat zeker voorbij komt, maar de politie wil momenteel daar niet op ingaan en speurt in stilte. Wat wel duidelijk wordt benadrukt : de buurtbewoners moeten iets hebben gezien, misschien stonden die wagens vaker in de wijk. De politie hoopt op belangrijke informatie, ook om herhaling te voorkomen. En vooral: om erger te voorkomen.  

]]>
Deel dit artikel: