Jongen die Megan (15) zou hebben doodgestoken staat voor de kinderrechter, maar hoe gaat dat?

12 januari om 11:55 • Aangepast 12 januari om 12:57
Persrechter Astrid de Weert in de rechtbank in Breda (foto: Imke van de Laar).
Persrechter Astrid de Weert in de rechtbank in Breda (foto: Imke van de Laar).
De dood van de 15-jarige Megan uit Breda schokte in de zomer van 2019 heel onze provincie. Het meisje werd in haar eigen huis doodgestoken. De toen 16-jarige verdachte meldde zichzelf bij de politie. Hij was een klasgenoot van het meisje. Vandaag staat de verdachte voor de kinderrechter. De zaak is niet voor publiek toegankelijk, omdat de verdachte minderjarig is. Waarom gebeurt dat en hoe gaat zo’n zaak bij de kinderrechter in zijn werk?
Profielfoto van Janneke BoschProfielfoto van Imke van de Laar
Geschreven door
Janneke Bosch & Imke van de Laar

Eigenlijk niet heel anders dan strafzaken bij volwassenen, vertelt de persrechter Astrid de Weert. “De feiten worden besproken, persoonlijke omstandigheden komen aan bod. De officier van justitie doet zijn zegje en de raadsman of raadsvrouw houdt een pleidooi.”

Een kijkje achter de schermen:

Wachten op privacy instellingen...

Toch zijn er ook opvallende verschillen. Zo zijn de ouders van de jonge verdachte aanwezig. Zij zitten voor in de zaal, naast hun zoon of dochter. Zij mogen ook het woord voeren en vragen beantwoorden. Ook is de Raad van de Kinderbescherming altijd betrokken, die maakt een rapport. Bovendien heeft de jeugdreclassering een belangrijkere rol dan de ‘gewone’ reclassering.

Privacy van het kind
Bij de start van de zitting gaan de deuren dicht en op slot. Er mag niemand bij: geen pers en geen publiek. Dat heeft te maken met de privacy van de minderjarige verdachte, legt de persrechter uit. Dat staat zo in de wet. “Dat is ter bescherming van de jeugdige verdachte. Een kind is nog volop in ontwikkeling.”

Die ontwikkeling van het kind staat ook centraal bij de eventuele straffen of maatregelen die worden opgelegd. Voor jongeren van twaalf tot en met en vijftien jaar is de maximale gevangenisstraf een jaar. Voor jongeren van zestien tot en met achttien jaar is dat twee jaar. Dat klinkt kort. De persrechter legt uit wat de gedachte daarachter is: “De wetgever gaat ervan uit dat de persoonlijkheid van een kind nog volop in ontwikkeling is. Als je dan veel langere straffen gaat opleggen, wordt die ontwikkeling doorkruist.”

Er wordt daarom vooral gekeken naar begeleiding van het kind. “Wat heeft dit kind nodig om op te groeien tot een volwassene die op het rechte pad blijft?”

Jeugd-tbs
Toch betekent dit niet dat alle jeugdige verdachten binnen een of twee jaar weer op straat staan. Er kan ook een soort ‘jeugd-tbs’ worden opgelegd. Officieel heet dat de PIJ-maatregel (Plaatsing in een Inrichting voor Jeugdigen). Net als bij ‘gewone’ tbs wordt telkens opnieuw bekeken of die maatregel verlengd moet worden.

Een zaak als die rond de doodgestoken Megan is ook voor kinderrechters uitzonderlijk. De inmiddels 17-jarige verdachte staat terecht voor moord of doodslag. Iets wat in het jeugdrecht maar weinig voorkomt. “Dit komt inderdaad niet zo vaak voor, gelukkig. Zaken in het jeugdrecht gaan vaker over mishandeling, verduistering of vernieling. Eigenlijk net zoals in het volwassenenrecht. Dit is echt een uitzondering.”

App ons!
Heb je een foutje gezien of een opmerking over dit artikel? Neem dan contact met ons op.

Wachten op privacy instellingen...